Tagarchief: gezondheidszorg

Regeerakkoord: Zorg dichtbij en toch zo veraf

Zorg dichtbijIn de zorgparagraaf van het regeerakkoord staan slechts twee noviteiten: het zorgpremiestelsel en het populatiegebonden budget. Door gebrek aan duidelijkheid is over het eerste is al veel rumoer losgebarsten. Er bestaat een gerede kans dat het andere onderdelen van de zorgparagraaf ook zo zal vergaan.

Zorg dichtbij, luidt de titel van de zorgparagraaf. Het regeerakkoord belooft meer wijkverpleegkundigen, meer tweedelijnszorg naar de eerste lijn en hevelt voorzieningen over naar de gemeenten. Daar staan echter bezuinigingen op de lonen van verplegend personeel, schaalvergroting, volumebeperking en  gekrompen budgetten tegenover.

Betere zorg voor minder geld.

De prioriteiten: goede zorg en goede gezondheid, kwaliteitsverbetering, kostenbeheersing en samenwerking tussen zorgaanbieders. ‘Kwaliteitsverhoging gaat (…) vaak samen met kostenverlaging’ en ‘Concentratie van voorzieningen zorgt  voor hogere kwaliteit tegen lagere kosten’ zijn een paar citaten die het droomland van Rutte II goed illustreren.

Maar het regeerakkoord geeft weinig duidelijkheid over hoe de brei van maatregelen een consistent, kwalitatief goede zorg  waarborgt.

Kostenbeheersing.

Met een bekende, maar sleetse tactiek, moet in 2017 vijf miljard euro zijn bezuinigd. Evenals vorige kabinetten gaat Rutte II vooral schuiven met potjes. Onderdelen van de zorg worden overgeheveld van Rijk naar gemeenten, van  tweedelijnszorg naar de eerste lijn en van de AWBZ naar de WMO of ZVW. De overhevelingen gaan uiteraard gepaard met verlaagde budgetten.

Verschuivingen van AWBZ naar WMO en ZVW hebben tot op heden niet bijgedragen aan vermindering van de zorgkosten. Wel aan onrust onder patiënten en zorgorganisaties die hun uitvoeringsapparaat moesten reorganiseren. De geschiedenis van de AWBZ staat bol van verschuivingen, de kosten zijn alleen maar gestegen. Een summier overzicht in dit exceldocument.

Populatiegebonden budget.

Het ei van Columbus op gebied van kostenbeheersing lijkt het populatiegebonden budget te worden. Huisartsenzorg en extramurale verpleging worden gefinancierd met regiobudgetten, die vastgesteld worden op basis van bevolkingskenmerken zoals leeftijd, risicogroepen en chronisch zieken. Als de regio geld overhoudt, mag een deel van de winst behouden worden, een ander deel gaat naar de verzekeraars.

In Groot-Brittanië heeft men er sinds 1974 ervaring mee, In de Verenigde Staten en Duitsland lopen succesvolle experimenten. Regionale samenwerking verbetert de kwaliteit van zorgverleners (delen van ervaring en kennis van de patiënt) en leidt soms tot aanzienlijke besparingen.

Rutte II wil dat spoedeisende hulpposten (SEH’s) en huisartsenposten (HAP’s) vanaf 2017 financieren met populatiegebonden bekostiging. Ook de extramurale verpleging, die van AWBZ naar ZVW wordt overgeheveld, moet onder deze systematiek vallen. In het regeerakkoord wordt daarbij opgemerkt dat er in het huidige systeem ‘perverse prikkels’ zitten die bijdragen aan overbehandeling en verspilling.

Met andere woorden: de ene perverse prikkel wordt ingeruild voor een andere: bespaar je kosten, dan mag je de winst houden. Van overbehandeling naar onderbehandeling?

Het is niet zeker dat gewonnen budget behouden mag worden. De overheid blijft beschikken over het macrobeheersingsinstrument (MBI). Als zorgverleners meer productie maken dan is afgesproken, kan de overheid een strafkorting opleggen. Het is evengoed denkbaar dat een regio die dit jaar ‘winst’ maakt, voor het volgende jaar een lager budget krijgt toegewezen, ook al verandert er niets aan de bevolkingskenmerken.

Binnen de zorgsector wordt volop gediscussieerd over populatiegebonden financiering en op 1 januari 2013 gaat er een pilot van start in Eindhoven.  De sector is er dus nog niet klaar voor, maar Rutte II heeft vier jaar de tijd daar zorg voor te dragen.

Beloningen.

Voor medisch specialisten vervalt per 2015 het fiscale ondernemersvoordeel en wordt het honorarium onderdeel van het ziekenhuisbudget. Maar ook het verplegend personeel dreigt aangepakt te worden.

In tegenstelling tot andere groepen in de collectieve sector zijn medewerkers in de zorg ‘tot nu toe niet afgeremd in de groei van hun arbeidvoorwaarden’, aldus het regeerakkoord. ‘Om adequaat te kunnen reageren op verslechteringen van het EMU-saldo’ moet daar een eind aan komen.

Rutte II wil het huidige convenant voor de overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling in de zorg (OVA) in 2016 beëindigen. In dit convenant is vastgelegd dat zorgmedewerkers gevrijwaard zijn van de zogenaamde ‘nullijn’. Bepaald geen stimulans om aan meer wijkverpleegkundigen te komen.

Conclusie.

De zorgparagraaf is een allegaartje van maatregelen, waarvan een deel in het verleden niet effectief is gebleken. Geen woord over investeringen in innovaties. Door concentratie van voorzieningen raakt de zorg eerder verder dan dichtbij de zorgvrager. De problemen worden doorgeschoven naar de gemeenten, zonder duidelijkheid over compensaties tijdens de overgangsfase of dekkingen bij onverwachte tegenvallers.

De schatkist wordt gezond, de rest lijkt Rutte II een rotzorg te zijn.

Dit artikel verscheen ook op Sargasso.

Hoe lang mag oma leven?

dementWe houden onze moeder in leven, omdat de kinderen niet zonder oma kunnen. We hebben het wel eens voorzichtig aan ze voorgelegd. Hoe zouden jullie het vinden als oma er niet meer is? Nou, het huis was te klein. Hysterisch gebrul van dochterlief en onze zoon trok spierwit weg. Hij is vier, maar al een hele vent, Hij huilt nooit. Ook nu niet, maar die gelaatskleur sprak boekdelen.

Dus blijft moeder leven. Veel stelt het niet meer voor. Ze is volslagen dement, niet in staat zelfstandig uit de rolstoel te komen en het eten moet erin gelepeld worden.
Toch vinden de kinderen haar aardig. Dochtertje speelt met haar zoals ze met haar poppen speelt. Ze kletst maar wat aan tegen oma, die het wonderwel met iets van een glimlach ondergaat. Zoontje zit sprakeloos stil en kijkt onafgebroken naar haar gezicht, terwijl hij alleen haar linkerhand vasthoudt.

Oma is lief, zeggen de kinderen. Ja, dat is dan weer wel een zegen. Voor ze aftakelde was ze een enorme ‘bitch’. Niets en niemand deugde en dat liet ze goed weten ook. Maar dat veranderde al bij de eerste tekenen van dementie. Raar is dat sommige ziektes iets te voorschijn halen, dat je bij gezond leven nooit bij de patiënt hebt gezien.

De kinderen vinden haar lief. Ja, dank je de koekoek. Alleen de namen van de kinderen weet ze nog en krijgt ze ook zonder problemen uit haar mond. Ik dacht altijd dat bij dementie het korte termijngeheugen als eerste sneuvelde, dus zou ze de kinderen ook als eerste niet meer moeten herkennen en dan pas ons zijn vergeten. Nee, ons kijkt ze aan alsof we van Mars komen en als we het eten willen toedienen, spuugt ze ons regelmatig onder. Een beetje ‘bitch’ blijft ze nog.

We hebben het er wel eens met het tehuis over gehad. Rekken we niet nodeloos haar leventje? Oma is  echter opgenomen in een christelijk tehuis. Bij leven en welzijn ging ze nooit naar een kerk, maar toen ze nog iets te zeggen had, gaf haar eigen religieuze opvoeding de doorslag.
Op onze vraag of het niet beter was een einde te maken aan haar vegeterend bestaan, was het antwoord: “Daar hebben wij een speciale service voor”.
“O ja?”, reageerden we enthousiast, “wat dan?” “Daar hebben wij de heer voor”, was het antwoord. Nou, of wij die heer dan onmiddellijk konden spreken, vroegen wij. “Natuurlijk”, zei de directrice, “laten we samen bidden”.

We laten oma dus maar leven. Voor de kinderen. Dat wordt ons wel kwalijk genomen. Weet u wel wat dat kost, krijgen we vaak te horen. De zorgkosten stijgen zo gigantisch, mede door de vergrijzing, dat het nog maar de vraag is of onze kinderen later een betaalbare gezondheidszorg zullen hebben, zo wordt ons voorgerekend.

Nu stelt het CvZ (College van Zorgverzekeringen) voor een paar van de pillen waar oma op teert, niet meer te vergoeden. Eén van die pillen zorgt er voor dat ze minder last heeft van een akelig gevoel in haar benen. Kan wel zijn, stelt het CvZ, maar oma gaat er niet beter van lopen. Ja, als ze er meer dan 23 meter van zou kunnen rennen, dan mag zo’n pil wat kosten, maar niet als het de kwaliteit van leven geen moer helpt, oppert het CvZ.

Kunnen we zelf die pil dan niet betalen? Nee zeg, weet u wel hoe duur kinderen zijn? Bovendien is mijn vrouw vorig jaar ontslagen na een bezuinigingsronde in haar buurthuis. Ze heeft het geluk gehad als schoonmaakster aan de slag te kunnen, maar dat verdient een paar tientjes minder. En ik mag in mijn handjes knijpen dat ik mijn baan als pompbediende nog heb, want we waren even bang dat door de crisis mensen minder auto zouden rijden en dus minder benzine zouden tanken.

Het is een kwestie van keuzes, hoor je in de discussie over de dure gezondheidszorg rondzoemen. Natuurlijk kunnen we oma bij ons in huis nemen, maar de kinderen zijn nog te jong om voor haar te zorgen en wijzelf kunnen niet minder gaan werken. Ik ben nog naar de hoogste baas gegaan en heb voorgesteld te ruilen van baan, zodat ik met zijn salaris oma kan betalen (ik werk bij een Shellstation). Hij liet me er door de beveiliging uitflikkeren.

We laten oma nog maar even leven. Voor de kinderen. Nu genieten zij en oma nog van elkaar, zo te zien. Zouden de kids zich dat herinneren als wij tehuisrijp zijn? Ondertussen hoop ik maar dat de Heer snel een keuze maakt als oma moet lijden omdat straks die pil niet meer gegeven kan worden. Misschien moeten we toch maar gaan bidden.

Eerste hulp drukker door gebruik apps.

GevaarIn alle ziekenhuizen is op de afdeling spoedeisende hulp de drukte toegenomen tengevolge van het gebruik van zogenaamde apps op mobiele telefoontoestellen. Voorzitter R. Kruis van de VSHV (Vereniging van Spoedhulp Verpleegkundigen) dringt er bij de ziekenhuizen op aan,  bij te dragen aan de kosten voor de ontwikkeling van een app die juist ongelukken moet voorkomen.

Als in de maatschappij zaken veranderen, verandert de aard van het werk op de spoedeisende hulp ook. Letsel gerelateerd aan telefoongebruik waren zeldzaam, totdat de mobiele telefoon op de markt kwam. Met name in het verkeer leidt het nog regelmatig tot ongelukken onder automobilisten en fietsers.

De spoedhulpverpleegkundigen en artsen zijn daar inmiddels wel aan gewend en ziekenhuizen hebben hun technologie en roosters al jaren geleden hierop aangepast. Het aantal letsels tengevolge van het mobiele telefoongebruik bleef redelijk stabiel, maar sinds kort wordt de spoedeisende hulp verrast door een golf van been- en armbreuken, hoofdwonden en nekletsels, die te wijten waren aan het gebruik van bepaalde apps op de iPhones en androidtelefoons.

De slachtoffers vallen met name tijdens vakantiedagen en evenementen als de museumdagen, molendagen en open huis- en kijkdagen in diverse sectoren. Er zijn steeds meer apps die informatie doorgeven als de camera op de mobiele telefoon wordt gericht op de plek waar iemand is. Zo is er een museum-app die beelden laat zien van kunst die gerelateerd is aan diverse gebouwen, straten en pleinen in een stad. Er is en app die na het fotograferen van een straatnaambordje, de snelste en goedkoopste weg naar huis toont.

In het straatbeeld is de ontwikkeling van de apps goed te zien. Het bekende beeld van mensen die in de openbare ruimte hun mobiele telefoon aan hun oor houden wordt langzaam maar zeker verdrongen door het beeld van mensen die hun mobiele telefoon voor zich uit in de lucht houden.

“De ontwikkelingen in dit soort technologie hou je niet tegen”, zegt voorzitter R. Kruis, “maar je kunt er wel gebruik van maken”. De VSHV heeft een bureau in de arm genomen die nu onderzoekt of het mogelijk is alle apps die in de openbare ruimte gebruikt kunnen worden, te voorzien van een signaalwerking die de gebruiker waarschuwt voor verkeerspaaltjes, lantaarnpalen, stoepranden en trappen.

“Het is mogelijk, heeft men mij laten weten”, zegt mevrouw Kruis, “maar de kosten zijn aan de hoge kant. We zijn nu aan het berekenen of deze investering uiteindelijk de toenemende kosten van de spoedeisende hulp zullen terugdringen”.
Een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid zet op de hoogte te zijn van de problematiek. Het kabinet had een wet in voorbereiding om het gebruik van apps in de openbare ruimte te verbieden. Door de val van het kabinet zal het hier echter niet van komen. De woordvoerder laat weten dat de minister het toejuicht als bedrijfsleven en ziekenhuizen inzetten op preventieve technologie en hoopt op een spoedige realisatie van de waarschuwingsapp.

Wie niet wachten wil, krijgt een boete.

WachtkamerWie in een ziekenhuis de een of andere specialist moest bezoeken, zal het beeld hier links zeer bekend voorkomen. Je meldt je bij de receptie en mag plaatsnemen in een totaal verlaten wachtkamer.

Dat overkwam mijn vorige week ook. Na vijf minuten informeerde ik of er al iemand bij de dokter zat. Nee hoor, antwoordde de baliemedewerkster. Ik kan niet meteen door, vroeg ik toen. Nee, u moet wachten. De reden? De wachtkamer moest efficiënt worden gebruikt. Gelukkig duurde het maar twintig minuten voor ik de spreekkamer in mocht.

Bij het weggaan wilde ik mijn opdringerige nieuwsgierigheid toch even bevredigen. Is het altijd zo stil hier? Ja hoor, was het antwoord.
Goh, dan zijn er maar weinig mensen ziek, opperde ik. Mwah, zat zieke mensen hoor, brabbelde de baliemedewerkster.
Maar ze hebben toch de dokter niet nodig, concludeerde ik. Jawel, was de repliek, maar mensen komen niet op hun afspraak opdagen.

Wel alle donders. Beseffen al die mensen wel hoe duur zo’n wachtkamerstoel is? Om niet te spreken van de kosten voor de wachtende arts en baliemedewerkster. Gelukkig heeft de minister van Volksgezondheid bedacht hoe je die kosten kunt terugverdienen. Wie niet op de afspraak verschijnt moet een boete krijgen. Zul je zien dat de extreem dure gezondheidszorg miljarden goedkoper wordt.

Dat zulke boetes helpen bewees een Haags ziekenhuis. Na invoering van de boetes zakte het aantal niet nagekomen afspraken van zeven naar vier procent. Niet naar twee, niet naar één en bij lange na niet naar nul.

Ik heb geen idee wat de oorzaken zijn van afspraakspijbelen. Misschien dat een patiënt bij binnenkomst de lege wachtkamer ziet en denkt dat de dokter er wel niet zal zijn. Of acute ruimtevrees krijgt. Ik dacht ook even of ik wel op de juiste dag en tijd arriveerde.

Misschien was er bij KPN of Vodafone weer een storing, waardoor het onmogelijk was af te bellen. Misschien zat men ergens vast in een file. Misschien was de patiënt inmiddels overleden.

Hoe dan ook, het is een briljant idee mensen weer de wachtkamers in te jagen, door met boetes te dreigen. Wie weet keert zo de gezelligheid weer terug in die verlaten ruimtes.

Cuba model voor gezond blijven in crisis?

CubaZelfs als het zwaar crisis is, kan een goede volksgezondheid overeind blijven. Dat stellen onderzoekers van het Belgische  Instituut voor Tropische Geneeskunde. Voorwaarde is wel dat men bereid is de publieke gezondheidszorg te versterken, zoals Cuba in de jaren negentig deed.

Cuba wordt wel vaker als toonbeeld van goede volksgezondheid geafficheerd. Uiteraard met de nadruk op volks. Een kwalitatief goed zorg, bereikbaar voor iedereen. Maar zelfs een eigenwijze Cubaanse regering ontkomt er toch niet aan ook op de zorg te besparen, als het financieel tegen zit?

Een kwestie van keuzes, mag je concluderen uit het onderzoek. Cuba kreeg het goed benauwd toen in 1989 de Russen hun economische steun terugtrokken en Amerika het economisch emabargo verscherpte. Het BBP (Bruto Binnenlands Product) zakte dramatisch en Cuba kampte met voedselschaarste.

In Rusland daalde het BBP nog harder en tussen 1990 en 1994 namen de sterftecijfers met 30 procent toe. Niet alleen ten gevolge van sociale instabiliteit, ondervoeding, depressies en, alcoholgebruik, maar ook dankzij de ontmanteling van de gezondheidszorg.
De onderzoekers zagen soortgelijke ontwikkelingen in Argentinië, Peru en Indonesië, waar ook de private geneeskunde voor velen onbereikbaar werd, door de waardedaling van de nationale munt.

In Cuba kon de overheid gezondheid en welzijn voor een groot deel vrijwaren van de malaise. Hoe? Door voorschriften van het IMF (Internationaal Monetair Fonds) te negeren en vast te houden aan sociale herverdeling.
In tegenstelling tot de andere genoemde landen, verbeterde een aantal gezondheidsindicatoren. Kindersterfte nam verder af en de levensverwachting bleef stijgen. De voedselschaarste leidde wel tot een tijdelijke stijging van het aantal kinderen met een laag geboortegewicht en een toename van tuberculose.
Over het geheel genomen vonden de onderzoekers een sterk verband tussen toenemende publieke uitgaven voor gezondheidszorg en die dalende kindersterfte en stijgende levensverwachting.

Het Instituut voor Tropische Geneeskunde stelt heel voorzichtig dat België, of Griekenland, niet te vergelijken zijn met Cuba, maar adviseert toch dat het geen kwaad kan de Cubaanse werkwijze nadere te bestuderen. In Cuba worden vooral economische en sociale maatregelen doorgevoerd, die op een groot draagvlak onder de bevolking kan rekenen.
En men koos ervoor de openbare gezondheidszorg te versterken, in plaats van af te bouwen. “Gezondheidsdiensten werden een prioriteit en bleven gratis, het aantal huisartsen verdriedubbelde en ze besteedden extra aandacht aan preventie“, aldus de onderzoekers.

Cuba staat nog steeds te boek als een dictatuur. Partijen die hier vrijheid en democratie in het vaandel voeren, zullen het advies van de onderzoekers in de wind slaan. Liever dood, dan rood? Dat is ook een keuze. Die lijkt hier gemaakt, door fors te bezuinigen op publieke voorzieningen, waaronder de gezondheidszorg.
Het zal er niet onmiddellijk toe leiden dat Nederland afzakt naar het levensverwachtingsniveau van Cuba. Volgens het CIA World Factbook staat Nederland op de 35e plaats in de top-100, ruim 20 plaatsen boven Cuba.

Als de onderzoekers gelijk hebben en er een directe relatie bestaat tussen kiezen voor het overeind houden en verbeteren van de gezondheidszorg en de levensverwachting, dan hebben Nederlanders en Cubanen wel iets om over na te denken.
Kijrgen de Cubanen vij een stijgdende levensverwachting over een aantal jaren ook met peperdure vergrijzing te maken? En willen Nederlanders hun levensverwachting behouden en zal er dan op de gezondheidszorg niet of minder bezuinigd moeten worden?

Pgb weg ermee?

pgbHet lijkt op zich een gezonde redenering: als iets alsmaar duurder wordt, dan ga je er in snijden. Kosten kunnen een irritant gezwel zijn, dus is het verstandig het mes erin te zetten. Het PGB (persoonsgebonden budget) is zo’’n gezwel, vindt kabinet Rutte.

Twee berichten. Eerst een uit de Volkskrant van maart 1998.
“Het pgb moet juist op veel grotere schaal worden ingevoerd en beschikbaar zijn voor alle cliënten die daarvoor kiezen, is hun  advies. De ingewikkelde, op controle gerichte administratieve regelingen, die een drempel vormen voor hulpvragers en hulpverleners, moeten worden vereenvoudigd. 'Het is aardig om te zien dat de cliënten met hun pgb meer en vaak ook hoger gekwalificeerde hulp weten te realiseren dan ze in natura zouden hebben gekregen',constateert Miltenburg. 'Het is goedkoper voor de verzekeringskas. Met een PGB ben je beter af”.

Zo luidde een advies van het Instituut voor Toegepaste Sociale Wetenschappen (ITS) aan de Ziekenfondsraad.
En nu kan de Volkskrant melden waarom het kabinet het mes zet in de pgb’s: “De regeling was ooit bedoeld om patiënten beter te kunnen bedienen die ontevreden waren over de kwaliteit van zorg die ze kregen van logge zorginstellingen. Nu blijkt dat de pgb's vaak worden aangevraagd door mensen die nooit eerder zorg hebben ontvangen van een instelling en daar verder ook geen belangstelling voor hebben. Anders gezegd: Zorg die voorheen gratis werd geleverd door bijvoorbeeld familie, vrienden of buren, wordt nu vergoed via het pgb”.

Zorg die voorheen gratis werd geleverd? Krijgen mensen met een beetje kiespijn dan een pgb? Krijgen ouders met een bedplassertje een pgb? Dat zal toch niet?
Alleen mensen die recht hebben op verblijf in een zorginstelling, komen in aanmerking voor een pgb, zei staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten. Daarmee suggereert ze dat er nu mensen een pgb krijgen die niet zwaar genoeg getroffen zijn door een of andere ziekte of letsel.
Het kan zijn dat de criteria wat zijn verruimd onder de kabinetten Balkenende. Dat was dan omdat men er heilig van overtuigd was dat het zou bijdragen aan vermindering van de zorgkosten.

Nu gaat het kabinet Rutte duizenden mensen uitsluiten van de pgb’s. Dan worden de kosten van de AWBZ wat kleiner. En hoe komen die mensen dan aan de zorg die ze nodig hebben? Van de thuiszorg?
De maatregel moet in 2014 van kracht worden. Slim van Rutte. Gezien het groeiende verzet tegen zijn bezuinigingen, is de kans klein dat hij een tweede termijn krijgt. Het dan volgende kabinet ziet de kosten van de thuiszorg explosief groeien en die bedenkt dan dat een deel van die zorg, onder beperkende voorwaarden, overgeheveld moet worden naar de AWBZ.

Wie de geschiedenis van de AWBZ kent (hier op dit weblog en hier in wetten), weet dat er allerlei zorg in- en weer uitgeheveld is, maar dat de kosten altijd bleven stijgen. Niet alleen van de AWBZ, maar ook van de totale gezondheidszorg.
Dan is het goed om eens te kijken naar de oorzaken en eens na te denken over welke keuzes we kunnen maken. Zo zou een keuze kunnen zijn te accepteren dat een redelijk goede gezondheidszorg peperduur is. De financiering zal dan tot stand moeten komen door op andere terreinen te beknibbelen.

Rutte moet niet denken dat hij met de pgb-maatregel het ei van Columbus heeft gevonden. Dit is het verschuiven van een probleem en zal geen cent bijdragen aan vermindering van de kosten. Het blijft overigens een raadsel waarom Rutte met een onwerkbare en bovendien impolulaire maatregel komt, die hij zelf waarschijnlijk niet hoeft uit te voeren.

Wie zorgt voor wie nu leeft?

Wie zorgt voor wie nu leeft? Wie dan leeft, wie dan zorgt. Dus schrijven deskundigen toekomstscenario’s. Want als het even kan, proberen we te voorkomen dat putten gedempt moeten worden, waar hele veestapels in zijn verdronken, terwijl we het hadden kunnen zien aankomen. Maar wat te doen, als er hier en nu een kalf onder onze ogen verdrinkt?

Het SCP (Sociaal Cultureel Planbureau) heeft voor van minister Klink uitgerekend hoe groot het
personeelstekort in de zorg zal zijn. Als we er niets aan doen, zal dat tekort in 2030 voor problemen zorgen. Het tekort zal misschien wat minder toenemen, omdat ouderen gezonder worden of als de politiek besluit een deel van de zorgvraag niet meer te financieren. Het SCP bouwt dit toekomstscenario op basis van cijfers tot 2005.

Tussen 2005 en nu worden we regelmatig geconfronteerd met hedendaagse personeelstekorten in de zorg. Een greep uit het nieuws.
2006: De RVZ (Raad voor de Volksgezondheid en Zorg) berekende toen al een tekort. In 2040, tien jaren verder dan het SCP gaat.
2007: Het kalf is nog niet helemaal verdronken. Er worden de eerste plannen gesmeed en op experimentele basis uitgevoerd, om het tekort aan te pakken.
2008: Toch verschijnen er steeds meer berichten over mankementen in de zorg, die door personeelstekort veroorzaakt zouden worden. Ouderen die urenlang op hun zorg moeten wachten. Die berichtgeving is geen beste reclame voor de zorg en minder mensen lijken gemotiveerd in de zorg te willen werken. Geen nood, beweren optimisten, het personeelstekort zal er toe leiden dat de werknemers creatiever en dus productiever zullen werken. Het valt allemaal wel mee, omdat elk tekort zichzelf weer opheft, zegt een deskundige.
2009: Kan wel zijn, maar ondertussen lijdt het werk er wel onder. Zorgpersoneel komt steeds vaker voor akelige keuzes te staan. Wat doe je nog wel en wat niet? Laat je iemand die net uit bed is gevallen, even liggen omdat een ander zijn medicatie op tijd moet hebben?

2010: Hulp is in aantocht. Er wordt een
compleet nieuwe opleiding uit de grond gestampt. Hoeveel nieuw personeel dat oplevert weten we nu nog niet.
De crisis komt ook te hulp: Het aantal openstaande vacatures is met een kwart gedaald en minister Klink is ervan overtuigd dat de zorg weer aantrekkelijker is geworden voor werkzoekenden. Dan moeten zorgmanagers wel goed omgaan met de werkdruk van hun personeel en dat is nog lang niet altijd het geval. Er zijn toch echt te weinig handen aan het bed.
In een reactie op het SCP-rapport, zegt een voorzitter van een zorgorganisatie dat meer kleinschaligheid en betere samenwerking tussen verschillende disciplines het personeelstekort kan opvangen.

Zeker, het kan anders. Eén verpleger die tien rolstoelen voortduwt. Chirurgen die aan huis opereren. De thuiszorg vervangen door louter tehuiszorg. Elke zorgbehoevende oudere die vanuit het bed nog om hulp roept, gewoon laten liggen, want wie roepende is, is nog niet dood.

Er is dus nu een tekort en naar verwachting zal dat niet verdwijnen. Hooguit zal het tekort minder toenemen. Het kalf houdt maar net de kop boven water. Ondertussen woedt de bezuinigingsdrift voort. De
gemeentelijke bezuinigingen en kortingen op de pgb’s leiden tot minder thuiszorg. Komt er een kabinet met VVD, CDA en PVV, dan zal de zorg nog meer moeten inleveren. De PVV houdt nu nog wel de poot stijf, maar de partij heeft al zoveel van haar punten ingeleverd, dat niet valt te verwachten dat deze partij de formatie hierover zal opblazen.

Ach, wie dan leeft, wie dan zorgt. Dat optimisme is nu alleen voorbehouden aan degenen die niet de achteruitgang in de zorg aan den lijve ondervinden.
Welke zorg gunt u de mensen die nu leven en nu die zorg nodig hebben?

Het web afstoffen

Het web afstoffen Afgelopen week was er wat commotie over, hopelijk, een laatste demissionaire stuiptrekking van het kabinet Balkenende. Het Openbaar Ministerie zou de bevoegdheid moeten krijgen strafbare informatie meteen van het internet te verwijderen of te blokkeren. Zonder dat er een rechter aan te pas komt.

Tot nu toe moet een officier van justitie een rechter zien te overtuigen of een gebeurtenis een strafbaar feit is. Volkomen terecht wordt er van diverse kanten bezwaar gemaakt tegen het verruimen van de wet. Maar enig begrip is wel op zijn plaats. Want een rechtszaak kost nogal wat. Tijd en geld. Daarom duurt het ook zo ontzettend lang, voordat de samenleving dat rechtschapen, ordelijke en veilige paradijs wordt, dat idealisten als Balkenende en Hirsch Ballin voor ogen staat.

Want behalve overduidelijke criminaliteit als moord en diefstal, is er nog zo veel mis, waar amper grip op te krijgen is. Criminaliteit kost een fractie, vergeleken bij zaken die ook de samenleving ontwrichten. Een paar voorbeelden, waarbij het wetsvoorstel een uitkomst kan zijn.

We dreigen failliet te gaan aan de kosten van de gezondheidszorg. Een regelrechte bedreiging, onder andere omdat mensen te veel vette troep eten.
De websites van Burger King en McDonald’s? Blokkeren die hap!

De economie lijdt onder de grillen van goklustige aandeelhouders. Zakken de koersen, dan volgt er een paniekerige reactie en kondigen de media de volgende crisis al weer aan. Regeringen zien zich genoodzaakt tot harde maatregelen en de consument raakt in de war.
Dus beursinformatie? Verwijderen!

En verder mag alle reclame, zeker in de vorm van irritante pop-ups, zonder meer verboden worden. Een mens moet toch in alle rust en zonder enige hinder alle legale informatie op het web door kunnen nemen?

Er komt een inspecteur bij de dokter

Er komt een inspecteur bij de dokter De kwaliteit van de zorg wordt genationaliseerd. Het demissionaire kabinet, kampioen marktwerking in de zorg, komt met de laatste gouden greep van Klink?

De ministerraad draait nog op volle toeren. Er moet voor 9 juni nog heel wat van de agenda worden afgestreept. Uiteraard met de bedoeling het volgende kabinet een leuk erfenisje na te laten. De kosten voor de zorg bijvoorbeeld. Ook dit kabinet beloofde er alles aan te doen de kosten terug te dringen. Het is niet gelukt.

Maar nu de gouden ingreep van Klink. De oprichting van een Nationaal Kwaliteitsinstituut Gezondheidszorg. Doel: de kwaliteit van de zorg te vergroten en, let op, juist daarmee onnodige kosten te vermijden en terug te dringen. Aldus
het persbericht uit de ministerraad.

Welke kosten? Nou, de kosten van al die overbodige behandelingen bijvoorbeeld. De artsenij doet maar wat. En ondanks waarschuwingen van Klink, blijven de medici maar aanrommelen. Maar liefst zeven organisaties hebben de artsen op hun vingers gekeken èn getikt, maar het heeft niet mogen baten.
De Inspectie voor de Gezondheidszorg, Zichtbare Zorg, het College voor Zorgverzekeringen, de Nederlandse Zorgautoriteit, ZonMW, de Regieraad en DBC-onderhoud hebben gefaald en worden vervangen door dat Nationaal Kwaliteitsinstituut.

Lees wat dat instituut gaat doen en dan kom je tot de conclusie dat een deel van de werkzaamheden van die zeven organisaties door dat ene instituut wordt overgenomen. Het bevorderen van richtlijnen, openbaarmaken van uitkomsten in de zorg (o.a. sterftecijfers van ziekenhuizen) en het beoordelen of behandelingen wel kwalitatief, doelmatig en veilig genoeg zijn.

Sterftecijfers van ziekenhuizen? Gaan er ziekenhuizen dood? Dat zou wel de kosten aanzienlijk drukken. Bevorderen van richtlijnen? Tuurlijk, hoe vaak mikt de anesthesist er niet ver naast met de spuit en wordt de patiënt door een verdoofde chirurg geopereerd?
Nee, even serieus. De term kwaliteitsinstituut is mooi, maar verhult de feitelijke missie: snijden, snijden en nog eens snijden.

Met een beetje mazzel wordt de gezondheidszorg iets goedkoper als niet zeven, maar één instituut de inspecties uitvoert een beleid ontwikkelt. Maar een kwalitatief goede operatie blijft een dure zaak. Je hoeft het CPB niet uit te laten rekenen dat meer kwaliteit ook meer geld kost.
Het gaat dus niet om die kwaliteit, maar om de laatste stuiptrekking van Klink. Een armzalige poging de kosten beheersbaar te krijgen.

Al eerder heb ik hier betoogd dat er eens een definitieve keuze moet worden gemaakt, wat voor zorg we willen. Willen we de beste zorg voor iedereen, dan is dat peperduur. Willen we van dat prijskaartje af, dan zal niet alle zorg meer voor iedereen betaalbaar zijn. Of je kiest ervoor de zorg wel voor iedereen beschikbaar te houden tegen een veel lagere prijs. Maar dan gaat ook de kwaliteit achteruit.

Het Nationaal Kwaliteitsinstituut Gezondheidszorg gaat die keuze niet maken.
Er komt een inspecteur bij de dokter. De dokter vraagt wat de klachten zijn. De inspecteur zegt maar één klacht te hebben. Wat is dat dan, vraagt de dokter. U, zegt de inspecteur. Ik ben uw klacht?, zegt de dokter verbaasd. Ja, uw verdient teveel, u onderzoekt teveel, u schrijft teveel recepten uit, u gebruikt teveel instrumenten en apparatuur en u snijdt teveel, weet de inspecteur te vertellen.

En nu?, vraagt de dokter. Dat lossen we meteen op, zegt de inspecteur. Geeft u mij uw scalpel eens even.

Schadevrije robots

Schadevrije robots Om de kosten van de gezondheidszorg wat in te dammen, zal steeds meer de hulp van robots worden ingeroepen.
Robots heb je in soorten en maten. Van handige hulpjes in huis, tot rondvliegend oorlogstuig. De laatste categorie wil nog wel eens tot onbedoelde slachtoffers leiden. Collateral damage genoemd. Dat kan ook bij robotica in huis, dus ook in de zorg.

BBC News meldt een Duits onderzoek, waarbij robots, uitgerust met een detectie systeem, werden getest. Het systeem is zo geprogrammeerd dat een robot die de groente moet snijden, precies de juiste snijbewegingen maakt. Stoot de robot op ander materiaal dan stopt hij met snijden.
Goed, je hebt er thuis eentje die kip kan fileren. De robot die de keukenvloer moest schoonmaken is echter defect, en de fileerrobot glijdt weg en zijn mes raakt je ter hoogte van je navel. De robot voelt ongeveer dezelfde substantie en hakt door.

Tenzij de robot dus is voorzien van een goed werkend ‘collision detect system’ (lees meer
op BBC News).
Robotica moet natuurlijk extreem veilig zijn. Een robot die contact legt met de dokter èn klopt, veegt en zuigt, mag een handige hulp voor ouderen en gehandicapten zijn, maar moet niet de stofzuigerslang in de mond van de patiënt duwen, in de veronderstelling bezig te zijn met het toedienen van medicatie.
Robots die straks in ziekenhuizen patiënten in en uit bed tillen, moeten niet ineens denken dat ze balen meel staan uit te laden, die met een reuzenzwaai op de lopende band van een fabriek moeten worden gegooid.

Een demente oudere is over een aantal jaren wellicht omringd door een robot die het huishouden doet, eentje die de pillen verzorgt en een die voor het sociale vertier zorgt. Krijg je krantenberichten die melding doen van een bejaarde terecht is gekomen onder botsende robots.
Zijn foutloze robots maakbaar? Of zitten we straks met explosief stijgende zorgkosten wegens toename van ongelukken in en rond het (zorg)huis?

De meeste fouten zullen menselijk blijven. Een foutje in de software, een verkeerd afgestelde arm of slecht onderhoud en de robot functioneert niet naar behoren.
Misschien moeten robots door robots worden gemaakt?