Tagarchief: milieu

Nederland permanente bouwput?

AsfaltHoe ziet Nederland er uit als we dit prachtige land eindelijk terugkrijgen van Mark Rutte? Het cadeau zal ingepakt zijn in asfalt, beton en staal.

Maar dan heb je ook wat. Verbrede snelwegen, waar ook echt snel kan worden gereden. Bedrijfsparken, waar op kleurrijke borden staat vermeld hoeveel vierkante meter bedrijfsruimte te koop en te huur staat. Nieuwe woonwijken met huizen waar je een boot bij kunt aanleggen. Eveneens voorzien van reclameborden, waaruit je kan opmaken dat de hele wijk nog leeg staat. En niet te vergeten veel prachtige natuur, waar je mag wandelen, fietsen, sporten, kamperen of barbecuen, mits het niet te warm en droog is. De natuur die er voorheen groeide en bloeide kun je aanschouwen in de bezoekerscentra.

Is dat een azijnpisserig toekomstbeeld? Nee, het is de realiteit, mede mogelijk gemaakt dankzij de opvatting van Mark Rutte c.s dat het altijd crisis zal zijn. De crisis- en herstelwet is permanent verklaard en het kabinet heeft de handen vrij om een hele rits projecten aan te wijzen waar de schop de grond in kan, het asfalt uitgerold kan worden en de natuur aangepast kan worden aan de menselijk maat.

Bezwaren van omwonenden hebben geen zin. Geluidsoverlast? Volkstuintjes kwijt? Asfalt tot vlak voor de deur? Sorry, maar de echte crisis is permanent en met de wet in de hand worden je bezwaren weggeschoffeld.
Milieu- en natuurfanaten die kunnen protesteren wat ze willen, we leven tenslotte in een democratie, maar ook dat is een heilloze weg. De laatste kikker, die ligt op sterven, de rest die is al dood. Maar zie: er verrijst een prachtig bedrijfscomplex, inclusief een schitterende waterpartij, waar alleen nog muggen over het water dansen. Niemand die er last van heeft, want de boel staat leeg.

Afgelopen vrijdag maakt het kabinet een aantal projecten bekend, die door de crisis- en herstelwet beschermd worden. We pikken er eentje uit: het Waterfront Harderwijk.
Aan Harderwijk en omgeving valt heel wat op te knappen. Of anders gezegd: er valt niet veel aan te verpesten. Geen gekke gedachte dus om er een mini-Blauwestad van te maken. In april ging de eerste schop in de grond en in de inmiddels zo bekende Hollandse traditie had de gemeente Harderwijk er toen al ruim 57 miljoen euro op verloren.

Dat had twee oorzaken, volgens de verantwoordelijke wethouder: de aanpassing van de N302 en de kredietcrisis. De grond is minder waard geworden dan in 2006.
De waardevermindering van de grond schuift de wethouder op de crisis. Dat is een deel van de waarheid. De handel in grond is een moeilijk te doorzien spel van marktwerking, regelgeving en handjeklap tussen belanghebbenden. Gemeenten en provincies weten daar niet altijd goed in te laveren en regelmatig eisen raadsleden om nader onderzoek, zoals vorig jaar in Enschede, Groningen (Meerstad) en Dodewaard.

De grondhandel is ook fraudegevoelig en ook dat kost aardig wat geld aan onderzoeken, zoals in de Haarlemmermeer (Schiphol) en in 2010 bij een woningcorporatie in Amsterdam. Kortom: als er al geen verlies word geleden aan de grondhandel zelf, dan gaat er ook gemeenschapsgeld verloren aan onderzoeken.

De aanpassing van de N302 heeft grond gekost ten nadele van het Waterfront. Schade 12 miljoen euro. De langste N-weg van Nederland werd over 5,5 kilometer verbreed, kreeg een verhoogde middenbaan voor doorgaand verkeer en parallelbanen voor lokaal verkeer. In 2010 was de klus geklaard.

Het was, bij een kleinschalig project als deze, niet verplicht onderzoek te doen naar de effecten voor het milieu. De provincie Gelderland liet, heel netjes, de plannen toch doormeten. Slechts één onderdeel bleek te voldoen aan de doelstelling beperking geluidshinder. Vijf onderdelen vond men voldoende rekening houden met beperking van luchtverontreiniging.

Ook als er  milieuvriendelijke alternatieven zouden worden toegepast, veranderde dat aan de score in de milieu effecten rapportage (pdf) niets. Ondanks die conclusie zijn de plannen uitgevoerd. Doorstroming van verkeer en grotere bereikbaarheid hadden hogere prioriteit dan milieufactoren.

Met andere woorden: er is gekozen voor het verkeer en het ging ten koste van het Waterfrontproject en het milieu. Maar het project is aangewezen om onder bescherming van de crisis- en herstelwet vlot van de grond te komen, zal Harderwijk over enige jaren bloeien als nooit te voren. Of zal de gemeente bloeden als nooit te voren?

Want dankzij de crisis- en herstelwet mogen projectontwikkelaars en bouwbedrijven misschien eindelijk eens uit de crisismalaise komen, er is nog nooit een project geweest dat  binnen de gemaakte kosten bleef. Waardoor het crisis blijft en weer andere projecten bedacht moeten worden om er boven op te komen.

Nederland een permanente bouwput. Goed voor de economie, slecht voor de lokale begrotingen?

Ontmantelbaarheid.

Ontmanteling Er wordt heel wat troep gemaakt. En dat moet weer opgeruimd worden. Dat gaat zomaar niet. Heel wat spul moet eerst uit elkaar worden gehaald. Mobieltjes, pc’s, wasmachines, noem maar op. Ze worden niet alleen uit elkaar gehaald, omdat er nog (her)bruikbaar spul in zit. De schadelijke elementen moeten ook verwijderd worden, om op zo milieuveilige manier mogelijk vernietigd te worden.

Alle maakbaarheid heeft op een bepaald moment zijn beste tijd wel gehad. Huizen worden gesloopt, auto’s gaan de shredder in en zelfs minder tastbare zaken worden afgebouwd. Afbouwen is een ongelukkige term. Het betekent niet het vervolmaken van iets, maar het ontmantelen van zaken. Dat is lang niet altijd eenvoudig en kan soms een aardig tijdje duren.

De kerncentrales in Japan zijn zo’n troep geworden, dat er niets anders overblijft dan ze
te ontmantelen. Normaal gesproken wordt een kerncentrale ontmanteld als de productieve levensduur er op zit. Zonder ongelukken is een kerncentrale maximaal zestig jaar bruikbaar. De ontmanteling gaat zeker veertig jaar duren. Het opgeslagen afval heeft nog duizenden jaren nodig, voor het een stralingsniveau bereikt van natuurlijk uranium. Kortom: van kernenergie kan je echt heel lang je lol op hebben.

In 1968 kreeg men in de
kerncentrale van Dodewaard de eerste kettingreactie voor elkaar. In 1997 werd, na 28 jaar productie, de boel stilgelegd. In 2003 werd de laatste splijtsof afgevoerd en in 2005 ging de 40-jarige wachttijd in. Die wachttijd is nodig om de nog aanwezige radioactiviteit af te laten nemen, zodat ook de laatste steen veilig gesloopt kan worden. Hoe langer een kerncentrale actief is geweest, hoe langer ook de totale ontmanteling zal duren, omdat de centrale veel radioactiever achterblijft dan een centrale met een korte activiteit. Van Dodewaard zijn we pas in 2045 af.

Afijn, dat kost een klap geld, want de zaak moet al de jaren wel worden beveiligd, gecontroleerd en onderhouden. Reken maar dat u deze ‘verwijderingsbijdrage’ net zo hard zelf betaalt, als die van uw overjarige wasmachine. Het is alleen een paar tientjes meer, dus wordt dat ‘gemeenschappelijk’ betaald. Via de energienota’s en de belastingen.
Als u een niet één, maar twee wasmachines wil, betaalt u aankoop en verwijderingsbijdrage helemaal zelf. Tenzij u uw buurman zo gek heeft gekregen mee te dokken. Een tweede kerncentrale staat niet op ieders verlanglijstje, maar volgens goed democratische principes betaalt hier wel iedereen aan mee.

Het gerucht gaat dat er zoveel fraais wordt geproduceerd, omdat de consument er om vraagt. Dat geldt voor de wasmachine en ook voor de kerncentrale. Energiebehoefte, nietwaar?
Maar denkt u wel eens naar over de ontmantelbaarheid van uw spulletjes en behoeften? Neem dan in uw overwegingen mee dat u sneller van uw fiets af bent dan van een kerncentrale.

Ongeborenen hebben de toekomst

Bevolkingsgroei De jeugd heeft de toekomst. Een gevleugeld woord en een ernstige misvatting. De jeugd kan daar weinig aan doen, want de jeugd doet niet anders dan wat we allemaal hebben gedaan: gewoon er op los leven.

Welke toekomst die jeugd zal hebben, is niet zeker. Dat de Nederlandse jeugd zal sterven in een oververhitte woestijn, omdat het klimaat onze polders drooglegt, wordt ontkent door mensen die denken dat de jeugd eerder een ijzige toekomst wacht, waar ze ten onder gaat aan bevriezingsverschijnselen.
Dat is allemaal grotesk geschetst natuurlijk, maar we leven wel in een tijd waar depressieve gedachten over gevolgen van klimaatveranderingen, vergrijzing van de bevolking of economische rampspoed een al te positieve levensverwachting ondermijnen.

Je hebt optimisten die denken dat het allemaal wel mee zal vallen en je hebt optimisten die tal van oplossingen bedenken om lustig voort te leven. Ik hoop dat de eersten gelijk krijgen en de tweede groep zou eens te rade moeten gaan bij de demografen die
in PNAS, het Amerikaanse tijdschrift voor ontwikkelingen in de wetenschap. VPRO’s Noorderlicht haalt de demografen aan: “Het afremmen van de bevolkingsgroei, concluderen zij, kan tot 2050 16-29% van de reductie in uitstoot van broeikassen realiseren die volgens het IPCC nodig is om een gevaarlijke opwarming van de aarde te voorkomen”.
Ofwel: ongeborenen zijn het milieuvriendelijkst, kopt Noorderlicht vrolijk.

Een waarheid als een koe. Wie niet geboren wordt, kan ook niets fout doen. Helaas is de keuze wel of niet ter wereld te komen, niet aan de geborenen zelf. En hoe goed die ook hun best doen, hun pure aanwezigheid veroorzaak onmiddellijk milieuschade. Dat kan beperkt worden door simpelweg met minder te zijn.
Ondanks dat god met natuurgeweld en mensen met oorlogsgeweld daar het nodige aan bijdragen, groeit de wereldbevolking gestaag. De problemen die mensen veroorzaken groeien in sommige gevallen nog sneller. Voorbeeldje: tussen 2000 en 2006 groeide de Nederlandse bevolking met vijf procent. De zorgkosten stegen in diezelfde tijd met ruim 56 procent.

Andere problemen, als schaarste aan voedsel en gezond drinkwater, zijn zeker op te lossen als de verdeling wat beter wordt geregeld. Als de wereldbevolking maar zeer beperkt groeit. De huidige noden kunnen voor een groot deel geledigd worden via betere politieke beslissingen en wetenschappelijke vooruitgang. Maar bijna niemand leeft meer bij brood, water en frisse lucht alleen. Huizen, wegen, scholen, kantoren en fabrieken zijn onmisbaar onderdeel van de existentie geworden.
Blijft de bevolking dus groeien, zal er ergens een omslagpunt komen en is er te weinig ruimte is voor de brood-, water en schone lucht voorziening.

Kortom: willen we nog een lange, mooie toekomst, dan zullen we de ongeborenen de ruimte moeten geven.

Groenerick, Blauwerick en Zwarterick

Groenerick, Blauwerick en Zwarterick Toch nog beestenspul in het zomerse komkommernieuws. Drie pelikanen vlogen er eens uit. Niets bijzonders. Pelikanen zijn vogels en die horen dus door het zwerk te vliegen. Deze drie echter niet, want die worden gevangen gehouden in safaripark Beekse Bergen en dus horen ze hier niet vrij rond te vliegen.

De pelikanen hebben exotische namen gekregen.
Roderick is alweer terug, Groenerick hebben ze bijna te pakken, maar Blauwerick geniet nog volop van zijn vakantie.
Hoe gaat het ondertussen met hun familie, die wel in volledige vrijheid leven? Nou, hun neefje Zwarterick maakt het niet best. Dat neefje is in de olie Zwarterick gedoopt. Hij leeft nog, maar voor hoelang is de vraag.

Op een video in
dit artikel op Reuters, lijken de pelikanen reuze fit. Ook al vertoeven ze in een stukje water dat niet door de BP-olie lijkt aangetast, hebben ze toch olievlekken.
Dat betekent dat hun natuurlijke afweer, die ze beschermd tegen water en hitte, ook beschadigd zal zijn. Het is een van de bewijzen dat de natuur niet alleen op de plek des onheil zelf is aangedaan, maar dat tot ver in de omtrek de gevolgen merkbaar zijn.

Nu lekt er ook olie aan de andere kant van de wereld. In China is men de smurrie nu aan het opruimen. De Chinese staattelevisie zegt dat het om 1,5 miljoen liter olie gaat. Een fractie van wat uit het BP-lek stroomde.
Dat schiet lekker op zo. Nog een lek ergens anders en de olie is op en moeten we wel overschakelen naar andere energiebronnen. Jammer dat het ten koste moet gaan van vogels, vissen en de rest van de natuur.

Als ik Groenerick en Blauwerick was, vloog ik rap terug naar mijn hok in de Beekse Bergen. Want ook in Nederland is men
niet zo zeker dat olieboringen volledig veilig zullen zijn. In de Beekse Bergen zijn de pelikanen in ieder geval verzekerd van hun stukje ongerepte natuur.

Weer voor strandjutters

Weer voor strandjutters Nu de herfstwindjes wat sterker worden, wordt het leuk op het strand. Al bij 5 Beaufort (vrij krachtig) heb je al “aanschietende zee”. Heftige term, voor matige golven. En dan vliegen er toch nog containers overboord van al die kolossale schepen die onze welvaart vervoeren.

Heb je pech dan tref je aangespoelde
lege containers aan. Maar met een beetje geluk kun je de boodschappentas volproppen met bananen of sportschoenen. Wie liever computers heeft, moet heel snel naar Terschelling, want daar sloegen dertien containers van het dek van het motorschip Dirhami. De zeevervoerder is een beetje viespeuk want tegelijkertijd verloor het schip ook vaten met chemicaliën.

En dat is de Amelandse burgemeester De Hoop
nu spuugzat. De burgemeester is ook voorzitter van KIMO, een organisatie waarin kustgemeenten samenwerken voor een schonere kust. Begin deze maand vierde KIMO haar 19-jarig bestaan met een conferentie in Den Haag.
Volgens deze club gaan er gemiddeld zo’n tienduizend container per jaar overboord. Slecht weer is en oorzaak, maar slecht ontworpen schepen, beroerd onderhoud of ondeskundig zeemanschap, leiden tot een toenemend aantal incidenten (lees meer in dit pdf-document).

Burgemeester De Hoop wil strengere controle en strengere regels. Verzekeraars stellen dat er elk jaar 150 containers overboord slaan voor onze kust. In twee weken tijd kregen de Waddeneilanden er al 22 voor de kiezen. Met het groeiende containervervoer over zee, nemen de risico’s toe, dus grotere kans op problemen, stelt de Amelandse burgemeester.
De Waddenvereniging heeft de staatssecretaris voor Verkeer en Waterstaat opgeroepen de risico’s van de containervaart aan te pakken. Een vaarverbod voor containerschepen, bij windkracht vijf.

Een vaarverbod? Maar dan valt er niks meer te jutten!
Nu is de Waddenzee bijna geheel tot beschermd gebied verklaard. In de derde Waddenzeenota staat dan ook dat “ongewenste effecten van menselijke activiteiten” in dat gebied vermeden moeten worden. Maar het gedeelte van de Noordzee voor de Waddenkusten is geen beschermd gebied, dus een vaarverbod maakt weinig kans.
Bovendien is de grens van windkracht vijf een vaag criterium, want op zee kan het in korte tijd oplopen van pakweg windkracht drie naar windkracht vijf en hoger. Het tijdstip van een vaarverbod is dus niet zo makkelijk te bepalen. En van stormwaarschuwingen weten we inmiddels, dat die soms loos alarm kunnen zijn.

Willen we strand en duinen dus beter beschermen tegen rammelende containerschepen, dan zul je de vaarroutes veel verder uit de kust moeten leggen. Blijft het probleem dat het zeewater vervuild kan raken.
De beste oplossing is dus alleen volledig veilige schepen toe te staan in onze nationale wateren. Jammer van het strandjutten, maar officieel is dat toch verboden.

Bestek '09

Bestek '09

Hoe lastig het is de wereld zo in te richten dat we van alle problemen zijn verlost, wil ik illustreren met een mijmering over bestek.

Stelling: bestek is een overbodig product.
In dit geval wordt met bestek bedoeld het trio waarmee we de dagelijkse hap naar binnen werken. Mes, vork en lepel. In deze mijmering laat ik attributen als het keukenmes, de roerspaan en de vleesvork buiten beschouwing, als zijnde noodzakelijk bij de voorbereiding van de maaltijd.

Is de maaltijd eenmaal op je bord gekieperd, dan kun je het verder wel met je handen af. Bestek is niet echt noodzakelijk. En al helemaal niet in de oneindige variaties waarin het verkrijgbaar is. Laat staan dat je bestek nodig hebt, dat tevens als balpen te gebruiken is. De gadget is nog niet op de markt, maar Italiaanse ontwerpers hebben het Bic-bestek al in de la liggen.

Of neem bestek dat gebaseerd is op de Nederlandse eetcultuur: prakbestek. Een
kunstzinnig ideetje, maar volstrekt overbodig. De Nederlandse prakcultuur bestaat amper nog. En om dat bestek ook nog eens van hout te maken, mag gerust een bijdrage aan de ontbossing door eetcultuur genoemd worden.

De productie van zo iets simpels als bestek, is een voorbeeld van een uit de hand gelopen maakbaarheidsindustrie. Het is geen supernoodzakelijk gebruiksvoorwerp. Het wordt in grote hoeveelheden gemaakt. En er verschijnen steeds nieuwere vormen, alleen om het aanbod aantrekkelijk te houden.
Al dat bestek maakt het leven wel leuker, maar doet een aanslag op het milieu en economische verhoudingen. De produktie en gebruik kost grondstoffen, lucht, water en energie. En heel wat bestek wordt gefabriceerd in lage lonen landen.

Dus wat dan? Je kan alleen recyclebaar bestek gebruiken. Er zijn al vorken en lepels die je op kan eten. Gemaakt van aardappels en sojaolie. Aardig idee, want zo hou je de werkgelegenheid in stand en het is milieuvriendelijker.

Want het bestek helemaal afschaffen lijkt geen optie. Sluit je één bestekfabriek, dan dondert er een hele keten aan werkgelegenheid er omheen, ook in elkaar.
Dan zouden we nog kunnen kiezen om alleen zeer duurzaam bestek te maken. In een enkele vorm, in plaats van in al die varianten. Ook dan stort een stukje industrie in elkaar. Bestek dat onbuigzaam en onbreekbaar jaren meegaat, heeft tot gevolg dat de fabriek op een laag pitje moet draaien. Misschien zelfs delen van het jaar stil zal liggen.
Het zal het milieu flink sparen, maar de economie niet.

Ik geef het maar even aan, om te laten zien dat een simpele oplossing, complexe gevolgen kan hebben. Natuurlijk zijn er voor die gevolgen wel oplossingen te bedenken, maar willen we die wel? Als de bestekindustrie wordt afgeschaft, komt er arbeidskracht vrij voor sectoren waar we die tekort komen. Dat schaadt echter de roemruchte keuzevrijheid. Iemand die dolgraag lepeltjes wil maken, is misschien minder gepassioneerd om verpleger in een of ander tehuis te worden.

De hoop is gevestigd op hele bataljons innovators, die op zoek zijn naar veranderingen die wel goed zijn voor milieu, gezondheid, beheersbaarheid van kosten en die tegelijkertijd een welvarend leven, vol gadgets, luxe en onnodigheid in stand kan houden.
Gaan we het met die insteek redden of moet het bestek eens op de schop?

België in tas en as

Tasjes

De Belgen kopen veel te veel herbuikbare tasjes. Ze kosten amper wat, dus wie de vorige week gekochte tas vergeet, gaat niet terug naar huis om die netjes op te halen.

De supermarkttasjes vormen wereldwijd een grote plaag. Jaren geleden zag ik al, op een trip door een stukje woestijn, duizenden plastic tasjes meegevoerd worden door de woestijnwind. Een bizar gezicht.

Begin dit jaar vroeg GroenLinks aan milieuminister Cramer om maatregelen. Nou wil GroenLinks nooit meer geafficheerd worden als dictatoriale communisten, dus vroeg men de minister vrijwillige afspraken met de winkels te maken. En ja, mocht dat niet helpen, dan moesten de tasjes maar wat duurder worden.

Hoe duur moet zijn tasje wel niet zijn, wil zo'n maatregel effect sorteren?

In China koos men voor een radicaler besluit. Maar ja, dat zijn nog steeds van die communisten, niet waar? In China is dat plastic tasje verboden.

De oplossing is natuurlijk veel simpeler. Geen tasjes meer aanbieden. Die keuze zal niet snel worden gemaakt, want een deel van de verpakkingsindustrie stort dan in.

Maar men zou wel meer regie kunnen voeren. De supermarkt koopt wat tasjes in en als ze op zijn, dan is het gewoon een maandje wachten tot er weer een nieuwe voorraad is. Een jaar later wordt de tasloze periode twee maanden, het jaar daarop, een kwartaal. Wellicht gaan de klanten op den duur wat zorgvuldiger om met hun herbruikbare tasjes.

Mocht dat nou ook niet helpen, ja, dan gewoon stoppen met de productie van die dingen.
Het kan ook anders. Op momenten dat de winkel door de tasjes heen is, kan men ook een actie starten de tasjes weer terug in de winkel te krijgen.
De tasjes kunnen ook als “spaarpunten” gelden. De klant die er vjjf teruglevert krijgt 5 procent korting op zijn aankoop, Wie er tien teruggeeft krijgt 7,5 procent korting. Zoiets.
De teruggeleverde spaarpunttasjes gaan natuurlijk onmiddelijk weer de verkoop in.

Misschien moeten creatieve techneuten aan de slag. Is er niet een tas te ontwerpen die je de deur uit kan sturen om een boodschapje? Boodschappenlijstje intikken, klikken op de knop 'Start' en terwijl je lekker op de bank je favoriete soap ligt te kijken, komt het ding een uurtje later volgeladen terug.

Heeft u een andere oplossing?

Milieuplan 2008

Milieuplan 2008Continu veranderende berekeningen over klimaatveranderingen,vervuiling en ontbossing. Als een mens al niet gaar wordt van de opwarming, dan toch wel van al die tegenstrijdige berichten. En ondertussen verzinnen de optimisten allerlei oplossingen om vooral door te leven zoals we nu doen, maar met andere energiebronnen en een besparinkje hier en daar.

Sinds de Club van Rome bestrijden de deskundigen elkaar met een berg cijfers, waarvan de enige positieve bijkomstigheid is, dat die cijfers zelf niet zo vervuilend zijn, dat we er al lang aan dood zijn gegaan. Juiste cijfers, verkeerde cijfers, bijgestelde cijfers, we leven nog.

Die conclusie stemt overheden, bedrijfsleven en ook de meeste consumenten vrolijk, want doortastende en effectieve maatregelen kunnen op de lange baan worden geschoven. Er lijken meer slachtoffers te vallen aan honger, oorlog, verkeer en, niet op de laatste plaats, het dagelijkse huishouden. Maar ook ondanks dat geldt: we leven nog.

Nu zijn er ook vuistdikke rapporten die een relatie leggen tussen energiebronnen en oorlog tussen ontbossing en honger, tussen vervuiling en verkeer, tussen opwarming en dagelijks huishouden. In die rapporten staan geen fijne dingen te lezen, maar zelfs zonder ze te lezen kunnen we weten wat het één met het ander te maken heeft. En jawel, we vinden het ook niet leuk dat het voor sommige mensen daarom niet zo'n lolletje is, maar wij leven nog. Althans veel mensen wel.

Veel mensen. De nog alom vigerende boodschap is dat al die mensen zuiniger en schoner moeten leven. Anders gezegd: we willen met veel blijven en moeten de beschikbare energiebronnen en nog resterende schone lucht in veel mindere mate gebruiken. Het is welhaast antiek- communistisch: alles inzetten voor het grote collectief.

Het milieuplan 2008 heeft alles nog eens doorberekend. Zelfs al zou de klimaatverandering een op zichzelf staande cyclus in de natuur zijn, dan blijft het een feit dat elk mens energie en lucht gebruikt. Elk mens meer betekent meer van dat gebruik, inclusief meer vervuiling. Twee poepen immers meer dan één. Reken zelf maar uit wat de riolen hier te verwerken krijgen als we hier in 2030 met 1 miljoen mensen meer leven. Wereldwijd zijn er tegen die tijd zo'n 2 miljard mensen meer.

Er is dus maar één effectieve maatregel: er mag alleen nog met condoom gekonijnd worden. Dat kost wel wat landbouwgrond aan rubberplantages, maar dat wordt door de bevolkingsafname snel terugverdiend.

Er zijn nog twee zaken nodig om dit plan te doen slagen. Ten eerste ontbreekt het ons milieuburo aan een deskundige die even uitrekent hoe groot de bevolking precies moet zijn om van de bodemschatten en omringende lucht gezond te kunnen blijven leven. Zo'n deskundige zit er vast wel onder de lezers, dus kunt u met die gegevens op de proppen komen?

Het tweede wat nodig is: het gelovig deel der bevolking overtuigen dat met condoom er geen risico is dat de terugkeer van jezus op aarde daadoor wordt tegengehouden. Iedereen levert de rubbers in en met de huidige DNA-technieken vist men de verlosser zo uit de inhoud. Dat is dan die ene mens die nog in een reageerbuisje verwekt mag worden, want je weet maar nooit.

Bronnen die ter inspiratie dienden:

Grenswetenschap: Klimaatverandering, zin of onzin? Sargasso: Noodzaak voor betere ontbossingscijfers

Ter elfder ure

StraatkloknachtAls jij denkt dat het 5 voor 12 is, meent een ander dat we ter elfder ure leven. Roept iemand dat het tijd om keuzes te maken is, wil een ander er een nachtje over slapen.
Na Al Gore komt nu ook Leonardo DiCaprio met een film over de de toekomst van de aarde. In
The 11th Hour wordt nog eens uitgelegd dat mensen moeten beseffen een onderdeel van de natuur te zijn. Zonder die natuur ziet het er slecht uit. Een sprankje hoop biedt de film wel: het is nog niet te laat, als we maar wel slimmer en langzamer gaan leven.
In Eindhoven, Philip's lichtstad, denken ze dat het slim is, het
licht uit te doen. Niet meteen, er is nog tijd genoeg, maar ergens in de toekomst moet reclame- en sierverlichting om 11 uur 's avonds uit. Daarmee geeft men gehoor aan de oproep van milieu-minister Cramer, die verlichting (de spaarlamp, de buitenverlichting) tot speerpunt van haar milieubeleid heeft gemaakt.
Dat helpt een beetje. Veel meer energiebesparing schijn je te halen als niet de verlichte reclames, maar de straatlantaarns uitgaan. Nou, doe het dan maar allebei, zou ik zeggen, maar laat de straatklokken alsjeblieft branden. Er moet toch ergens een lichtpuntje te zien zijn, zodat mensen het eens kunnen worden over hoe laat het nou werkelijk is.
Het is inmiddels ter elfder ure en keuzes worden beetje bij beetje gemaakt. Het voorbeeld van de buitenverlichting geeft echter wel aan dat je keuzes niet lichtzinnig moet maken. Tegenargumenten voor het uitdoen van de straatverlichting zijn bijvoorbeeld: meer kans op ongelukken in het verkeer en je geeft het holst van de nacht weer terug aan duistere figuren die minder goede bedoelingen hebben.
Ja hoor eens, zullen sommigen zeggen, dan blijft iedereen maar 's avonds lekker thuis. Op tijd naar bed en 's morgens gezond weer op. Dat kan, maar dat verhoogt de kans op een flinke babyboom. Vergrijzing opgelost, maar wel nog meer energieslurpende consumentjes.
In The 11th Hour wordt gesuggereerd dat slimmer en langzamer leven ons van de ondergang kan redden. De hierboven gegeven voorbeelden tonen aan hoe moeilijk het is zo slim te zijn dat je alle consequenties van een keuze kan tackelen. Langzamer leven is wellicht een betere aanpak. Je neemt de tijd om goed over keuzes na te denken, er desnoods een nachtje over te slapen. En langzaam wil ook zeggen dat je auto en trein minder kan gebruiken. In plaats van een snelle e-mail, rustig op de koffie bij je kennissen. En het tempo waarmee telkens weer nieuwe producten op de markt worden gebracht kan ook een stuk lager.
Zou het slim zijn om op veel gebieden eens flink op de rem te trappen? U mag het zeggen.

Praatjes vullen geen gaatjes.

Wie zegt dat de mensheid niets leert van de geschiedenis, heeft het mis. Het kan soms even duren, maar er komt altijd een moment waarop men het licht ziet en met een briljante oplossing komt voor grote problemen. De geniale vondst van deze eeuw gaat het ''gaten vullen'' worden.
Toen kernafval een probleem werd ontdekte men lege ruimtes waar het spul prima bewaard kon worden: de zoutkoepels. Dat zijn lege gaten ontstan door zoutwinning. Die gaten lagen ondergronds maar een beetje te niksen. Eigenlijk een schande in het soort economie die wij kennen. Lege gaten zijn niets en leveren dus ook niks op. Daar moet toch wat mee gedaan kunnen worden.
En nu breekt dan het inzicht door dat je behalve kernafval wel meer zaken ondergronds kunt opslaan. Nu de nood hoog is en er snel wat aan die miserable CO2-uitstoot gedaan moet worden, ontdekt men ineens opnieuw de lege gaten. De industrie in het Rijnmondgebied kan per jaar zo''n 20 miljoen ton CO2 afvangen en opslaan in gaten die zijn ontstaan door gas- en oliewinning.
Dat inzicht geeft de mensheid hoop. Je haalt eerst wat leeg en later vul je het weer. Deze strategie hoeft natuurlijk niet beperkt te worden voor het opbergen van schadelijk afval. Je kan er ook armoede en honger mee bestrijden.
Armoede is tenslotte op aardig wat plaatsen ontstaan omdat in het verleden landen behoorlijk zijn leeg gehaald. Dat heeft onze maatschappij veel rijkdom opgeleverd en nu zitten we dan met zoveel produkten dat, om maar eens een voorbeeld te noemen, er niet eens genoeg chauffeurs zijn om de schappen van de superkruideniers te vullen. Gaan we het dan binnenkort nog meemaken dat het teveel aan rijkdom afgevoerd zal worden naar de economische gaten die we in onze voormalige koloniën hebben achter gelaten?
Het menselijk vernuft is wonderbaarlijk. Praatjes kunnen dus wel gaathjes vullen. Blijven denken, blijven praten en de oplossingen komen dan vanzelf wel.
Welke gaten kunnen volgens u nog meer gevuld worden en waarmee?