Categorie archief: Begrijpen we elkaar?

Een kostbaar telefoontje.

cc Flickr Minister-president's photostreamOnze MP heeft gebeld met de Griekse minister-president en twitterde daarna dat hij hem erop heeft gewezen dat de Grieken moeten voldoen aan alle eisen voor een nieuw programma. Een transcriptie van een paar kostbare, belasting verslindende belminuten.

R: Hi,Luc…
P: Who’s there?

R: It’s me, Mark!
P: Mark who?

R: Mark, from the Netherlands.
P: From the Neverlands?

R: No, no, from Holland.
P: Ah! You’re Dutch!

R: Yes, eh, no, I’m Mark.
P: You’re not Dutch?

R: Yes, ofcourse.
P: Well, what can I do for you, Dutchie.

R: Sorry, I’m not Dutchie, I’m Mark. The prime-minister of Holland.
P: Lucky bastard! But tell me, how did you became prime-minister? I can’t remember you’re name, so probably you’re not an ex-banker?

R: No, but I know a lot of bankers.
P: Ah, so that’s how you managed to become prime-minister!

R:No, no, I was elected, sort of…
P: Sort of, yes, that’s how things go. Now, what can I do for you?

R: I call to point you out that you have to comply with all requirements to a new program.
P: You point me out? Who do you think you are?

R: I’m Mark.
P: Yes, yes, and you’re prime-minister and you have nothing else better to do than making stupid phonecalls?

R: Well, it’s part of my job to…
P: To make lousy phonecalls?

R: Pardon me? I don’t think…
P: Exactly!

R: Exactly what?
P:You don’t think! You can’t even get your own budget straight, because of your disapointing tax revenues. That’s what you get, when you make people unemployed.

R: That’s not of your business.
P: If my unemployed people are your business, then your unemployed people are my business.

R: Hm, well, I made my point. I’m going to hang up now.
P: Oh, sorry, I didn’t ment to be that cruel to you.

R: Huh?
P: Don’t hang yourself!

R: No, I mean I have to stop this phonecall now.
P: Why?

R: My time is precious. I have more things to do.
P:  Oh? What do you do more, besides making phonecalls?

R: I have an urgent tweet to make.
P: Long live a nation in crisis, led by a prime-minister who has time for phonecalls and twitter.

Wenstijd

Julian BeeverFijne Kerst!
Dat had je al gezegd.
Oh,ik dacht tegen jou nog niet.
Jawel.
En….?
Wat en?
Nou, wat zeg jij dan?
Huh? Moet ik iets zeggen dan?

Mwah, niks moet, maar meestal zeggen mensen wel wat terug als je ze een fijne kerst wenst.
Had je mij dan een fijne kerst gewenst?
Ja, ik dacht van niet, maar jij zegt van wel.
Ik heb geen wens gehoord.
Hè? Maar je zei net….
Ja, dat je fijne kerst hebt gezegd. Ik dacht dat is òf een constatering, òf een bevel. Ik hoorde er in elk geval geen wens in.
Nou zeg, het is een manier van spreken om uit te drukken dat je hoopt dat iemand een fijne kerst heeft. Ik weet natuurlijk ook niet of dat het ook zal worden. Het kan dus nooit een constatering zijn. En een bevel? Hoe kom je erbij?
Hm, ik moest denken aan vroeger thuis. Vader zei ‘voor het eten altijd ‘eet smakelijk’, ook als het niet te vreten was. Als ik dan bijvoorbeeld zei dat ik geen spruitjes lustte en het mij dus niet zou smaken, zei-ie: jawel, dat heb ik je net opgedragen’.

Wat heeft dat nou te maken met een kerstwens?
Nou, je zegt ‘fijne kerst’. Da’s net zo kort af als ‘eet smakelijk’, niet?
Ja, en?
Dan kan het dus van alles betekenen. Als je zegt ‘ik wens je een fijne kerst’, dan is dat meteen duidelijk. Beleefder zou zijn als je het eerst even vraagt.
Wat vraagt?
Nou ,dat je bijvoorbeeld zegt: mag ik je een fijne kerst toewensen?
En dan?
Als ik dan toestemming geef, mag je die wens doen.

Man, stel je toch eens voor dat we dat allemaal zouden doen!
Lijkt me niks mis mee.
Weet je wel hoeveel tijd je dan kwijt bent?
Geen idee, is daar een probleem dan?
Zeker wel. Als ik mijn twaalf collega’s, mijn acht buren, mijn hele familie en al mijn vrienden zo moet aanspreken, wordt de kerstdrukte helemaal niet meer te behappen.
Dan doe je het toch niet?
Dat kan niet.
Waarom niet?

Dan vindt iedereen me een hork.
Oh, dus je zegt fijne kerst om leuk gevonden te worden.
Nee man, ik hoop echt dat iedereen een paar leuke dagen heeft.
Je meent het
Ja, ik meen het.
En voor iets wat je echt meent, kun je niet even de tijd nemen?
Eh…,  ik neem er toch de tijd voor?
Twee seconden. Wat zeg je als iemand jarig is?

Nou, gewoon, gefeliciteerd.
Eén seconde.
Huh?
In één seconde feliciteer je iemand. Je kan ook zeggen: joh-wat-leuk-dat-je-jarig-bent-van-harte-gefeliciteerd-en-nog-veel-mooie- en-gezonde-dagen-gewenst.
Mwah, soms zeg ik zoiets echt wel.
Als je tijd hebt.
Ik wou dat ik zoveel tijd had.
Kijk, da’s een wens!

= = = = =
Namens de voltallige redactie wens ik alle lezers even mooie tweede en derde kerstdag, als ik ze de overige 363 dagen toewens.

30 minuten presidentenpraat

DafjeObama gunt Rutte een half uur om de toestand in de polder te bespreken. Eén van de grootste pijnpunten van het Nederlandse volk bleek onderwerp van gesprek, maar niet zoals het zou moeten.

President O: “Welcome, please sit down….”
Ministerpresident R: “One moment, do you have change?”

O: “What? You start offending me? You know very well that a president has to make compromizes. It’s not up to you to judge me by the amount of change I realized”.
R:”No, no, sorry, I mean, do you have change?”

O: “I warn you, stop, or this shall be the shortest meeting a Dutch president ever had here”.
R: “Sorry sir, but I need change for the parkingmeter, otherwise I will be the only Dutch president who will be fined here”.

O: “Huh? You’re not here with a car of your ambassee? Then you can park on our site, next to the building”.
R: “No, we are working on a smaller administration. We’ve sold all the expensive automobiles and fired the chauffeurs. Even I have to travel with my own car”.

O: “What car do you ride?”
R: “An old, typical Dutch vehicle ofcourse. I came with a Daf”

O: “A Daf? Ha, ha, ha, ha, I know the Daf. In my younger hippiedays we travelled around with this Dutch shopping car. I still remember the smell of burning rubber when we did that trick of riding backwards as fast as we could”.
R: “You’ve been a hippie?”

O: “Ofcourse! I presume you once was a hippie too?”
R: “No, no, much to strange fo me”.

O: “But didn’t I once saw a picture of the Dutch president, looking like a hippie? That picture with an article about him traveling around the world and working in a kibbutz in Israel?”
R: “That was not me and certainly not the Dutch president!”

O: “Sorry man, then who whas this youngster?”
R: “Mr. Geert Wilders, we made  a deal with him”.

O: “Ah, mr. Wilders! The CIA told me….”
R: “Let’s not talk about that. Now please, do you have some change?”

O: “You need change very badly, isn’t it?”
R: “Yes. Please, please, please, give me some change!”

O: “Well, I don’t have any too. I had to hand in all my change to the Republicans. Otherwise they wouldn’t “gedogen” me. ‘Gedogen”, that’s how you call that in Dutch, isn’t it?”
R: “You are remarkably well informed, mr. President”.

O: “Yes, I dind't cut on my informationservices”,
R: “Ah, good idea, never cut on your intelligence”.

O: “So, here we are. Neither of us has any change, because we’ve had to hand it over to the ones who really rule our countries. What’ll we do now, Markie?”
R: “You want a ride in my Daf?”

Twee heren

HerenHeer 1 (voor de kijkers rechts): Ik daag je uit het Europa-pakket niet te steunen.
Heer 2 (voor de kijkers links) : Joh, trek zelf de stekker er uit.

Heer 1: Ik heb niks te trekken, want ik zit nergens in.
Heer 2: Hou dan op met gedogen.

Heer 1: Dat kan niet.
Heer 2:  Waarom niet?

Heer 1: We hebben een herenakkoord.
Heer 2: Daar staat toch in dat jullie het niet over alles eens zijn?

Heer 1: Aan je ogen mankeert niks.
Heer 2: Nou dan…..

Heer 1: Niks, nou dan. We hebben ook afgesproken elkaar te respecteren.
Heer 2: Ja, ten koste van Henk en Ingrid.

Heer 1: Van wie?
Heer 2: Henk en Ingrid.

Heer 1: Oh ja, die was ik even vergeten.
Heer 2: Ze zijn wel jouw Henk en Ingrid.

Heer 1: Ja, ja, dat weet ik heus nog wel.
Heer 2: Die worden behoorlijk genaaid.

Heer 1: Ja hoor eens, iedereen moet er wat van voelen.
Heer 2: Hé, da’s jouw tekst niet!

Heer 1: Nou en?
Heer 2: Henk en Ingrid zullen zich wel goed beroerd voelen.

Heer 1: Geeft niks, ik heb extra verplegend personeel voor ze geregeld. Ze worden goed verzorgd.
Heer 2: Ben jij er van af.

Heer 1: Als je dat zo erg vindt, waarom steun je dan al dat geld dat naar de nieuwe moslims gaat?
Heer 2: Hè? Zijn er nieuwe moslims?

Heer 1: Jawel. De Grieken!
Heer 2: Man, dat zijn helemaal geen moslims.

Heer 1: Kan zijn, maar er gaat een hoop geld aan op. En jij doet daar niks aan.
Heer 2: Waarom doe je dat zelf niet? Jij kunt toch zeggen: tot hier en niet verder?

Heer 1: Dat zeg ik ook.
Heer 2: Maar je verbind er geen consequenties aan.

Heer 1: Nee, dat mag jij doen.
Heer 2: Ik zit niet in een positie om consequenties af te dwingen.

Heer 1: Nee, jammer hè? Lekker puh!
Heer 2: Als je een vent bent, trek je de stekker er uit.

Heer 1: Ik wacht gewoon op 2012. Het jaar van de waarheid.
Heer 2: De waarheid? Was dat niet een communistisch krantje?

Het Nationale Geschenk

KadoJan de Burger (JdB) in gesprek met de Gulle Gever (MR).
JdB: Uw ruimhartigheid lijkt beloond?
MR: U bedoelt?

JdB: U geeft uw excuses en uw ontvangt ruim steun, nietwaar?
MR: Wel waar! Ja, dat was mooi. Ik heb altijd gezegd: het blijft geven en nemen.

JdB: Over geven gesproken: in maart heeft u het Nationale Geschenk aangekondigd.
MR: Ik volg u even niet…

JdB: U heeft een tijdje terug gezegd dat u dit prachtige land aan de Nederlanders terug gaat geven.
MR:  Oh dat ja. Daar werken we hard aan.

JdB: Ongetwijfeld, maar heeft u enig idee wanneer dat er van gaat komen?
MR: Ter zijner tijd.

JdB: En wanneer is dat precies?
MR: Dat moeten we nog even afwachten.

JdB: Hoezo? Wat is het probleem?
MR: We hebben een minderheidskabinet zoals u weet.

JdB: Dat is toch geen reden om het land niet terug te geven?
MR: We gaan het ook teruggeven. Maar met een minderheidskabinet gaat dat niet zomaar.

JdB: Nou, dat is toch prima? Een minderheid die het land teruggeeft aan de meerderheid?
MR: Ach, minderheid, meerderheid, dat zijn rekbare begrippen.

JdB: Ah! Daarom rekt u tijd!
MR: Nee, nee, we moeten alleen zorgvuldig zijn. We staan er immers niet alleen voor.

JdB: Huh? Een heel kabinet is niet genoeg om nou eens op de proppen te komen met dat Nationale Geschenk?
MR: U weet ook wel dat we in een gedoogconstructie zitten, waarbinnen bepaalde afspraken gelden.

JdB: Vormen die dan een belemmering om het land aan de Nederlanders terug te geven?
MR: Tja, binnen de gedoogcoalitie zijn we het roerend eens met elkaar over ‘dit prachtige land’. Er is echter een klein verschil van opvatting over de term ‘Nederlanders’. We moeten het dus eens zien te worden aan wie we uiteindelijk het land terug zullen geven.

JdB: Kunt u dat niet zelf uitmaken? U bent toch de Gulle Gever en niet uw gedoogpartner?
MR: Zeker, maar om het voortbestaan van dit kabinet te garanderen moet er met respect voor elkaar gemanoeuvreerd worden.

JdB: Ach kom, uw gedoogpartner legt u geen strobreed in de weg. Keihard tegen het sinterklaas spelen voor Griekenland en toch mag u van de gedoogpartner miljoen of vijftig meer weggeven.
MR: Juist, ziet u, het resultaat van wederzijds respect.

JdB: Ik weet niet hoeveel dit prachtige land waard vind. Hopelijk is dat wat meer dan de 50 miljoen waar u uw excuses voor heeft aangeboden. Ik denk dat de Nederlanders het zo gauw mogelijk terug willen krijgen. Uw gedoogpartner zal niet over het bedrag vallen. Waar bent u nou bang voor?
MR:  Ik ben niet bang. Sterker nog, ik ben uitermate in content.

JdB: Waarover?
MR: Ik vind het heerlijk het land eens in mijn handen te hebben. Het is een bijna niet te beschrijven, overweldigend gevoel.

JdB: Ach nee, hè. Dus we kunnen het Nationale Geschenk wel op onze buik schrijven?
MR: Nee, u krijgt het terug.

JdB: Maar wanneer dan?!
MR: Met Sint Ruttemis.

Ironische kunst teruggebracht.

ArbeiderWat in een museum hangt is kunst. Een spotprent in een museum dus ironische kunst. En zoals dat ook  met andere kunstsoorten gaat: dat wordt niet altijd goed begrepen. Het Limburgs Museum te Venlo hing een spotprent op van de tekenaar Peter van Straaten. Een bezoeker was het niet eens met de boodschap van de prent en dacht: deze spotprent kunst? Mijn reet! En nam het werkje mee naar huis.

Nu heeft de kunstdief het werk teruggebracht, met de mededeling dat hij uit protest de prent had meegenomen. Het museum heeft de mededeling voor kennisgeving aangenomen en het werk ook. Dat hangt nu weer, voor iedereen zichtbaar, aan de muur.

Ironie is een stijlfiguur, die je niet alleen in kunst kan tegenkomen. Bij cabaretiers heeft men er niet zo’n moeite mee. Het publiek verwacht van hen ironie. In beeldende kunst kan het voor problemen zorgen. Sommige deskundigen denken dat dit komt omdat er maar weinig goede verstaanders van beeldende kunst zijn. In de taal is het verstaan van ironie nog ingewikkelder. Dat geldt zeker voor de geschreven taal, waar de ironische grijns van de auteur niet zichtbaar is.
Sinds in 1580 Henry Denham de eerste ironsiche icoon bedacht, het omgekeerde vraagteken, hebben vele anderen na hem geprobeerd een ironieteken aan de geschreven taal toe te voegen. Het teken is tot nu toe nog geen gemeengoed in de geschreven taal geworden.

Zou enige aanduiding dat een object in beeld, woord of gebaar, ironisch is bedoeld, tot meer begrip leiden?
Critici vinden een ironieteken niet nodig. Zij stellen dat wie de kunst der ironie bedrijft, dat zo goed moet doen, dat het onmiddellijk als zodanig is te herkennen. Daar valt veel voor te zeggen, maar alleen de kenners van ironie zullen het zonder een ironieteken kunnen stellen. Iedereen die nog nooit heeft gehoord van ironie, of daar geen enkele ervaring mee heeft, zou er misschien mee geholpen zijn bij zijn kunstzinnige ontwikkeling.

Een ironieteken voorkomt niet dat er mensen zijn die zich aan deze stijlfiguur ergeren. Er is tenslotte een volksdeel dat het leven zo serieus neemt, dat men principieel weigert ironie te aanvaarden. Uiteraard zullen deze mensen altijd wel een keer geconfronteerd worden met enige uiting van ironie. Zij kunnen zich dan beroepen op het fundamentele recht zich te ergeren. Of dat recht zich mag manifesteren in het (tijdelijk) ontvreemden van kunstwerken, is een ethische vraag waar weinigen zich druk over maken, zolang de kunstwerken maar weer boven water komen.

Er wordt immers wel vaker kunst weggehaald. Soms als studentikoze grap, soms als grap onder invloed, maar bijna altijd komt de kunst weer terug. Zowel de Limburgse museumbezoeker, als grappenmakers, ja zelfs een crimineel met spijt, waarderen kunst blijkbaar zo, dat ze het de gemeenschap niet voor de eeuwigheid willen onthouden.

Wie vreest dat door de bezuinigingen veel kunst zal verdwijnen, begrijpt de goedlachse ironie van Mark Rutte niet. Zeker, we zullen het een tijdje zonder kunst moeten stellen, maar Rutte heeft al beloofd dat hij “die prachtige kunst aan de Nederlanders zal teruggeven”.
Jammer van die tekstverklaring. Zie het maar als ironieteken.

Begrijpen wij elkaar?

Persconf Op dit weblog kom je af en toe fictieve gesprekken tegen. Ze zijn verzameld onder de categorie ‘Begrijpen we elkaar?’. Gesprekken waar langs elkaar heen wordt gepraat, teksten verdraaid worden of taal zo letterlijk wordt genomen, dat het absurd wordt. Allemaal fictie. De werkelijkheid is soms leuker.

Na de vrijdagse ministerraad geeft Rutte een persconferentie, die vrij snel
op de website van de Rijksoverheid staat. De maandag daarop is er een linkje toegevoegd onder de foto van Rutte en klapt de uitgeschreven tekst open.
Onmiddellijk valt op dat het zeer waarschijnlijk echt om een letterlijke weergave van mondeling taalgebruik gaat. Je ziet kromme zinnen,overbodige herhalingen, onverwachte zinswendingen. Het valt ook op dat Rutte het tot het bittere eind luchtig probeert te houden. Dat is op de persconferenties van zijn plaatsvervangers wel anders.

Afgelopen vrijdag ontspon zich een dialoog, die niet zou misstaan in onze categorie Opmerkelijke Gesprekken, afdeling ‘Begrijpen we elkaar?’.
Rutte had kenbaar gemaakt dat er 2 miljard zorguitgaven omgebogen moesten worden, maar niet bekend kon maken wat dat precies gaat inhouden. Omwille van etiquette moeten we daar op wachten tot een en ander verder is doorberekend en de Kamer is ingelicht. Eerder wil Rutte er echt niks over loslaten. De verzamelde pers probeerde hem toch te verleiden. Een paar fragmenten.

WESTER De tegenvallers op de zorg worden die allemaal bij de zorg zelf, op die begroting opgevangen?
RUTTE Ik kan niets anders zeggen daarover dan ik nu verteld heb, omdat het eigenlijk zoals ik al zei sinds Thorbecke gebruikelijk is dat het kabinet rond deze tijd besluit over de aanpak van de begroting en dat werkt dan dus door in die Voorjaarsnota en in die begroting volgend jaar. (…).

WESTER Kunt u niet een klein tipje van de sluier oplichten?
RUTTE Dat kan ik niet doen. Er is gisteren door fractievoorzitters iets gezegd omdat er allerlei geruchten gingen dat het eigen risico in de zorg fors extra omhoog zou gaan of dat de huisarts onder het eigen risico zou worden gebracht. Dat zit niet in de plannen, dus dat hebben ze gemeld en dat begrijp ik ook want anders zouden die geruchten misschien een eigen leven zijn gaan leiden. Maar verder dan dat kan ik niet gaan (…)

VAN DER HEYDE Even toch een vervolg hierop, u zegt het gaat al sinds Thorbecke zo, maar is het niet volstrekt achterhaald, (…) Maar de mensen willen toch heel graag weten, wie gaat het dan wel betalen. (…)
RUTTE Ik begrijp die behoefte, respecteer ik ook volledig, tegelijkertijd is er ook een ordelijk proces van besluitvorming.

VAN DER HEYDE Het besluit is genomen toch?
RUTTE Ja, het besluit is genomen (…) En overigens, misschien mag ik nog een tipje van de sluier oplichten, was het maar 2 miljard, de tegenvaller op de zorg.

VAN DER HEYDE Het is nog meer?
RUTTE Het is nog meer.

VAN DER HEYDE Dan zijn toch de zorgen bij mensen nog groter? Want ja, u heeft dat besloten (…) dan is het daarna zo dat in de persconferentie wordt uitgelegd wat er besloten is. Waarom kan dat nu dan toch niet?
RUTTE Omdat (…) het netjes is om de Kamer gestructureerd te informeren en dat doen we dus inderdaad al een paar honderd jaar op deze manier en dat vind ik ook logisch.

VAN DER HEYDE Maar was dat niet toen ze ook nog met de postkoets uit Drenthe moesten komen.
RUTTE (…) Ik begrijp uw vraag, maar ik zou… dit kabinet vernieuwt op veel punten, maar dit zou wat al te drastisch zijn.

(…)
WESTER Nog even aanvullend, 150 jaar geleden waren er nog geen voorlichters en politiek assistenten. Bent u niet bang dat het hele verhaal, straks, de komende dagen gefragmenteerd naar buiten komt?
RUTTE Ja, dat zou kunnen, maar het zou me tegenvallen van dit kabinet, omdat tot nu toe wij (…) er altijd in slagen om dat ook op het door ons te kiezen moment te doen.

WESTER Heeft u ook iedereen verordonneerd om z'n mond te houden?R
UTTE Nou, dat is een standaardafspraak, (…)

VRAAG Maar de komende maand verwacht u geen nieuwe geruchten?
RUTTE Dat hangt er vanaf hoe goed u uw werk doet. Als u dat goed doet.. Dat is een optelsom van twee gegevens, hoe goed u uw werk doet en hoezeer wij er in slagen om toch de zaak geheim te houden tot eind mei.

WESTER (…) ik heb het volgende gerucht gehoord dat er gecompenseerd wordt daar waar er overschrijdingen zijn. Dus fors korten op het pgb, de geestelijke gezondheidszorg, de huisartsen en de medisch specialisten. Heeft u enige behoefte om dat te bespreken?
RUTTE Ja, dit gerucht heeft een omvang van n=1 en dat is te klein om daar nu nader de afspraak met de Kamer te schenden door daar nu al duidelijkheid in te verschaffen. U heeft het goed geprobeerd.

WESTER U wilt het niet bespreken?
RUTTE Nee.

VAN DER HEYDE Het gerucht gaat inderdaad, sterker nog…
RUTTE Is het al zo laat, ik moet nu weg.

Zover kwam het niet. De persconferentie ging nog enige tijd door.

VAN DER HEYDE Het gerucht gaat ook dat de tegemoetkoming voor chronisch zieken en gehandicapten (…) dat daar ook flink in gesneden wordt. (…). Heeft u behoefte om daar op in te gaan?
RUTTE Nee. Maar opnieuw, goede poging.

Het feit dat Rutte twee geruchten niet nader becommentarieerd,maar de het journaille wel complimenteert met de ‘goede poging’, wil dat zeggen dat er een behoorlijke kern van waarheid in die geruchten zit?
Wat later gooit een journalist er nog een gerucht tegenaan.

JANSEN Ik bedenk nog een ander gerucht. Er is vandaag een sprookjeshuwelijk gesloten in Engeland. (…) hier in Nederland wordt ook heel erg uitgekeken naar Koninginnedag morgen en daaromheen gaat ook een groot langlopend gerucht, namelijk dat de abdicatie aanstaande zou zijn, morgen of een dezer dagen/weken. Houdt u daar ook rekening mee?
RUTTE Mij niet bekend.

Deze keer geen ‘Nee, maar goede poging’ als antwoord. Kunnen we Rutte’s luchtige beantwoording zo lezen, dat Hare Majesteit voorlopig aanblijft en dat we ombuigingen in de zorg met vrees tegemoet mogen zien?

Even rust.

Uitgeblust Ik ga er even een paar dagen uit. Uitgeblust van de drukte ronde Blogparel, wordt het tijd bij te tanken. Een hele weelde dat ik die mogelijkheid heb. Tot woensdag is het hier dus even stil. Ik ben blij dat ik Mark Rutte niet ben. Hij moet naar Parijs om met zijn EU-collega’s knopen door te hakken over Libië. Hij mag blij zijn dat het in Borssele rustig is.

Op zijn wekelijkse persconferentie na de ministerraad stond hij uiteraard stil bij Japan. In dat kader verklaarde hij voorstander te zijn van een
stress test voor kerncentrales. Mocht die test vervelende zaken aantonen, dan wordt Borssele gesloten. Nu nog niet. Dat zij Duitse collega wel kerncentrales stil wil leggen, vindt hij merkwaardig.

Afijn, laten we eens zien of
Mark’s lach stressbestendig is. De test is gedaan en er blijken bekende conclusies uit voort te komen.
Mark: “Ha, ha, ha, ja, dat wisten we al”.
Stresstestdeskundige: “Dus nu gaat de zaak dicht?”

Mark: “Hi,hi, hi, je bent een leuk mannetje!”
Stresstestdeskundige: “Maar gaat-ie nou dicht of niet?”

Mark (wordt even bloedserieus): “Eh… waarom dan?”
Stresstestdeskundige: “Nou, als er iets misgaat, dan gaat het ook goed mis”.

Mark (grijnst): “Maar dat wisten we toch al?”
Stresstestdeskundige: “Ja, ik verbaas me er dan ook over dat je doodleuk nog een nieuwe kerncentrale erbij wilt”.

Mark: “Jaha, ha, ha, werkgelegenheid en zo, hè?”
Stresstestdeskundige: “Ja, voor de begrafenisondernemers”.

Mark (gniffelt): “Ook dat, ja, ook dat”
Stresstestdeskundige: “Dus?”

Mark: “Hm, ha, ha, niks dus. Je zegt zelf, ALS er iets misgaat. Maar er gaat niets mis, hè?”
Stresstestdeskundige: “Nou, die stresst test wijst uit dat…”

Mark (buldert hilarisch): “Maar man, neem jezelf toch niet zo serieus! Een stress test, la-me-nie-lachen! Dat is een volstrekt fictief gebeuren. Je rekent uit wat er kan gebeuren als er wat mis gaat en ja, dan krijg je uitkomsten die alleen aan de orde zijn als er echt iets misgaat”.
Stresstestdeskundige: “Dat wil je toch ook voorkomen?”

Mark: “Ha,ha, ha, man! A. Wij hebben geen aardbevingen. Ja, af en toe
in het noorden, maar daar gaan we alleen maar CO2 en kernafval opslaan. B. Wij hebben geen tsunami’s, wat welke gek daar ook over zegt en C. Als er dan toch iets misgaat, hebben wij een prima rampenplan”.
Stresstestdeskundige: “Je bedoelt die crisisvoorbereiding van de bevolking?”

Mark: “Juist, ja!”
Stresstestdeskundige: “Waarin staat dat de bevolking de instructies van de overheid moet opvolgen?“

Mark: “Jahaaa! Dat zouden ze so-wie-so altijd moeten doen, maar bij een ramp helemaal”.
Stresstestdeskundige: “Stel dat tv, radio, mobieltjes en al dat spul nog werken, wat ga jij dan zeggen, als het misgaat?”

Mark: “Ha, ha, ha,, ha, ha, dat weet ik heus wel, hoor! Eens even kijken, wat staat er ook alweer in mijn rampspeech…, hier. Ik zeg gewoon dat ze het met een korreltje zout moeten nemen. Dat schijnt goed
tegen de straling te zijn”.
Stresstestdeskundige: “Ik heb genoeg gehoord”.

U snapt, een ramp is één ding, een wereldleider (zo werd Rutte hier in de Volkskrant genoemd) is een andere.
Tot woensdag!

Censuur! Censuur!

Censuur Majesteit heeft een benauwde kerst gehad, blijkt nu bekend is geworden dat De Premier haar de mond zou hebben gesnoerd. “Ze heeft allerlei dingen niet kunnen zeggen die ze wou zeggen, omdat de PVV het daar niet mee eens zou zijn”, zo wordt Huub Oosterhuis in diverse media geciteerd, naar aanleiding van een interview met de ‘royalty watchers’ van de EO.

De belhamels van klokkenluidersclub Winiliegt hebben de tape laten lekken van een gesprek tussen de Premier en Majesteit, voorafgaand aan de kersttoespraak. Nee, niet de tape waarmee de mond zou zijn gesnoerd, maar de bandopname waarmee het gesprek is afgeluisterd. Hier een gedeelte uit dat gesprek.

Premier: “Zo mevrouw, is het een beetje gelukt met de tekst?”
Majesteit: “Wil je me aanspreken met Majesteit? Je komt net kijken als premier, dus meer respect!”

Premier: “Excuus. Ik dacht, we kennen elkaar toch langer en….”
Majesteit: “Denken is niet je sterkste kant en ja, we kennen elkaar langer. Dus ik heb je wel door, snotneus. Eerbiedig in ieder geval de constitutionele afstand, wil je?”

Premier:”Juist. Blieft u een kopje thee?”
Majesteit: “Je kent me toch langer, zei je?”

Premier: “Okee, okee, ik zal even voor de jenever bellen. Vertelt u ondertussen eens, wat het gaat worden met kerst?”
Majesteit: “Ik maak me zorgen. En niet de gebruikelijke obligate zorgen. Neen, ik wil Het Volk waarschuwen”.

Premier: “Nou, ik denk niet ….”
Majesteit: “Goed zo! Volhouden!”

Premier: “Ik bedoel, ik zie geen aanleiding voor grote zorgen. Leest u eens voor wat u zo in gedachten had, alstublieft”.
Majesteit (zucht diep): “Lieve onderdanen, zo langzamerhand hebben Wij meer dan genoeg van dat enge kereltje dat in zijn egocentrische hoogmoed….”

Premier: “Ho,ho, Majesteit. U kunt zo niet over Maxime….”
Majesteit: “Maxime? Maxime?! Hoe kom jij erbij dat ik het over Verhagen heb? Lekkere samenwerking hebben jullie, als jij hem een eng kereltje vindt”.

Premier: “Sorry. Begint u nog eens. Die zucht moet u er in houden. Die doet het altijd geweldig”.
Majesteit (zucht nog eens): “Dat stuk onbenullig blond haatzaaiertje, splijt de samenleving…”

Premier: “Wacht eens even…”
Majesteit: “Hoezo? Iets mis met mijn dictie?”

Premier: “Nee, u bent duidelijk. Maar dat kunt u niet zeggen”.
Majesteit: “Twijfelt u aan mijn spraakvermogen?”

Premier (zucht ontzettend diep)
Majesteit: “Hee, da’s plagiaat!”

Premier: “Majesteit, u kunt dat niet zeggen. Daar krijgen we de grootste moeilijkheden mee”.
Majesteit: “Kan zijn, maar ik wil nu eens openhartig de waarheid spreken”.

Premier: “Luister, die etterbak had vorig jaar…”
Majesteit: Ha! Dus jij vind hem ook een minkukel!”

Premier: “Majesteit, ik heb daar niets meer in te vinden. U weet ook wel hoeveel mensen op hem stemmen en we mogen god op onze blote knietjes bedanken dat hij ons gedoogt”.
Majesteit: “Ik ben volkomen op de hoogte. Ik mag dan majesteit zijn, ik ben niet achterlijk. Jullie hebben toch in de regeringsverklaring op laten nemen dat jullie verschillend denken over het bashen van een deel van Het Volk?”

Premier: “Ja, ja, maar dat kunt u toch benoemen met termen als ‘wederzijds respect’ en ‘vrijheid van meningsuiting’?”
Majesteit: “Nou, hij heeft anders geen enkel respect voor mijn meningsuiting. En dat ga ik hem nu eens flink inpeperen!”

Verder op de tape blijkt dat de aangerukte jenever haar uitwerking niet heeft gemist. Majesteit’s standvastigheid wankelt. De premier heeft nog heel wat geschrapt en geschaafd, moest een paar keer dreigen zijn ministeriële verantwoordelijkheid uit te oefenen door bezuinigingen op het vorstendom op te voeren, maar majesteit ging uiteindelijk akkoord met:

“Uiteenlopende opvattingen horen natuurlijk bij een open samenleving. We kunnen de verschillen niet ontkennen maar moeten ze zien als startpunt voor maatschappelijke dialoog. Het is niet nodig elkaar te overtuigen om elkaar te verdragen. Dát is de basis van wederzijds respect”.

De inspanningen van de premier hebben geholpen. In plaats
van woede, wist het gecensureerde onderwerp zich in te houden en volstond met een smalende reactie.

De rol van de Koningin.

Monarchie De Tweede Kamer debatteert over de rol van de Koningin.

Minister-president: “Ik wil de geachte afgevaardigden er wel op wijzen, welke belangrijke rollen ons staatshoofd voor dit land speelt”.
Afgevaardigde 1: “Ah, u geeft dus toe dat het maar een spelletje is”.
Afgevaardigde 2: “Rollen, zei u? Rollen? Om hoeveel rollen gaat dat in hemelsnaam dan wel?”
Afgevaardigde 3: “Ja, ja, uit de kassarolletjes van commissie Zalm bleek al hoe duur dat theater is”.

Minister-president: “Ik geef niks toe. En, om maar eens een rol te noemen, zonder de koningin zouden wij geen monarchie zijn. Tevens wijs ik er op dat wij voornemens zijn op theater te bezuinigen”.
Afgevaardigde 1: “U geeft niks toe. Mooi, dat betekent dat u er ook niks aan afdoet”.
Afgevaardigde 2: “Maar wilt u dan de hoofdrollen van de bijrollen scheiden?”
Afgevaardigde 3: “En wat gaat dan de Rutte-norm voor een staatshoofd worden?”

Minister-president: “Ik ga hier geen woordspelletjes spelen. De monarchie is een rol, daar valt niets in te onderscheiden. En wat normen betreft: wij geloven in zelfregulering. De Koningin is prima in staat zichzelf te reguleren”.
Afgevaardigde 1: “Woordspelletjes? Maar wij worden toch geregeerd in naam van de Koningin? Als wij slechts in naam worden geregeerd, lijkt mij de conclusie gerechtvaardigd dat het maar een spelletje is”.
Afgevaardigde 2: “U bedoelt dat linten knippen even belangrijk is als lintjes uitdelen?”
Afgevaardigde 3: “Hoorde ik u nou zeggen dat de Koningin in prima staat is? Hoe komt dat? Mogen wij weten hoeveel onderhoudskosten daarmee gemoeid zijn?”

Minister-president: “Ik kan u wel zeggen dat ik het een hele eer vindt, in naam van de Koningin te regeren. Verder moet u de Koningin als één belangrijke rol zien. En afgevaardigde 3 raadt ik aan zijn oren beter te onderhouden”.
Afgevaardigde 1: “Gaat u mij nu vertellen dat u naar de pijpen van mevrouw de monarch danst?”
Afgevaardigde 2: “Nou ja zeg. Decorum is toch niets meer dan een rol behang? Dat noemt u belangrijk?”
Afgevaardigde 3: “Ik laat in ieder geval mijn oren niet hangen naar een rolmodel”.

Minister-president: “Ik kan u geruststellen. Ik kan absoluut niet dansen. En de rol van Hare Majesteit houdt de natie bij elkaar. Een rol waar afgevaardigde 3 nog een voorbeeld aan kan nemen”.
Voorzitter: “Geachte afgevaardigden, genoeg gezegd. Er staat nog meer op de rol, dus laten we overgaan tot stemming. Wie wil de rollen omdraaien?”

Voorzitter: “Met 24 stemmen voor, blijft de rol van de Koningin staan. We gaan over tot de orde van de dag”.