Tagarchief: volksvertegenwoordiging

De jongste vertegenwoordigers.

JeugddebatDe jongste vertegenwoordigers zitten in de Tweede Kamer. De collega’s van Sargasso kwamen er achter dat de gemiddelde leeftijd van de Tweede Kamer steeds lager wordt. We worden door broekies van 44 vertegenwoordigd. De groeiende groep 65plussers in Nederland heeft steeds minder representatie in de Tweede Kamer, constateert Sargasso.

Hoe de historische ontwikkeling is, weet ik niet, maar leg deze uitkomst naast de huidige gemiddelde leeftijd van andere vertegenwoordigers en bestuurders en dan valt des te meer op dat de Tweede Kamer wel erg jong is.
G
emeenteraadsleden zijn gemiddeld 52. Zes jaar ouder dus. Het kabinet komt daar net bovenuit. Rutte I is gemiddeld 53 jaar. Wethouders: 54. Eerste Kamer: 56. Burgemeesters: 57.

In juni verzuchtte Annemarie Jorritsma op het VNG-congres dat de leeftijd van raadsleden wel iets omhoog kan. Ze riep de verenigde gemeenten op meer gebruik te maken van het groeiend aantal 65plussers. Zelf is ze met haar 61 jaar wat ouder dan de gemiddelde leeftijd van burgemeesters en bevestigt het vooroordeel dat met de ouderdom het geheugenverlies komt. Ze was 23 toen ze voor het eerst gemeenteraadslid werd.

Mark Rutte is met zijn 44 jaren de op één na jongste premier. De gemiddelde leeftijd van alle premiers na 1945 is 49,7. We worden niet alleen vertegenwoordigd door broekies, we worden er ook door geregeerd.

Je mag aan leeftijd geen waardeoordeel hangen. Er zijn tenslotte geniale peuters die subliem piano spelen. Het is aan een starre wetgeving te wijten dat je zulke jongelui niet in parlement of een kabinet ziet. Tot je 18e mag je hooguit meedoen aan het Nationale Jeugddebat en een middagje stoeien in de Tweede Kamer.

Het gezegde ‘hoe ouder, hoe wijzer’, is amper op feiten gebaseerd. Ik verwijt de 60plusser Donner dan ook niets. De groep 65plussers groeit en daarmee ook het aantal mensen dat aan dementie zal lijden. Dat moet niet gelezen worden als grap, want het is een verschrikkelijke kwaal. Het betekent wel dat het niet zo’n heel gek verschijnsel is dat ouderdom door jong volk wordt vertegenwoordigd.

Daarmee komt een steeds zwaarder wordende verantwoordelijkheid op de schouders van een paar broekies te rusten. Hoewel er soms weinig van te merken is, kunnen de jonkies wel putten uit een grote mensengeschiedenis en voortschrijdende wetenschap. Of ze daar ook voldoende lering uit trekken om even voldoende wijsheid in pacht te hebben?

Op dit moment ziet het daar niet naar uit. Het zijn broekies die mijn vaders pensioen afpakken, omdat hun leeftijdgenoten er een financieel zootje van hebben gemaakt. Het zijn jonkies die de 50 nog niet eens zijn gepasseerd, die er van overtuigd zijn dat ze wel tot hun 67e kunnen doorwerken. Het zijn kleuters die bedenken dat ouderen geen recht hebben op een dure ziekenhuisbehandeling, omdat het de moeite niet meer zou lonen.

Denk niet dat ik nu iedereen van 44 of jonger over één kam scheer. Ik zie genoeg jongeren, die veel genuanceerder over dat soort zaken denken. Mij valt op dat die jongeren een gemiddelde leeftijd van dik onder de 44 hebben en niet in de politiek zitten.
De jeugd heeft dus wel een toekomst te bieden. De echte jeugd dan. Niet dat stel oudere jongeren van 44.

Te jong om het volk te vertegenwoordigen?

kinderraadAnnemarie Jorritsma heeft een goede dag. Een grote meerderheid op het VNG-congres stemde in met het uitgeklede Bestuursakkoord. Bovendien werd ze herkozen als voorzitter van de VNG.
Geen motie van wantrouwen dus, ondanks de vreemde weg die Jorritsma en haar collega-bestuursleden hebben bewandeld. Op 21 april tekende ze immers het akkoord en verdedigde het tijdens de informatieronden langs de gemeenten. Pas toen haar duidelijk werd hoe groot de kritiek op het akkoord was, besloot het VNG-bestuur de sociale paragraaf uit het akkoord te halen. Heeft Jorritsma haar leden nu wel of niet goed vertegenwoordigt?

Gisteren opende ze het VNG-congres en wees de vergadering op het wat jonge gehalte van de gemeenteraden. “Ik vind dat de leeftijd van raadsleden best iets omhoog kan”, zei ze. Nu komt vergeetachtigheid vaak voor op hogere leeftijd en de 61-jarige Jorritsma lijkt daar ook last van te hebben. Zij zelf was 28 toen ze gemeenteraadslid werd. Zou ze nu vinden dat 28 eigenlijk te jong is om het volk te vertegenwoordigen?
Volgens cijfers van haar eigen VNG is de gemiddelde leeftijd van raadsleden (pdf) 52,3 jaar. Daar zat Jorritsma dus een behoorlijk stuk onder.

In haar toespraak hield ze het congres voor gebruik te maken van het groeiend aantal 65-plussers. Zou Jorritsma de jonge VVD’ers zat zijn? Mark Rutte (44) en staatssecretaris Paul de Krom (48) ventileerden al stevige kritiek op de draai van Jorritsma. Piet-Hein Donner doet dat ook en is wel van dezelfde generatie als Jorritsma, maar van het CDA. De starre opstelling van Donner had  ze wel verwacht, van haar jongere partijgenoten misschien niet.

Als de leeftijd van Jorritsma en haar stelling over 65-plussers een maatgevend criterium zou zijn in het profiel van de hedendaagse politici, dan worden we nu door broekies bestuurd en vertegenwoordigd. Maar dat was ook al zo ten tijde van Jorritsma’s publieke functies.
Mark Rutte is de op één na jongste premier. De gemiddelde leeftijd van alle premiers na 1945 is 49,7. Tot premier heeft Jorritsma het nooit geschopt. Ze mocht wel op 48-jarige leeftijd vice-premier worden en was toen 1 jaar jonger dan het gemiddelde. Dat kan nog.
De gemiddelde leeftijd van Tweede Kamerleden is 45. Annemarie was 32 toen ze parlementariër werd, maar liefst 13 jaar jonger. De senioren in de Eerste Kamer zijn gemiddeld 56,3 jaar. Nog lang geen 65 dus.
Burgemeesters zijn gemiddeld 57,3 jaar en wethouders 53,9. Jorritsma was 53 toen ze burgemeester werd. Vier jaar jonger. En raadsleden zijn, zoals gezegd, gemiddeld 52,3. Negen jaar ouder dan de 28 lentes die Jorritsma telde, toen ze in de gemeenteraad van Bolsward zitting nam.

Annemarie Jorritsma heeft dus nooit het wijze geduld op kunnen brengen, tot haar 65e te wachten om het volk te vertegenwoordigen of te besturen. Haar oproep om ouwe knarren te werven, is door de ‘jonge’ vijftigers in de VNG-zaal alvast beloond met haar herbenoeming tot voorzitter van de VNG.
Een mens is nooit te oud om te leren. Zal Jorritsma de komende tijd haar leden beter vertegenwoordigen dan een jaar geleden, toen ze aan de onderhandelingen over het Bestuursakkoord begon?

Overheid niet gemachtigd namens burger te spreken.

StemWij kiezen de overheid niet. Dat wil zeggen: niet rechtstreeks. Wij kiezen alleen onze volksvertegenwoordigers.  Juridisch gezien vertegenwoordigen het kabinet of colleges van B&W, ons niet. Als we willen dat een kabinet of een college van B&W namens ons spreekt, dan moeten we ze daarvoor een machtiging geven.

Wie denkt dat hij of zij met het rode potlood een machtiging afgeeft, heeft het mis. Dat blijkt uit een voorvalletje tijdens een zitting bij de Raad van State. De gemeente Bergen had een zaak aangespannen tegen het ministerie van Economische Zaken en het bedrijf Taqa. Inzet was het opslaan van gas in de Bergense gronden. De gemeente vindt dat Taqa meer gas injecteerd, dan in de vergunning is afgesproken.

Tijdens de zitting zei het bedrijf Taqa dat “de gemeente het recht niet heeft om in deze zaak te procederen. Het eigen directe belang van de gemeente wordt door de gasopslag namelijk niet geschaad”.De advocaat van de gemeente stelde de gemeente optreedt namens zijn burgers. De voorzitter van de Raad zei toen “dat daar dan wel een machtiging van die burgers voor nodig is’”. Die ontbrak.

Nou ontbreken er ook machtigingen om allerlei zaken uit te voeren, die de burger niet zo ziet zitten. Hebben we hier een gat in de wet, om overheden voor de rechter te slepen, omdat ze door de burger niet gemachtigd zijn brandweerkazernes te sluiten? Om maar eens één van de vele bezuinigingsmaatregelen te noemen.

Volksvertegenwoordigende integriteit

Volksvertegenwoordigende integriteit Gemeenteraadsleden die tegen het gemeentebestuur getuigen. Kan dat? Mag dat? Een onderzoek naar die vraag maandenlang in de la houden? Mag dat? Kan dat?

De integriteit van burgemeester en twee raadsleden van de Brabantse gemeente Rucphen staat ter discussie. Een zaak die onderzocht is door hoogleraar staatsrecht Douw Jan Elzinga. De hoogleraar wordt er wel vaker bij geroepen als gemeentebestuurders en raadsleden in conflicten verzeild raken. Hij wordt immers gezien als de expert op gebied van bestuurlijk dualisme, sinds hij de regering van advies diende voor de
Wet dualisering gemeentebestuur.

Voor het online magazine Binnenlandsbestuur.nl laat hij,
als columnist, nog steeds zijn licht schijnen over bestuurlijke integriteit, bijvoorbeeld over de grenzen van de vrijheid van meningsuiting voor volksvertegenwoordigers.
Ook al is Elzinga pleitbezorger voor een sterkere positie van gemeenteraadsleden, die net even iets meer vrije ruimte voor hun meningen mogen hebben, moeten gemeenteraadsleden wel op hun tellen passen. In 2005 leidde een onderzoek van Elzinga ertoe dat vijf fracties in de Amsterdamse gemeenteraad geld moesten terugstorten in de gemeentekas, omdat ze veel te ruimdenkend allerlei onkosten hadden gedeclareerd.

Hoogleraar Elzinga werd te hulp geroepen door de Rucphense burgemeester Everaers. Die was niet zo te spreken over de gemeenteraadsleden Ton Bergenhenegouwen (PvdA) en Guido Koenen (D66). Zij hadden bewoners uit Sprundel bijgestaan in een zaak tegen de gemeente, die een bestemmingsplan had gewijzigd om nieuwbouw mogelijk te maken. De bezorgde burgers procedeerden zelfs tot aan de Raad van State en argumenteerden onder andere dat het gemeentebestuur onzorgvuldig was geweest. In maart wees de Raad van State de bezwaren
overigens af.

De twee gemeenteraadsleden hadden de bewoners geholpen met de voorbereidingen en ter zitting tegen het gemeentebestuur getuigt. Dat was voor de burgemeester aanleiding hoogleraar Elzinga te vragen de integriteit van de twee volksvertegenwoordigers
onder de loep te nemen.
Het rapport was vlot af, maar op de uitslag moesten de raadsleden nog lang wachten. Nu brengt de burgemeester het rapport alsnog in de openbaarheid.

De gemeenteraadsleden zaten niet echt fout, concludeerde Elzinga, maar hun actie stond wel op gespannen voet met de gemeentewet en de gedragscode bestuurlijke integriteit. Zodra burgers een beroepsprocedure bij de bestuursrechter of de Raad van State starten, is het beter dat volksvertegenwoordigers zich terugtrekken en zeker niet gaan getuigen tegen de gemeente, aldus hoogleraar Ezlinga.

Een beetje fout dus? Met zo’n halfslachtige uitspraak bedwing je actieve volksvertegenwoordigers natuurlijk niet. De beide raadsleden verklaren dan ook stellig, dat ze bij een volgende gelegenheid het volk weer op dezelfde wijze zullen vertegenwoordigen.
De burgemeester zal ook niet blij zijn met de conclusie, Hij vond immers dat de raadsleden niets op die zitting van de Raad van State hadden te zoeken. De gemeenteraad was in meerderheid met het bestemmingsplan akkoord gegaan. Dat die twee raadsleden niet bij die meerderheid hoorde, mag geen reden zijn dan maar hun gelijk proberen te halen, door acties van burgers te ondersteunen. Dat is toch niet loyaal ten opzichte van de gebruikelijke democratie?

Er zal in Rucphen nog wel wat over nagepraat worden. Maar de zaak is wel van belang voor de ontwikkeling van het duale bestuur. Als een gezaghebbend expert als Elzinga het eigenlijk in het midden laat, hoe weten bestuurders en volksvertegenwoordiger dan hoe ze zich ten opzichte van elkaar moeten verhouden, zonder dat ze elkaars integriteit in twijfel trekken?

Even scherp gesteld: als de aanstaande coalitie de eerste bezuiniging realiseert en een getroffen volksdeel stapt naar de Raad van State of zelfs de rechter, mogen oppositionele Kamerleden tot en met de getuigenbank hun volk vertegenwoordigen?