Tagarchief: probleemjongeren

Die, deze of mevrouw Jansen.

Probleemjeugd Van Rotterdam tot Slochteren heeft, men moeite met crowd control, omdat het principe wordt gehuldigd dat een massa uit te onderscheiden individuen bestaat. Lastig voor een overheid die van de maatschappij een samenleving wil maken. In de benadering van die maatschappij worden soms merkwaardige keuzes gemaakt tussen “de samenleving’ enerzijds, en “die, deze of mevrouw Jansen’ anderzijds. Naamgeving heeft soms de kenmerken van etikettering. Dat kan per maatschappelijk onderwerp aardig verschillen.

Als je de naam niet kent, zeg je maar meneer. Met dat zinnetje, ben ik opgevoed. Mijn ouders vonden het niet gepast, anderen te benoemen als “die schele”, “die kale” of “die troela”. Meneer kon natuurlijk ook een mevrouw zijn en het stamt waarschijnlijk nog uit die tijd, dat je ook nu nog soms brieven ontvangt met de aanhef: “Geachte mijnheer/mevrouw”. De cynicus in onze familie, de grappige oom Gerard zaliger, placht daar altijd van te zeggen: “Als ze niet kunnen kiezen, moeten ze niet verwachten dat ik daar op reageer”.

De tijden zijn veranderd. Van overheden en bedrijven krijg je steeds vaker correspondentie, met in de aanhef jouw naam. Van de belastingdienst kan ik dat begrijpen. Ik ben al jaren bekend bij deze dienst. Van de Sponsor Bingo Loterij snap ik dat niet. Ik heb daar nooit aan meegedaan, wil daar ook niet aan meedoen en toch krijg ik soms een brief, die begint met “Geachte meneer Peter, u heeft 20.000 euro gewonnen”. Dat blijkt niet eens waar te zijn, blijkt bij nalezing van het episteltje.

De overheid moet toch eens voorzichtiger worden met het verstrekken van gegevens uit de gemeentelijke basisdadministratie. Niet alleen omdat ongewenste reclame vervelend is. Ook omdat bij een grote hoeveelheid opgeslagen gegevens, iets fout kan gaan als de overheid werk moet uit besteden aan een of ander bedrijf. Op zich is het al vreemd dat een overheid moet afslanken, maar het gevolg is dat het particulier bedrijfsleven kan worden uitgebreid. Ik heb me laten vertellen dat zulks goed is voor de economie.

De relatie tussen overheid en bedrijfsleven leidde tot een
gedenkwaardig moment in Slochteren. De gemeente wil dat de inwoners meedoen aan het Burgernet. Elke inwoner ontving een brief, met een persoonlijke aanhef. Het bedrijf dat de brieven mocht drukken, moet wel uit China komen. Chinezen maken, denk ik, hetzelfde onderscheid tussen Nederlanders, als Nederlanders tussen Chinezen maken. Elke Slochtenaar heette ineens ‘mevrouw Jansen’.
Volgens het telefoonboek zijn er zeker drie Jansens in Slochteren. Ik durf te wedden dat er onder de overige 15.566 inwoners, minstens één cynische oom zit, die zijn medewerking aan het Burgernet gaat weigeren.

De Rotterdamse deelgemeente
Charlois werd voor een ander foutje op de vingers getikt. Het schijnt zo te zijn dat heel Nederland soms akelig last heeft van “die jongeren”. In Charlois dacht men het probleem voortvarend aan te pakken, door er “deze jongeren” uit pakken. Dus registreerde men de jeugd onder etiketten als “die Antillianen” of “die Marokkanen”. De gemeente zegt dat dit heel goed werkt. Voor zover bekend heeft nog nooit een jongere een brief gekregen met de mededeling: ‘Geachte mevrouw Jansen, wilt u zich maandag melden bij het jongerenloket”.

Het CBP (College Bescherming Persoonsgegevens) denkt daar anders over. De gemeente heeft niet kunnen bewijzen dat deze aanpak werkt en moet deze registratie stoppen. De gemeente overweegt in beroep te gaan. Ook al hebben we het niet kunnen bewijzen,
het werkt wel, zegt de gemeente. Het is immers goed om een Antilliaanse coach af te sturen op een Antilliaanse probleemjongere. En op een lastig Marokkaantje moet je natuurlijk een Marokkaanse buurtvader afsturen.
Als je al in dat soort opvoedkundige termen denkt, zou het dan soms niet beter zijn een Marokkaanse buurtvader juist op een Antilliaans jongetje af te sturen? Beter is natuurlijk gewoon per problematisch kind de beste opvoeder te zoeken.

Maar het zou voor de overheid een stuk makkelijker worden jongeren in de maakbare samenleving op te laten klimmen, als we allemaal mevrouw Jansen zijn.

Probleemcoach

Roeicoach

Coach: 'Goeiemoggel, jongens!'

Jongeren: 'Mogge koots….'

Coach: 'Krijgen we nou, zijn jullie maar met zijn zevenen?'

Jongere: 'Ja koots, d'r valt er wel es een uit de boot, hè'.

Coach: 'Gaan we grappig doen?'

Jongere: 'Als u dat zegt, koots…..'

Andere jongere: “Ha! Lol, een beetje fun maken vandaag!'

Coach: 'Aha, de heren willen een beetje fun?'

Jongere: 'Mwah koots, we lopen nou al de hele week herfstblaadjes te prikken en we hebben niet het idee dat het veel helpt. Kijk, ze liggen hier overal weer….'

Coach: 'Okee, okee, we gaan iets heel anders doen vandaag. We gaan sporten.'

Andere jongere: 'Sporten? Wasda?'

Coach: 'Sporten is lekker bewegen, energie opdoen…'

Jongere: Ah! Dan laten we de scootertjes wel staan en dan lopen we wel naar de hoek en halen wat speed.'

Coach: 'Eh… nou nee.'

Andere jongere: 'Oh? Gaan we wel met de scootertjes?'

Coach: 'Luister snuggie, we gaan vandaag roeien!'

Jongere: 'Ah nee, koots! Da's voor studieballetjes…'

Andere jongere: 'Studieballetjes? Is dat nieuw? Ga je d'r een beetje van uit je plaat?'

Jongere: 'Nee, man. Dat zijn van die lui die hun hersens kraken met boeken.'

Andere jongere: 'Da's niet gezond.'

Coach: 'Geen commentaar, jongens. Mee, volg mij!”

Na een fikse wandeling waarbij een bushalte sneuvelde, 1 jongere werd opgepakt wegens een heterdaadje zakkenrollen, een gangbang in een fietsenhok toen de coach even niet oplette, een andere jongere door de leerplichtambtenaar er uit werd gepikt, en passant een auto in de fik werd gestoken en nog een jongere naar het ziekenhuis moest worden afgevoerd omndat-ie door een verkeerd parkerende automobiliste werd geraakt, komt de coach met de resterende vier aan bij de Amsterdams Bosbaan.

Coach: 'Zo, mannen. En dit is dan de boot.”

Jongere: 'Dat meen je niet, man! Je denkt toch niet dat wij in die uitgeholde strijkplank gaan zitten, hè?'

Coach: 'Je zal wel moeten. Verplicht, mannetje'.

Andere jongere: 'Maar koots! Kijk dan.. Dat water is helemaal nat!'

Coach: 'Als je goed je best doet, hoef je helemaal niet uit de boot te vallen.

Jongere: 'Ja, ja, en wie zorgt daar dan voor?

Coach: 'De stuurman!'

Jongere: 'Oh, en wie mag dat dan wel wezen?'

Coach: 'Rustig maar, jongens, Vertrouw maar op mij, ik ben de stuurman.'

Jongere: 'Nee zeg, ga ons nou niet dollen…'

Coach: 'Nee serieus, zie je die dingen? Dat zijn dollen. En nou gaat iedereen bij één zo'n ding zitten. Hup, d'r in!

Jongere: 'Okee koots (geeft de andere jongeren een vaag teken), als je maar niet denkt dat wij de enige zijn die te water worden gelaten….

Coach: 'Huh? Hè? Nee.jongens, niet doen. Pas op hoor, Nee, achteruit….'

Met een plons komt de coach in het water terecht. Proestend klautert hij weer op de kant.

Coach: 'Hè, hè, nou, ik moet zeggen, jullie hebben het sneller onder de knie dan ik dacht. Maar het is wel een slechte timing.'

Jongere: 'Slechte timing, koots?'

Coach: 'Ja, je mag de coach pas na de wedstrijd in het water gooien.'

Jongere: 'Ah! Nou dan hebben we het toch goed begrepen.'

Coach: 'Huh? Watte?'

Jongere: 'Kijk koots. Hebben we u in het water gegooid of niet?'

Coach: 'Jazeker, maar zoa….'

Jongere: 'Met andere woorden, koots, de wedstrijd is dus klaar, finito, basta, over en uit. Kwestie van efficiënt aanpakken. Scheelt tijd, scheelt energie.'

Andere jongere: 'En gaan we nou wat leuks doen?'

Twintig coaches voor 150 probleemjongeren. Een goeie tactiek of een verloren wedstrijd?