Tagarchief: Raad van State

Nieuwe politiek: beter naamloos?

BlancoDe veertig nieuwe partijen willen een beter Nederland dan de gevestigde partijen bieden. Twee van die nieuwkomers drukken dat ook uit in hun naam. De een heet Beter Nederland, de ander Nederland Beter (NLB). De Raad van State heeft de voorkeur voor een Beter Nederland, want de NLB mag geen naam hebben, maar wel met een blanco lijst meedoen.  Een politieke uitspraak, want ergens gelooft de Raad niet dat Nederland beter wordt?

Bij de registratie van partijen kijkt de Kiesraad wel of de naam door de beugel kan. In de voorwaarden staat dat de Kiesraad een registratie kan afwijzen als “de aanduiding is verwarrend omdat hij geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds geregistreerde aanduiding van een andere politieke groepering, of met een aanduiding waarvoor reeds eerder een registratieverzoek is ingediend”, of “Op dezelfde dag wordt bij het centraal stembureau een verzoek ingediend tot registratie van dezelfde of nagenoeg dezelfde aanduiding”.

In juni weigerde de Kiesraad de naam “Occupy Politiek”. Te misleidend, vond de Kiesraad omdat het teveel aan de Occupybeweging doet denken. De indieners hebben geen bezwaar gemaakt tegen deze afwijzing.
De lokale partij “Vereniging Keerpunt 2010” in Grave diende bij de Raad van State een bezwaar in tegen de naam Democratisch Politiek Keerpunt, de fusie van Trots en OBP (Onafhankelijke Burger Partij). De Raad wees het bezwaar af.

De Kiesraad gaat ruimhartig om met de spelregels. Het is vaker voorgekomen dat partijen onder bijna gelijkluidende namen zijn geregistreerd. In 1956 deden de “Nationale Unie” en de “Nationale Oppositie Unie” mee aan de verkiezingen. In 1971 vond de Kiesraad de term “bejaarden” niet verwarrend genoeg om  de  Algemene Bejaarden Partij Nederland”, de “Bejaarden en Arbeidspartij”, de”Bejaardenpartij 65+”, de “Bejaarden Partij Algemeen Belang” en de “Landelijke Partij van Bejaarden” toe te staan. In 1989 mochten de “Vooruitstrevende Minderheden Partij” en de “Socialistische Minderheden Partij” meedoen.

In 2006 weigerde de Kiesraad de aanduiding “Ons Fortuyn”, evenals alle ander initiatieven waar de naam van wijlen Pim in voorkwam.  Alleen de LPF mocht de naam wijzigen in “Fortuyn”. Marten Fortuyn en zijn adviseur Jos Hendriks en indiener van de naam , maakten bezwaar tegen die beslissing. Ze vonden dat alleen zij recht hadden op de merknaam ‘Fortuyn’.  maar kregen van de Raad van State nul op het rekest.

Nu staan de “Anti Euro Partij” en de “Anti Europa Partij” geregistreerd. Nog geen bezwaar gehoord van een van deze partijen.
David Pott uit Hilversum, de oprichter van “Beter Nederland”, maakte dus wel bezwaar en kreeg van de Raad van State gelijk. “Beter Nederland” stond voor 15 juni al ingeschreven, “NederlandBeter” werd op 19 juni aan het register toegevoegd. De Kiesraad volgt de uitspraak van de Raad van State en heeft de aanduiding “NederlandBeter” nu geschrapt.

Van “Beter Nederland” weten we erg weinig. De website blijkt zo dood als een pier en van David Pott weten we dat deze medewerker van een sociale werkvoorziening in Hilversum, in maart op een SP-bijeenkomst op de agenda stond en door de NOS en RTV Utrecht is geïnterviewd. Verder niets bekend. Wie is de lijsttrekker, wie zijn de overige kandidaten en wat is het verkiezingsprogramma?
NederlandBeter doet het publicitair ook beter. Dat wil zeggen: wel een toegankelijke website en om op internet in beeld te zijn lanceerde men nog een tweede website, schrijft er over op het platform Plazilla (bedoeld om met schrijven geld te verdienen bloggers!) en loopt zelfs braderieën af om de waarborgsom bijeen te sprokkelen.

De Raad van State had de heer Pott beter kunnen adviseren zich “blanco” te noemen. De andere partij maakt zeer waarschijnlijk geen kans nog een andere pakkende de naam op te voeren, omdat de inschrijftermijn is verlopen. De reactie van NLB zal voorspelbaar zijn: van zulke regelgeving wordt Nederland niet beter?

Dit artikel verscheen eerder op Sargasso.

Kabinet maakt slechte wetten.

Raad van StateBijna alle zaken die het kabinet voor advies naar de Raad van State stuurt, rammelen aan alle kanten. Die indruk krijg je als je de conclusies van de Raad doorleest van de laatste 30 onderwerpen die de Raad kreeg voorgelegd.

Van de 30 voorstellen die de laatste 9 maanden naar de Raad gingen kreeg 60% kreeg een negatief advies en 40% een positief advies onder voorbehoud. De Raad formuleert een negatief advies meestal zo: De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging het voorstel van wet niet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal dan nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.

Bij positieve adviezen schrijft de Raad: De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging het voorstel van wet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden. Dat betekent dat de Raad een aantal kritische vragen en kanttekeningen heeft geplaatst. Het wetsvoorstel is dus voor verbetering vatbaar. Met andere woorden: er is niet één voorstel volledig goed gekeurd door de Raad van State.

Wie denkt dat het kabinet minder last heeft van de Raad nu Piet-Hein Donner onderkoning is geworden, komt vooralsnog bedrogen uit. Hij is nog maar 25 dagen aan het werk als vice-voorzitter, maar de vijf adviezen waar zijn handtekening onder staat, zijn net zo vaak negatief als alle 30 adviezen van de laatste 9 maanden.

Dat kan natuurlijk veranderen. Voorwaarde lijkt wel dat het kabinet wetsvoorstellen beter voorbereidt. Van de 27 wetsvoorstellen die het kabinet aan de Raad voorlegde, is ruim 83% na het Raadsadvies gewijzigd naar de Tweede Kamer gestuurd. Slechts in drie gevallen ging een wetsvoorstel ongewijzigd door, maar wel met aanpassingen in de memorie van toelichting.

Gezien de hoeveelheid gewijzigde voorstellen lijkt de Raad dus een zinvolle functie te hebben. Als een clubje dat het huiswerk van het kabinet nakijkt. Prima, want wetgeving moet zorgvuldig gebeuren. Maar hoe kan het dat de Raad, volgens RTL Nieuws,  60 procent meer wetsvoorstellen negatief beoordeelt, dan ten tijde van het kabinet Balkenende IV het geval was?
B
ovendien lijkt het kabinet de Raad niet volledig serieus te nemen. Daar waar de Raad het kabinet adviseert een wetsvoorstel te heroverwegen,volstaat het kabinet met het overnemen van wat wijzigingen en stuurt de zaak toch naar het parlement. Het kabinet slaat de adviezen van de Raad stelselmatig in de wind.

Gemiddeld gaan er 4 tot 5 maanden overheen voor de Raad een definitief advies kan publiceren. De Raad neemt gemiddeld 2,3 maanden de tijd zich over een ingediend wetsvoorstel te buigen. Het kabinet doet er vervolgens ongeveer net zo lang over om op het advies te reageren. Eenmaal terug bij de Raad duurt het gemiddeld 10 dagen tot we kennis kunnen nemen van advies en reactie. Voor indiening bij de Raad is er al wat tijd besteed aan het opstellen van een wetsvoorstel en na publicatie van het advies begint het traject door Tweede en Eerste Kamer. In dit exceldocument een overzicht van de laatste 9 maanden.

In één geval duurde het adviestraject slechts drie dagen. Toen de rechter besloot dat gemeenten de identiteitskaart gratis moesten verstrekken, was het kabinet er als de kippen bij om dat met een spoedwetje te repareren. De Raad was het kabinet ter wille door razendsnel het advies op te stellen.
Een wetsvoorstel over lesbisch ouderschap was pas na 181 dagen gereed voor publicatie. Het kabinet deed er 166 dagen over om op het Raadsadvies te reageren. Dat advies was negatief, toch ging het wetsvoorstel naar de Kamer.

Op zich is het niet erg dat er de tijd wordt genomen voor een wet praktijk kan worden. En wet moet jaren mee kunnen. Het hele traject zou korter kunnen als de Raad van State zich er niet mee zou bemoeien. Sommige politieke partijen vinden dat de controle van de Eerste Kamer voldoende is. Anderen vinden de Raad van State het geschikte orgaan en schaffen liever de Eerste Kamer af.

Zolang er blijkbaar rammelende wetteksten worden opgesteld en Raadsadviezen worden genegeerd, is het misschien beter het kabinet op te heffen en te vervangen door meer deskundige lieden.

Rommelmarkt

RommelmarktHet is herfstvakantie. Tijd om er op uit te trekken en, bijvoorbeeld, rommelmarkten te bezoeken. Hier een selectie uit het aanbod,

Rommelmarkt I: de economie. Zelden zo’n zootje gezien? Een gerommel met koersen en beurssentimenten. Met nog groter gerommel aan reacties van regeringen. De gemiddelde najaarskermis steekt er bleek bij af. Echt gezellig is het er ook niet.

Rommelmarkt II: Over reacties gesproken. De Occupy-rommelmarkt. Een bont scala aan bezoekers en ideeën. Juist op rommelmarkten waar ‘de gewone man’ zijn koopwaar aanbiedt, worden nog wel eens zeer interessante vondsten gedaan. Ga er eens heen, zou ik zeggen, en kijk of je er een aardig koopje kunt vinden.

Rommelmarkt III: de zorgmarkt. Hou je hand op de knip, want het schijnt er erg duur te zijn. Maar wie weet, vind je er de goedkoopste tandarts. Dat zou een bezoekje waard zijn, want de kans bestaat dat tandarts in januari een stuk duurder gaat worden.

Rommelmarkt IV: De vacaturebank van de Raad van State. De zittende leden krijgen nachtmerries bij het idee dat Piet-Hein Donner aan tafel schuift. Dus schuiven ze zelf. Een andere kandidaat naar voren: Rinnooy Kan. Kan dat allemaal zomaar? Ach, dat is nou het aardige van een rommelmarkt.

Rommelmarkt V: Waar het echt een rommel is? Op de ministeries van Buitenlandse en Economische Zaken. De nog net niet wegbezuinigde ambtenaren hebben er een taak bij gekregen: wc’s schoonmaken. Voorspelling: na de schoonmakers wordt dit dus de volgende beroepsgroep die gaat staken wegens toenemende werkdruk.

Rommelmarkt VI: ga ook eens naar de markt der markten: de vlooienmarkt. De crisis biedt ook kansen, wordt wel beweerd. Op de vlooienmarkt vind je wellicht een veel goedkoper en toch fraai bankstel dan je op de meubelboulevard kan vinden. En de mooiste kansen bestaan natuurlijk uit die vondsten die duizenden euro’s waard blijken te zijn.

Heb jij nog een vermeldenswaardige rommelmarkt gespot?

Donner moet invloed Maxima beperken.

DonnerNiet alleen Tjeenk Willink zal de Raad van State verlaten, ook Hare Majesteit vind het tijd om op te stappen.  Iets anders kunnen we niet concluderen, gezien de merkwaardige gang van zaken rond Piet Hein Donner, de zeer waarschijnlijke opvolger van Tjeenk Willink. Zeer waarschijnlijk, want er kan natuurlijk altijd nog een betere kandidaat opduiken. “Indien u zich gekwalificeerd acht voor deze functie en belangstelling heeft om deze te vervullen, wordt u verzocht dit in een brief met daarbij gevoegd een cv kenbaar te maken. Uw brief dient uiterlijk op donderdag 10 november 2011 te zijn ontvangen. Uw brief richt u aan Hare Majesteit de Koningin”, meldt de Staatscourant.

Ik heb sterke vermoedens dat uw sollicitatie een schijnvertoning wordt, want Donner gaat het worden. De gang naar zijn kandidaatstelling is vertoont zulke vreemde wendingen, dat de verdenking van manipulatie voor de hand ligt. Eerst ontkennen Rutte en Donner zelf in alle toonaarden dat Piet Hein  als kandidaat is aangewezen door het kabinet. Vervolgens houdt Rutte de deur open door in een Kamerdebat te zeggen dat een zittende minister best wel mag solliciteren op zo’n belangrijke functie. Tenslotte wordt Donner gedeeltelijk uit zijn functie van minister van Binnenlandse zaken ontheven en mag collega Opstelten de sollicitatieprocedure opstarten. Dat mag gezien worden als het bewijs dat het kabinet Donner naar voren gaat schuiven.

De grote vraag is: waarom Donner? De vice-voorzitter van de Raad van State moet een onberispelijke cv hebben en daar is bij Donner geen sprake van. In 2005 liep hij als minister van Justitie tweemaal tegen een motie van wantrouwend aan. Eenmaal wegens wanbeleid rond het proefverlof van TBS’ers en eenmaal wegens het achterhouden van bewijs in de Schiedammer parkmoord. Dat overleefde hij, maar in 2006 moest hij zijn ontslag indienen naar aanleiding van een onderzoek naar de Schipholbrand.
In 2008 werd hij minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en moest excuses aanbieden aan wegens plichtsverzuim jegens de Eerste Kamer. Nu is hij als minister van Binnenlandse Zaken niet te beroerd gemeenten te schofferen. In het voorjaar moesten de gemeenten het omtreden Bestuursakkoord slikken, anders konden ze stikken. En dat geldt wat Donner betreft ook voor de gemeente Goedereede, die het absoluut oneens is met de gemeentelijke herindeling op Goeree-Overflakkee.

Er kan maar één reden zijn waarom Rutte zo graag een trouwe compaan in de Raad van State wil. De voorzitter van de Raad gaat ook met pensioen en Rutte vreest de invloed van de nieuwe koningin. Natuurlijk wordt Willem-Alexander de nieuwe voorzitter, maar dat betekent dat Maxima het voor het zeggen krijgt. Zij heeft al meerdere keren laten blijken qua slimheid en intelligentie wat meer in haar mars te hebben dan haar man. Met haar van huis uit katholieke joie-de-vivre is zij een stuk populairder dn haar man. De koningin van het microkrediet voor arme mensen, de godmoeder van alle inburgeraars kan een lastige tante worden voor Rutte en zijn gedoogpartner.

Dus moet er een mannetje naast de voorzitter worden gezet, die haar invloed weet in te perken. Dat gaat dus de taak worden van de protestantse Piet Hein Donner. Als minister niet altijd even onberispelijk gebleken, maar verder een nette en hoffelijke heer, die verstand heeft van het dwarsbomen van oppositie.
Wie weet gaat dit de analen in als de werkelijke staatsgreep van Rutte.

Donner naar de Raad van State

DonnerMinister Donner maakt misschien het einde van Rutte I niet mee. Dat wil zeggen: als het kabinet de rit helemaal uitzit en na Prinsjesdag valt wegens een paar cruciale rekenfouten.  Donner gaat wellicht Tjeenk Willink opvolgen en wordt  hare majesteits rechterhand worden in de Raad van State.

Dat moet zeer naar genoegen zijn van de vicepremier, die geen vicepremier is. Wilders vond dat Tjeenk Willink al veel eerder de laan uit moest. Willink was maar een partijdig mannetje, dat de PVV uit wilde sluiten van de kabinetsformatie. Wilders eiste zijn ontslag. Het heeft even geduurd, maar Willink gaat vertrekken en met Donner lijkt de PVV een ideale bondgenoot in de Raad van State te krijgen. Donner was immers niet te beroerd bepaalde ideeën van de PVV over te nemen en kom daarom ook zeer gemotiveerd de nieuwe integratienota presenteren.

De PvdA en de SP vrezen een te vooringenomen, partijdige vicevoorzitter in de Raad te krijgen. Dat is nog maar de vraag. Sommige ministers veranderen hun bekende opstelling als ze van functie veranderen. Loyaliteit is ook een principe. Zal Donner loyaliteit aan de principes van de Raad van State boven de principes kunnen stellen, waarop het kabinet haar plannen baseert?

Het zal niet veel uitmaken. Donner weet ook wel dat adviezen van de Raad even makkelijk weggewuifd kunnen worden als ze aangevraagd zijn. In 2009 verwees de Raad de plannen de AOW-leeftijd pas in 2020 te verhogen, naar de prullenbak. Donner bedankte de Raad vriendelijk voor het werk en deponeerde niet zijn wetsvoorstel, maar het advies in de prullenbak.
De Raad van State geeft niet vaak een negatief advies af. Als een wetsvoorstel goed is voorbereid hoeft dat ook niet. Maar het komt voor en meestal wordt een wetsvoorstel dan aangepast, tenzij een minister eigenwijs genoeg is en het advies negeert.

Onder Kok I kwam dat tweemaal voor (afschaffing WAO-boetes en beperkingen in de nabestaandenwet), onder de kabinetten Balkenende werd vier keer een afwijzend advies genegeerd (afschaffing VUTregeling, Verdonks plannen criminele Antilliaanse en Arubaanse jongeren uit te zetten, aanpassing arbeidsrecht om bijzonder onderwijs te verbieden homosexueel personeel te weigeren en het al genoemde WAO-plan van Donner).
Onder het huidige kabinet heeft Fred Teeven de eer al gehad  een Raadsadvies te negeren. Tegen de zin van de Raad van State wil hij toch de wet op de kansspelen verruimen.

D66 en de PvdA zien de Raad van State het liefst afgeschaft. Dat werk kan ook heel goed door de Eerste Kamer worden gedaan, vinden zij. Waarschijnlijk is dat de reden dat de PVV het juist andersom wil. In het verkiezingsprogramma stelde de PVV voor de Eerste Kamer af te schaffen en juist de Raad van State al het controlerend werk te laten doen.
Zal de oppositie met de benoeming van Donner meer reden krijgen kritisch te zijn over de Raad van State?

Democratie zonder advies

Democratie zonder advies De PvdA presenteerde het verkiezingsprogramma en vooral de vernieuwing van de belastingen trekken de aandacht. Maar Job Cohen kondigde ook aan de democratie te willen vernieuwen.

In het verkiezingsprogramma staan, behalve bekende retoriek over het vertrouwen winnen van de burger, weinig concrete voorstellen voor die nieuwe democratie. Het meest expliciete voorbeeld is het inperken van hare majesteit’s invloed op de regering.
Zo staat het niet letterlijk in het programma (zie pagina 48 en 49 van het conceptstuk). Maar de PvdA wil het adviesrecht van de Raad van State afschaffen. De voorzitter van die Raad is de koningin.

Het kan ook een poging zijn de adviserende invloed van CDA-huize om zeep te helpen. Die partij heeft 5 leden in de raad. De PvdA heeft er 2, de VVD en D66 elk één. De overige acht leden zijn niet partijgebonden. En dan heb je Beatrix en Willem-Alexander nog.

De motivering die de PvdA aandraagt: de Kamer moet een sterkere rol krijgen. In dit geval moet de Eerste Kamer de rol van de Raad van State overnemen.
Nu zal niemand er erg rouwig om zijn een als dit relikwie uit 1531 wordt afgeslankt. Vooral ook omdat de adviezen van de Raad van State lang niet altijd serieus worden genomen door de regering. Menig advies gaat de prullenbak in. Daarnaast krijgt de regering er soms een tik op de vingers van de eerbiedwaardige raadsleden.

Zo maakte de Raad vandaag bekend dat het
kappen van het Schinveldse bos onterecht was. De NAVO had last van de bomen en in 2006 besloot het kabinet het bos te rooien. De Raad van State vindt nu dat de argumenten daartoe onvoldoende waren en er dus niet gehakt had mogen worden.
Een flutuitspraak, want van weinig praktische betekenis. Tenzij het huidige kabinet wordt verplicht een nieuw bos aan te planten. Maar zover gaat de Raad niet.

Wat de adviezen betreft herinnert u zich misschien nog wel hoe de Raad de
AOW-plannnen afkeurde en de regering die afkeuring naast zich neerlegde. Ook vond de Raad de inmiddels aangenomen crisis- en herstelwet onvoldoende en kreeg de kilometerheffing een negatief advies.
Maar de PvdA wil om een nog begrijpelijker reden van het gezeur van de Raad van State af.

De huidige demissionaire regering wilde, onderleiding van PvdA-minister Ter Horst, een nieuwe grondwet. De Raad van State oordeelde echter dat er eigenlijk geen goede redenen zijn tot een drastische wijziging van de grondwet.
Desondanks installeerde Ter Horst een staatscommissie, die de veranderingen moet voorbereiden. Daarbij passeerde ze ook nog eens de Tweede kamer, die liever eerst met de minister van gedachten wilde wisselen voordat er een voorstel op tafel komt. Logisch want Ter Horst stelde zich een nieuwe grondwet voor waarin geregeld zou worden dat grondwetswijzigingen voortaan niet zo makkelijk kunnen worden ingevoerd (lees meer in wat er op dit blog over werd geschreven).

Hier negeerde het kabinet, inclusief de PvdA, de Raad van State èn de Tweede Kamer. Nu stelt de PvdA een Nationaal Democratisch Akkoord voor. Want “we moeten wegen vinden om het vertrouwen van de burger in het proces van de democratie terug te winnen. We moeten nieuwe wegen vinden om de burger in het proces van de democratie serieus te nemen”, aldus het concept verkiezingsprogramma.
Dat Nationaal Democratisch Akkoord moet door behoedzaam en zorgvuldig overleg tot stand komen, omdat voor een nieuwe democratie ook grondwetswijzigingen nodig zijn.

Heeft de PvdA ineens ook “lessons learned” en heeft het spijt van de spoed waarmee Ter Horst een nieuwe grondwet wilde?
En dan wel de Raad van State afschaffen en geen duidelijke voorstellen noemen voor een nieuwe, sterke democratie? Gooi geen oude schoenen weg, voor je een paar goede nieuwe hebt, lijkt mij.

Verwante verdachten

Verwante verdachten Een zwart schaap in de familie is meestal niet zo leuk. Rampzalig wordt het, als dat bij de AIVD bekend is. Daar weet de Amsterdammer die “familie-van…” is, nu alles van. Hopelijk is het verkeerd interpreteren van familieverbanden een uitzondering. Te vrezen valt echter dat het in de toekomst vaker voor zal komen. Als het kabinet haar zin krijgt, wordt DNA-verwantschapsonderzoek stukken makkelijker. Wordt het tijd de familiestamboom na te pluizen op verdachte takken om te kijken of er een kans bestaat dat je ook ooit als “familie-van…” het nieuws zal halen?

DNA wordt bij verwantschapsonderzoek alleen gebruikt om ouderschap aan te tonen en bij gezinshereniging in asielprocedures. Het kabinet wil het ook inzetten bij onderzoek naar strafbare feiten. Wel onder strikte voorwaarden. De DNA-databanken mogen alleen geraadpleegd worden als het gevonden DNA een volledig of vrijwel volledig profiel heeft en het verwantschapsonderzoek mag alleen als laatste middel worden gebruikt bij gewelds- en zedendelicten.

Het voorstel van het kabinet is voor advies naar de Raad van State gestuurd. Als er wijze adviseurs bestaan, mogen we verwachten dat de Raad gehakt maakt van het wetsvoorstel. En wel om de volgende redenen:

1. Tot nu toe wordt bij DNA-onderzoek bij delicten gebruik gemaakt van een database waarin alleen de DNA-gegevens zijn opgeslagen van verdachten en veroordeelden van zware delicten (sinds 2005 mogelijk gemaakt). De niet veroordeelde en verdachte verwanten zitten daar dus niet in. Dat schiet zo niet op. Ongetwijfeld zijn er criminelen, die in de familie collega's in het metier hebben. Dat wil overigens niet zeggen dat die zich vergrijpen aan hetzelfde soort delicten.

2. Dus moet op de een of andere manier van meer mensen DNA worden vastgelegd. Dat zou kunnen door voortaan bij elk delict om iedereen die in de buurt was, te verplichten DNA af te staan. Een idee dat CDA en VVD vorig jaar al opperden. Dat zou tot de burgerplichten gerekend moeten worden, vond ook minister Hirsch Ballin.
Als zo de databases worden uitgebreid en bovendien justitie toegang krijgt tot bewaard materiaal van ouderschapsonderzoeken, je al een veel grotere familie. Daarmee zadel je de recherche wel met aanzienlijk meer werk op, terwijl het niet is gegarandeerd dat men dan ook maar een millimeter dichter bij een mogelijke dader komt.

3. Je zou natuurlijk van iedere hier geboren burger het DNA kunnen opslaan. Bijvoorbeeld door dat te verkrijgen uit het bloed dat van de hielprik afkomstig is. Elke pasgeborene krijgt zo'n hielprik, bedoeld om vroegtijdig kwalijke ziektes op te sporen.
De databases worden dan zo groot, dat het een vlot recherche-onderzoek ernstig frustreert. Het kost niet alleen veel meer tijd, de kans wordt ook veel groter dat men bij mensen aan moet bellen die echt helemaal niets met de zaak te maken hebben. Zo bezien leidt het wetsvoorstel van het kabinet eerder tot belemmering van de rechtsgang en dat is strafbaar.

Het zou mooi zijn als de DNA-technologie zo werkt dat elke dader vlot kan worden opgepakt. Maar je ziet het al voor je: een ver en vergeten zwart schaap der familie pleegt ergens een heel vervelend delict en binnen een week heb jij bezoek van de recherche of, als men heel voortvarend te werk gaat, zit je een nachtje in de cel.
Een kans die er nu ook bestaat als er
een foutje in de huidige DNA-databases zit. In Australië werd een man beschuldigd van moord omdat zijn DNA per ongeluk tussen het onderzoeksmateriaal was terecht gekomen.

Hopelijk stuurt de Raad van State het wetsvoorstel terug met de opmerking dat de rechtsgang er absoluut niet mee wordt geholpen.