Tagarchief: armoedebestrijding

Landmeters ten strijde tegen armoe

LandmeterHet Kadaster bestaat 175 jaar en gaat dat aanstaande donderdag vieren met een symposium over kadastrale armoebestrijding. Tegelijkertijd voert het een wervingscampagne om aan landmeters te komen.
De landmeter kent u wel. Mensen die door een kijkertje staan te gluren naar een paaltje verderop, hooggehouden door een collega. Voor een leek is het volstrekt onduidelijk wat ze nou staan te doen. Vooral ook omdat ze vaak kris kras op straat hun meetpunten schijnen te nemen.

Zij weten wel beter. Een straat, een heg of hek geeft voor ons duidelijke grenzen tussen gebieden, wijken en huizen aan. Toch zijn dat niet altijd de echte grenzen. Die zijn voor ons op straat onzichtbaar, maar in het kadaster kunt u zien hoe de lijntjes echt lopen. Soms dwars door huizen, bomen, vijvers, spoorwegen en kruispunten.

Het kadaster houdt de lijntjes bij die het grondbezit aanduiden. Tegen een kleine vergoeding kunt u zelf zien of uw woning keurig binnen een vastgesteld gebiedje ligt of dat onder uw vloer de grond eigenlijk verdeeld is tussen twee eigenaren. Zulke informatie kan nuttig zijn bij conflicten die ontstaan als de buurman zijn schuurtje uit wil bouwen of als een vastgoedontwikkelaar ineens plannen heeft met uw volkstuintje.

Sinds Napoleon verordonneerde dat ook dit land keurig in kaart gebracht moest worden, houdt het kadaster dat dus allemaal bij. Maar ja, Napoleon is niet overal ter wereld geweest en menig land kent zulke keurige kadastrale gegevens niet. Dat kan in armere landen leiden tot onenigheid tussen overheid, projectontwikkelaars en lokale boeren. Die boeren kunnen vaak niet aantonen dat hun lapje grond al vanaf hun groot-grootouders familiebezit is en worden vervolgens verjaagd om plaats te maken voor de megalomane plannen van overheden die hun arme natie in de vaart der groeiende economie willen opstuwen.

Nu is het in onze ontwikkelingshlup al een tijdje gewoonte om niet zomaar geld in een arm land te pompen maar diensten en kennis te leveren, zoals de expertise van het Kadaster. Op het feestelijke symposium zal het Kadaster de stelling poneren dat grondbezit de basis is voor welvaart en welzijn.

Het Kadaster biedt al enige tijd hulp aan de opbouw van een kadaster in India en China. Het zal niet alleen aan het Kadaster gelegen hebben dat die twee landen nu aan een aardige economische opmars bezig zijn en de vraag is dan ook wat het Kadaster daar nog doet. Wel, zoals wel vaker het geval bij ontwikkelingshulp, werkt het Kadaster eigenlijk mee aan “het veiligstellen van economische belangen. Het mensenrechtenaspect voert weliswaar de boventoon, maar op termijn is een goedwerkend kadaster ook gunstig voor het Nederlandse bedrijfsleven. Volgens Peter Ho zouden ook Nederlandse en Chinese vastgoedbedrijven bij dit project betrokken kunnen worden. Een aardig detail is het feit dat het Nederlandse ministerie van Economische Zaken het project deels financiert”. Aldus Mirjam Vossen in een artikel op indianet.com.

Wat de betekenis ook moge zijn van 175 jaar kadaster, het heeft niet kunnen tegenhouden dat het rijke westen zich van een agrarische naar een industriële maatschappij heeft ontwikkeld. Het heeft de groei van de bevolking niet kunnen reguleren. Daar gaat het Kadaster ook helemaal niet over. Net zo min als het Kadaster hier of in China helemaal geen invloed heeft op bescherming van de zo nodige natuurgebieden of behoud van landbouwgrond. Het Kadaster brengt die grond in kaart en als een regering of projectontwikkelaar het nodig vind wat aan die kaart te veranderen, dan gebeurt dat ook.

India en China zullen dus doorgroeien en met dezelfde problemen geconfronteerd worden die wij ook kennen: vinexlocaties in het groene hart, expansie van bedrijfsterreinen die op gegeven moment grotendeels leegstaan en van mileuproblemen heeft men inmiddels al genoeg last.

Het is mooi en ongetwijfeld goed bedoeld dat het Kadaster een steentje wil bijdragen aan de armoedebestrijding. Maar het Kadaster overschat haar rol en al werft men een heel leger aan armoe bestrijdende landmeters, de hebzucht van mensen is te groot om op een keurige kaart vast te leggen.

Laat ik het Kadaster dan ook van harte feliciteren en voor haar verjaardag de 9e nominatie voor de Donkey Shocking Award geven.

De fiets als microkrediet

Einstein op de fietsOm schone alternatieven te vinden voor de auto, files en armoede moet je wel de creatieve genialiteit van Einstein hebben. Of de in het vorige artikel genoemde professor Martin van Maarseveen over die kwaliteiten beschikt weet ik niet, maar interessante ideeën heeft-ie wel.
Hij neemt deel aan een
internationaal project dat gaat onderzoeken hoe de fiets gebruikt kan worden om niet alleen de verkeersproblemen in miljoenensteden op te lossen, maar ook om de armoede te verlichten.
Een voorbeeld: in een Zuid-Afrikaanse sloppenwijk werken thuishulpen, die per bezoek worden betaald. Nu doen de meeste thuishulpen dat te voet en verdienen ze niet zoveel omdat ze die bezoeken in dat uitgestrekte gebied te voet afleggen. Toen die thuishulpen een fiets hebben kregen, is hun inkomen verdubbeld omdat ze twee keer zoveel bezoeken kunnen afleggen.
Professor van Maarseveen ziet meer mogelijkheden voor de fiets want “De fiets is met name in miljoenensteden al lang in beeld om de verkeersdrukte en daarmee ook de milieuproblematiek te beheersen. Maar de fiets kan ook de levensstandaard van bepaalde bevolkingsgroepen opkrikken. Hij vergroot hun actieradius. Je ziet nog steeds veel mensen naar miljoenensteden trekken, ergens in een buitenwijk belanden en dan erg ver van alles verwijderd zijn. Het is in zo'n situatie moeilijk om werk te vinden en een bestaan op te bouwen. De fiets biedt een grotere armslag in ruimtelijk en economisch opzicht.”
Dat betekent niet dat er nu massaal overal ter wereld zomaar fietsen uitgedeeld en fietspaden aangelegd moeten worden. Het internationale project gaat onderzoeken waar de behoeften liggen en welke mogelijkheden het beste zijn op in plaatsen als Kaapstad, Delhi en enkele Braziliaanse steden in te voeren. Daar komt nog van alles bij kijken: in welke situaties kan de fiets bijdragen aan verhoging van de levensstandaard? Hoe zit het met de infrastructuur? Zijn er mogelijkheden om aan te sluiten bij openbaar vervoer?
Ook wordt onderzocht welke factoren een succesvolle introductie van de fiets in de weg kunnen staan. Hoe veilig is het fietsen in een overvolle stad als Bombay? En hoe krik je de status van de fiets op? Want waar ter wereld je ook bent, de auto is toch het het symbool bij uitstek voor groeiende welvaart. Je kan alle arme mensen wel met een fiets aan meer inkomen helpen, maar als ze vervolgens een auto aanschaffen vergroot je de verkeersproblemen weer.
De rijke landen kunnen wellicht als rolmodel dienen. Er zijn ondertussen voorbeelden genoeg die op veel grotere schaal toegepast zouden kunnen worden: de fietspaden in Parijs, de
fietssnelweg in Overijssel, de fiets mee op bus of trein. En natuurlijk behalve gratis fietsenstallingen en prima fietspaden, ook betaalbare, goede fietsen in alle soorten en maten. Als men wereldwijd ziet dat zelfs een minister (Donner) op de fiets naar zijn werk gaat, moet de tweewieler toch een serieuze status krijgen? Maar ja, als onze minister van vervoer zich met de helikopter laat verplaatsen en de minister van onderwijs met zijn auto-met-chauffeur op een zondag boeken gaat kopen, dan zal professor van Maarseveen er nog een harde dobber aan krijgen om ook in arme landen de status van de fiets te promoten.