Tagarchief: Den Haag

Naar een opvoeddiploma

Naar een opvoeddiploma Daar is-tie dan! De Haagse opvoedcanon. Geen produkt van het Haagse Opvoedburo van Rouvoet, maar van de gemeente Den Haag, die de lokale ouders wil bijstaan. Ontwikkeld door René Diekstra en nu in de winkel verkrijgbaar.

Tijdens de voorbereiding van
de opvoedcanon konden ouders vragenlijsten invullen en zelfs de best scorende respondent had nog 10 vragen fout. Zo erbarmelijk is het in Den Haag gesteld met de opvoedkennis.
Op de website van de opvoedcanon kun je je eigen pedagogische inzichten testen door ook zo;n vragenlijst in te vullen (alleen na verkrijging van een inlogcode).

Kijk wel uit of je zoon of dochter niet zo’n computernerd is die jouw vragenlijst hackt om achter je opvoedkundige competenties te komen. Vanaf hun 12e gaan ze immers al
zelfstandig denken, zonder anderen iets te vragen. En sta ze dan maar eens fatsoenlijk te woord als ze hun mening ventileren over jouw antwoorden.
Je zou je nog kunnen verdedigen dat je hersenen zich slechts tot je 25ste ontwikkelen, dus dat je kroost je gebrek aan moderne kennis maar niet kwalijk moet nemen. Maar je kids zitten nog volop in die ontwikkeling en snappen dus niet waarom ze daar genoegen mee zouden moeten nemen.

Ik weet niet hoe het in andere gemeenten er voor staat, maar ik vrees dat als daar vragenlijsten worden losgelaten, ook menig antwoord niet door de deskundigen geaccepteerd zal worden. Ik zou graag eens de antwoorden uit Staphorst, naast die van Den Haag of Maastricht willen zien.

Nu op naar de volgende fase: mensen die ouders willen worden krijgen ook eerst de vragenlijst voorgeschoteld. Hebben ze 10 fouten, dan geen kinderen.
En natuurlijk moeten eenmaal verwekte kinderen om de vijf jaar een vragenlijst invullen om te bepalen of het wel voorbeeldige kinderen zijn.

Opvoeden doe je in de beschermende handen van de overheid. Ik vind daar heel wat voor te zeggen. Alleen wil ik dan eerst een andere overheid.

Een slimme meid is op een crisis voorbereid.

Crisis

In den beginne vreesde ik dat dit kabinet een regelrechte ramp voor dit land zou worden (lees Bang voor gevaarlijke bestuurders?). Maar nadat het kabinet heeft vastgesteld welke rampen dit land kunnen bedreigen (zie ook Code van de zeven plagen en mijn gastlog op GeenCommentaar: Samenleving in de gevarenzone), is er nu het beleidsplan crisisbeheersing, dat minister Guusje ter Horst gisteren naar de 2e Kamer stuurde.
Het is zomerreces in Den Haag, maar de post werkt gewoon door. En ik kan nu elke avond gerustgesteld gaan slapen.

Het rapport somt naast een aantal verbeteringen, ook nog wat puntjes op die verdere aandacht behoeven. Bijvoorbeeld het versterken van de landelijke regie en aansturing bij nationale crises. De ROB (Raad voor openbaar bestuur) liet vorige week nog weten, dat het wel handig zou zijn als de minister-president de centrale regisseur bij nationale crises zou moeten zijn.

Nu hebben we natuurlijk alle vertrouwen in de huidige MP. Laat die rampen maar komen. Toch is het wel een beetje sneu voor de minister van Binnenlandse Zaken. Zoveel werk gemaakt van een betere crisisbeheersing en wie mag dan de held spelen als er eens wat aan de knikker is?

Misschien kunnen ze de rolverdeling nu al vast oefenen. Oefenen is een middel om beter voorbereid te zijn op rampen. En wat wil nu het geval? Er is een kleine ramp gaande in Den Haag.

In de rampenlijst die het kabinet eerder opstelde, werd een grieppandemie of een andere virusziekte als een ramp gezien waar grote kans op is en grote gevolgen kan hebben. Wel, in Den Haag is een uitbraak van de mazelen geconstateerd. Hoe zouden de minister en de MP dat aanpakken?

Minister: Zeg, we hebben een crisis.

MP: Ah, mooi! Dan ga ik…..

Minister: Hee, wacht even. Laat mij nou eerst….

MP: Sorry dat ik je afkap, maar je zei toch crisis?

Minister: Ja, en nou…

MP: Juist, een crisis dus. En hadden we niet afgesproken dat er een sterke, centrale regie gevoerd zou worden bij een crisis?

Minister: Zeker wel. Dus ik wou nu snel aan de slag, want anders…

MP: Ho, ho, een beetje beheersing graag!

Minister: Een beetje?

MP: Eerste regel bij crises: blijf kalm en rustig.

Minister: Ik ben kalm en rustig. Maar er is nu een crisis die beheerst moet worden.

MP: Wat is er eigenlijk loos?

Minister: De mazelen zijn uitgebroken.

MP: De wat?

Minister: De mazelen.

MP: Huh? Daar heb ik toch lang niet meer van gehoord, zeg. Potjandikkie. En waar hebben ze die gevonden?

Minister: Hier, in Den Haag.

MP: Godsammebeware…..

Minister: Ja, daar gingen die mensen die zich niet hebben laten inenten ook van uit.

MP: Zeg, nou moet je niet….

Minister: Ik moet juist wel. Dit moeten we de kop indrukken voor het zich door gans het land verspreidt.

MP: Ach, dat zal zo'n vaart toch niet lopen?

Minister: Het is wel een erg besmettelijke ziekte en er lopen meer mensen rond, die er niet tegen zijn ingeënt.

MP: Je meent het. Hoeveel mensen zijn er al ziek dan?

Minister: Nu nog maar 24 kinderen en 1 volwassenen.

MP: Die pestjeugd ook. Lijkt me meer iets voor Rouvoet.

Minister: Die is op vakantie.

MP: Zeg, weet je wat? Je lijkt me een slimme meid. Als jij nou tegen de pers zegt dat ik je heb opgedragen ons zomerreces niet te laten verzieken, mag jij dit zaakje oplossen. Vraag aan Klink wat vaccinaties en zorg dat alles weer gezond is als iedereen terug komt van vakantie.

Dit zou zomaar een scenario kunnen zijn. Een rampenscenario?