Tagarchief: LNV

Met name excuses

Met name excuses Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit is alweer in opspraak wegens een krantje. Eerder viel half Nederland over de glossy Gerda. De commotie leidde tot het ontslag van een topambtenaar.
Nu is op de en of andere manier de inhoud van een van de personeelsbladen naar buiten gekomen. Het blad Met Name publiceerde tips voor de ambtenaren om aan de verkiezingscampagnes te ontsnappen.

Blijkbaar hebben ambtenaren last van de verkiezingscampagnes. Anders zouden die tips nooit bedacht zijn. Wat voor last is onduidelijk. Het blad zelf is niet online in te zien en de berichtgeving over het artikeltje schrijft niets over de motieven van de Met Name-redacteurs.

Die gingen
fiks in de fout. Doe een “Volkert van der G’tje”, was een van de adviezen. Waarop het ministerie zich natuurlijk genoodzaakt zag, excuses aan te bieden.
Had het ministerie maar het personeelsblad wegbezuinigd in 2008. Maar nee, het LNV was een van de drie ministeries die ervoor koos het blad te handhaven en moest op andere zaken bezuinigen.

Omdat het zo’n geweldig blaadje is? Nou, in 2006 dacht een jury daar anders over. Voor het e-magazine van Bedrijfsjournalistiek.nl beoordeelde een jury de ministeriële personeelsbladen. Het blad Met Name haalde een achtste plaats, omdat slechts 1 jurylid de inhoud “kritisch, maar feitelijk correct” vond.
Het blad is er blijkbaar niet op vooruit gegaan. Met de tips om de verkiezingscampagnes te ontwijken, is het behalve schijtlollig, ook ethisch incorrect gebleken.

Of mag ook een personeelsblad de vrijheid van meningsuiting optimaal benutten?

Demissionaire verzekering

Demissionaire verzekering Elk kabinet moet natuurlijk een beetje in de gaten gehouden worden, maar een demissionair kabinet helemaal. Dat heeft de geschiedenis wel geleerd. Welke besluiten jast Balkenende V er op de valreep nog even door?

Vandaag een besluit tegen extremisme, waar niemand ooit nog over zal vallen? Minister Verburg deelde de Kamer per brief mee, dat ze vier verzekeringsmaatschappijen toestemming heeft gegeven een
brede weersverzekering op de agrarische markt te gooien. Boeren die zo’n verzekering willen afsluiten krijgen in 2010 en 2011 tot 65% subsidie op de premie.

Verzekeren tegen breed weer? Is er iets met het klimaat aan de hand dat we nog niet weten?
Zeker, stelt de
Vereinigte Hagel, een van de verzekeraars die door Verburg is goedgekeurd. “Met het veranderen van het klimaat en de toename van extreme weersomstandigheden is er ook een uitbreiding van het aantal schadedagen in een jaar“.
Sterker nog: AgriVer, ook goedgekeurd door Verburg, weet dat natuurgeweld door opwarming van de aarde de komende jaren steeds extremer zal worden”. En natuurlijk: “Dit roept de vraag op naar nieuwe verzekeringsproducten”. Waarna wordt gewezen op de 65% subsidie en een 30% eigen riscio.

Zijn we daarmee af van hulpgeroep uit de agrische sector als hagelstenen, groot als tennisballen, de oogst verpletteren? Of als een compleet agrarisch gebied dagen onder water staat of juist door droogte verdampt?
Tot nu toe verzekerden boeren zich vaak niet, omdat de premies buitengewoon hoog waren. Of was de schade zo groot dat boeten èn verzekeraars een beroep op de overheid deden, om bij te springen.

Extreem weer is een calamiteit dat niet alleen de oogst verpest, maar ook tijd (dus geld) kost, omdat het bedrijf eerst de schade aan gebouwen, schuren en machines moet herstellen en ook nog eens moet wachten tot het land weer geschikt is voor de volgende aanplant. De totale bedrijfsschade kan dus erg oplopen.
Hoe hoog moet een premie zijn om dat te kunnen vergoeden? En als eenderde van de schade voor eigen risico is, valt te voorspellen dat de overheid niet gevrijwaard zal zijn van hulpgeroep om financiële bijstand.

Want dat is wel de bedoeling. “Het doel van de financiële ondersteuning in de vorm van subsidie op de premie is om te komen tot een privaat instrument dat zelfstandig in de markt functioneert”, schrijft Verburg in haar brief aan de Kamer.
Ofwel: mocht u getroffen worden door noodlottige gevolgen van klimaatverandering, dan zoekt u het maar zelf uit. Een terechte opvatting, want de overheid (in deze Balkenende I t/m IV) heeft tenslotte alles al gedaan om sluitende klimaatmaatregelen te realiseren. Toch?

Nog een voetnootje risico tenslotte. Zal Eurocommissaris Kroes het wel goed vinden dat slechts vier verzekeraars van deze regeling mogen profiteren? Of zal ze, net als een paar boeren akkoord zijn met een verzekeraar, de minister terugfluiten? En, als dan de susidie vooralsnog niet verstrekt mag worden, komen die boeren dan wel van hun brede weersverzekering af?

Er is dus een beste kans dat na de eerste de beste overstroming in het voorjaar, de maatregel niet afdoende blijkt te helpen en alweer een aantal agrarische bedrijven zullen afvloeien.
Kan Verburg daar dan op afgerekend worden als ze in hetvolgende kabinet, Balkenende VI, vice-premier blijkt te zijn?

Geen redding voor haantjes.

Geen redding voor haantjes Trage overheid? Welnee. Wordt er een motie ingediend, krijg je binnen 2 maanden antwoord en wordt een onderzoek beloofd. Vervolgens heb je binnen de volgende 9 maanden het antwoord op je bord: een stukje kip met een omeletje ernaast. Je had gevraagd om een omeletkip, maar die kan niet worden geleverd.

De combinatiekip. In februari was hier al
een fantasietje te lezen over dit veelzijdige en duurzame stukje vlees. Om de zinloze dood van zo’n 30 miljoen jonge haantjes per jaar te voorkomen, diende Ernst Cramer (CU) in december 2008 een motie in en vroeg minister Verburg uit te vogelen of er kippen gefabriceerd konden worden die zowel als een prima legbatterij als een uitmuntend vleesproducent kunnen functioneren.
Nu zijn die functies gescheiden in legrassen en vleesrassen. De haantjes van legrassen worden massaal vernietigd. Om nutteloos gebruik van kippenvoer te voorkomen, natuurlijk.

In februari van dit jaar
beloofde de minister een haalbaarheidsstudie en die is nu afgerond. Verbrug schreef meteen een brief aan de Kamer (pdf!) en deelde mee dat de combinatiekip niet op grote schaal mogelijk kan worden gemaakt. Combinatiekippen zijn te duur en niet goed voor het milieu. Bovendien lijkt de consument, hier of elders in Europa, de haantjes van combinatierassen niet te op het menu te willen. Aldus de minister.

De WUR (Wageningen Universiteit en Research centrum) heeft in het onderzoek vijf combinatierassen vergeleken met de leg- en vleesrassen en kwam tot de conclusie dat die laatste veel efficiëntere producenten zijn dan hun combi-genoten.
Citaat uit de brief van Verburg: “Hennen leggen vanuit een oogpunt van voergebruik en milieubelasting efficiënt eieren als ze veel eieren kunnen leggen bij een laag volwassen gewicht. Pluimveevlees wordt efficiënt geproduceerd als de kuikens in relatief korte tijd het slachtgewicht (circa twee kilogram) kunnen bereiken. Dit is alleen mogelijk wanneer de ouders van de vleeskuikens juist een hoog volwassen gewicht kunnen bereiken. Een hoog volwassen gewicht gaat echter weer samen met een relatief lage eiproductie. Het produceren van eieren en vlees met eenzelfde ras gaat derhalve gepaard met een fors hogere milieubelasting en fors hogere kosten in vergelijking met de gespecialiseerde leg- en vleesrassen. Dit verschil kan variëren van 50 tot 100%”.

Daar komt dan nog bij dat het vetmesten van haantjes voor consumptie niet rendabel lijkt. De minster schrijft: “Gelet op de huidige culinaire traditie in Nederland en naburige landen, de beperkte
waardering van de slacht- en eetkwaliteit van deze dieren en vergeleken met de ontwikkeling van de (dalende) consumptie in Italië, schat de WUR de marktkansen voor dergelijke aantallen minimaal in”.

Jammer voor de haantjes van legrassen. Die blijven dus een heel kortstondig leven houden en blijven hooguit dienstbaar als voer voor dierentuinbewoners.
De CU haalt bakzeil. Hoewel minister Verbrug toch dezelfde religieuze principes er op na houdt als de CU, is ze niet gevoelig gebleken voor het argument dat het niet de goddelijke bedoeling is, levende schepsels ter wereld te brengen, louter om ze zo snel mogelijk te doden.
Vooralsnog mogen we blij zijn dat de coalitie het onderling wel eens is dat voor het menselijk leven andere principes gelden. Bijvoorbeeld dat ook jeugdige haantjes van 18 tot 20 jaar niet langer moet sneuvelen in Afghanistan.

Eiwitrijk Nederland

Eitwitrijk Nederland

Met 1,7 miljoen euro gaat minister Verburg op zoek naar duurzaam eiwit en wil daarmee het ecosysteem redden en toch de groeiende wereldbevolking van de nodige eiwitjes voorzien.

Zo kras staat het niet in het persbericht van het LNV, maar Verburg ziet wel een actieve rol voor ons ondernemende land weggelegd. Dus de jackpot maar uitgeloofd, voor die ondernemer die met goede ideeën komt voor duurzame productie van algen, insecten of kweekvlees.

Ook al dragen wijzelf voor eenvijfde bij aan ons lot (20 procent van ons lichaamsgewicht is eiwit), we produceren zelf niet al het benodigde materiaal voor de aanmaak van eiwitten. Ze zijn opgebouwd uit 24 aminozuren. Elf aminozuren kunnen we zelf aanmaken, de overige dertien halen we uit voedsel.
Dierlijk eiwit bevat de meeste belangrijke aminozuren, tevens in de juiste verhouding. Toch kan je met plantaardige eiwitten een heel eind komen, mits juist gecombineerd. Pasta en tofu bijvoorbeeld, of het bekende Surinaamse bb&r (bruine bonen met rijst).
Een tekort aan eiwitten kan tot verschrikkelijke zaken leiden. Een teveel is amper schadelijk, hoewel bekend is dat teveel vleeseiwit leidt tot onnodig kalkverlies.
(Meer te lezen op
medicalfacts.nl)

Als de natuur ons niet of weinig kan leveren aan wat we broodnodig hebben (en dat krijg je als er meer bevolking dan voedzame natuur is), kun je de natuur een handje helpen door er wat aan te knutselen. Biochemici zijn in staat zelf eiwitten te bouwen of te verbeteren. De Amerikaan John Chaput wist veel stabielere eiwitten te fabriceren, dan de natuur dat doet.
Als de aminozuren op de juiste manier interacties aangaan, kan er een goed functionerend eiwit ontstaan. In de natuur gebeurt dat niet altijd perfect. Als de constructie van een eiwit niet naar wens verloopt, zijn er nog altijd zogenaamde
chaperonne-eiwtitten, die het alsnog fiksen, maar die redden slechts 20 procent van de mislukkelingen.
De ondernemers die de 1,7 miljoen van Verburg willen cashen, zijn er dus misschien bij gebaat hun licht bij de biochemici op te teken. Wie weet kunnen die behulpzaam zijn bij het kweken van zeewier met hoogwaardig eiwit.

Nederland is natuurlijk veel te klein om de wereld van eiwitrijk voedsel te voorzien. Maar met een proefveldje hier en een laboratorium daar, kun je wel onderzoeken of je een regenworm een eco- en diervriendelijk make-over tot omelet kan laten ondergaan. Of hoe je zeewier met verbeterd eiwit kan kweken, zonder dat we hele recreatieplassen moeten opgeven. En die uitvindingen dan wereldwijd exporteren.

Of 1,7 miljoen euro voldoende is om ons eenvijfde deel aan eiwitten op peil te houden? Waarom geen 27,5 miljoen? Zelf 5,5 miljoen zou al een veel grotere bijdrage zijn. Maar ja, Verburg mag natuurlijk zelf niet aan de Staatloterij meedoen. Belangenverstrengeling. Reken maar dat er een storm aan klachten zou komen als Verburg dat winnende eenvijfde lot blijkt te bezitten.
Voor verbetering van ons eiwitrijk voedsel zullen we dus een beroep op andere financiers moeten doen.

Minister Verburg wendt 2e Bollencrisis af

Bollencrisis II afgewend

Net als de beurzen weer wat opleven en hypotheek-, creditcardcrisissen en vermogenscrisissen bij lagere overheden het ergste wel hebben gehad, dreigt er ineens een heel andere crisis. De bollencrisis. De tweede in de vaderlandse geschiedenis.

Het fraaie weblog Sargasso gaf in hun Waan van de Dag een leuke link door over de eerste tulpenbollencrisis (17e eeuw).
De tulpenbol was in die dagen een noviteit waar veel mensen wel geld in zagen en avontuurlijk speculeren leidde tot een ware crisis. De overheid moest hard ingrijpen. Je zou denken dat men wel een lesje had geleerd.

De voorzitter van de Land- en Tuinbouw Organisaties (LTO) en SER-lid Albert-Jan Maat werd afgelopen zaterdag hier geciteerd. De SER besprak de krediet crisis en de heer Maat sprak de gedenkwaardige woorden: “Gek dat terwijl de landbouw überhaupt geen giftige producten op de markt mag brengen, de financiële sector dit de afgelopen jaren aan de lopende band deed. Hoe kunnen we de financiële sector enig moraal bijbrengen?

Tuurlijk, hij herinnerde zich die 17e eeuwse crisis nog maar al te goed. En wie herinnert zich dat ook nog? Onze landbouwminister Gerda Verburg.

Zij verdedigt onze bollenteelt. De Hollandse bol dreigt te vallen, ten onder te gaan aan Europese regels tegen het gebruik van middelen die de bollen moeten beschermen tegen ongedierte en ziektes.
Tulpenkwekers vrezen aan de grond te raken. Omdat ze de tot nu toe gebruikelijke middelen niet meer mogen gebruiken.

De landbouwminister laat weten alles in het werk te zetten om deze crisis het hoofd te bieden: “We hebben met de EU-landbouwministers en de Europese Commissie een goed voorstel gemaakt om sommige risicovolle bestrijdingsmiddelen te verbieden die bij slecht gebruik mogelijk schade aan mensen kunnen veroorzaken. Uiteraard met een overgangstermijn zodat er goede en bruikbare alternatieven kunnen worden gevonden.”
Verburg als de Bos van de landbouw.

Maar wacht eens even. Had de LTO-voorzitter in de SER niet gezegd dat de landbouw helemaal geen giftige produkten op de markt mocht zetten? Ofwel: geen bollen en voedselgewassen de markt op mag gooien die bespoten zijn met schadelijke stofjes?

Dat zou kunnen kloppen. Het kabinet heeft tenslotte niet voor niets de “Nota Zicht op gezonde teelt” opgesteld. Een soort gedragscode die moet leiden tot ongevaarlijke produkten in de groenteafdeling van de supermarkt en veilige bollen in het tuincentrum.
De nota pleit voor een geïntegreerde gewasbescherming. Land- en tuinbouwers moeten bij het verbouwen van gewassen “niet alleen rekening houden met winst, maar ook met volksgezondheid, voedselveiligheid, arbeidsomstandigheden en milieubelasting”.

Het kabinet houdt in die nota wel een reuze slag om de arm. De doelstellingen zijn prima, maar voorlopig nog te ambitieus. Het valt namelijk niet mee de landbouwsector enige moraal bij te brengen.
Nederlandse telers gebruiken minder bestrijdingsmiddelen dan hun buitenlandse concurrenten. Ze willen daarom niet zo hard meewerken aan die nota. Ze vrezen productieverlies en dus een omzetcrisis.

De Nota Zicht op gezonde teelt wil daar wel wat aan doen, maar nu even niet. Eerst een overgangstermijn, zoals Verburg voorstelt. We geven onze bollen niet zomaar op.
Met andere woorden: voorlopig mogen schadelijke stoffen nog wel gebruikt worden en loopt u dus de kans een tulpenbolletje met een ongezond bestrijdingsmiddel tussen de rokken in uw crisissoepje te verwerken.

Welke moraal wil de LTO-voorzitter nu eigenlijk aan de financiële sector bijbrengen?

Geen gesprek is ook duur.

KabinetWat mag een gesprek dat nooit heeft plaatsgevonden kosten?
Terwijl het kabinet door een deel van de oppositie
getackeld wordt over 3,2 miljoen euro gesprekskosten, ligt niemand wakker van de gesprekken die er helemaal niet zijn geweest en waarvan we de rekening nog gepresenteerd zullen krijgen. Uit de verantwoording (zie dit pdf-document, bldz. 7 t/m 15) die Balkenende zo keurig presenteerde, blijkt dat 5 ministeries niet hebben meegedaan aan de 100-dagen-praten-de-samenleving.
Nou had het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit vorig jaar een geheel eigen '
Tour de la campagne', waar betrokken burgers hun gedachten mochten uiten over een 'vitaal platteland', dat volgens de toenmalige minister Veerman nodig op de schop moest. Dus over de herverdeling van landbouwgrond, recreatiegebieden en natuurreservaatjes had dat ministerie al een aardige babbel met de samenleving gehad. Verder is het huidige kabinet er blijkbaar van overtuigd dat het zo droevig gesteld staat met de eetgewoontes van een gemiddelde democratische burger, dat het geen zin heeft met de samenleving te praten over zo iets als voedselkwaliteit. Het ministerie van LNV heeft dus volgens Balkenende's verantwoording geen kosten gemaakt in die 100 dagen. Niemand die daar wakker van ligt.
Maar kennelijk slapen we zo diep dat we er ook geen ophef over maken dat de ministeries van Justitie, Defensie, Financiën en Binnenlandse Zaken en Koninkrijk Relaties het niet nodig vonden om die 100 dagen nou eens goed te benutten.
Van Financiën was dat te verwachten. Minister Bos is daar van begin af aan duidelijk over geweest. Bij de presentatie van het regeerakkoord heeft hij al gezegd het luisteren naar de samenleving zo zijn beperkingen zou kennen. En natuurlijk zit niemand te wachten op het obligate geouwehoer over de belastingen, dat op een verjaarspartijtje nog wel eens de kop op steekt. Maar helemaal geen gesprek? Niet eens even peilen hoe de samenleving denkt over welke marges de Zalm-norm onder Bos mag hebben? En is een opvatting over de besteding van de aardgasbaten alleen het pregoratief van ministers van Financiën? Reken maar dat het gesprek dat Financiën niet met de samenleving heeft gevoerd, ons nog duur komt te staan. Wellicht is het tijdelijk bevriezen van de accijns op bezine het eerst en tevens laatste meevallertje dat het ministerie van Financiën ons gunt. Op andere ideeën is men niet gekomen omdat er de eerste 100 dagen niet is geluisterd naar de samenleving.
En zo wil ook Justitie kennelijk niet van de burger horen of er nog wensen zijn op gebied van juryrechtsspraak, wil Defensie echt niet horen dat een groeiend aantal burgers liever 'onze jongens' zo snel mogelijk thuis ziet komen en heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken geheel eigen ideeën over veiligheid en persoonsgegevens.
Zo erg is het natuurlijk niet. De vijf genoemde ministeries komen niet in Balkenende's verantwoording voor omdat zij, tijdens die 100 dagen, geen beroep hebben gedaan op derden, maar op kosten van hun eigen begroting wat overleg met de samenleving hebben gehad. Een werkbezoekje hier en een regulier overlegje daar waren voor die ministeries kennelijk genoeg. Werken die vijf ministeries zo efficiënt dat de oppositie wellicht gelijk heeft en dat 3,2 miljoen euro schromelijk overdreven is? Of zou er niet minstens 1 Kamerlid de vraag moeten stellen waarom die vijf ministeries het niet nodig hebben geacht hulp van buitenaf in te roepen om het contact met de samenleving te verdiepen?
Het zijn niet de minste ministeries dus enige tekst en uitleg lijkt me wel op zijn plaats. Want het zou toch ook nog zo kunnen zijn, dat alle andere ministeries voor 3,2 miljoen euro zodanig zijn ingelicht door de samenleving, dat diezelfde samenleving nu ook waar voor dat geld gaat krijgen? En dat goedkoop straks duurkoop blijkt te zijn op het gebied van landbouw, strafrecht, belastingen, vredesmissies en binnenlandse democratie?