Tagarchief: Den Uyl

Laatste officiële handeling Wouter Bos

Laatste officiële handeling Wouter Bos Wouter Bos heeft het werk er definitief opzitten. Zijn laatste officiële handeling als partijvoorzitter volbracht hij in Schagen. En wel op 1 mei. Die dag staat bekend als de viering van de dag van de arbeid.

Nooit begrepen waarom de arbeid zo gevierd moest worden. Je zou eerder een herdenking met twee minuten stilte verwachten, uit respect voor allen die zijn omgekomen in het arbeidsproces.
In de vroege jaren van de industriële revolutie, ging het er immers heftig aan toe. Tegen schamel loon (cao-loon had nog nooit iemand van gehoord), stierf menig arbeider bij ongelukken in onveilige fabrieken en mijnen.
Gezond was het ook niet, waardoor er eigenlijk niet aan pensioenen gedacht hoefde te worden. Veel arbeiders haalden de 50 niet eens.

Vandaag werken we in luxe omstandigheden. Maar dat is dan wel te danken aan de arbeiders die opkwamen voor de 8-urige werkdag en de verbetering van de werkomstandigheden. Ook daar vielen slachtoffers bij. Arbeiders die vroege opkwamen voor wat meer rechten, konden op een straffe confrontatie met het gezag rekenen.

In Nederland is 1 mei geen officiële feestdag. En dat is raar. Want hoe je het ook draait of keert, de hedendaagse welvaart is zeker te danken aan de arbeiders. Tegenwoordig ook wel werknemers genoemd.
Ook een reden trouwens om van 1 mei een nationale viering of herdenking te maken. Want als er niemand werkt, hebben we een probleem. Zonder werknemers zitten ook de eigenaren van bedrijven, allerlei bestuurders en politici ook zonder werk.

En daarom bedankte Wouter Bos de 94-jarige Jan Belllis met de woorden: “Prachtig dat de partij samenleving altijd heeft kunnen bouwen op mensen zoals u. Mensen die onze partij door dik en dun hebben gesteund altijd hard hebben gewerkt. Met diep respect dank ik u daarvoor hartelijk”.
De heer Bellis herinnerde zich meer van Den Uyl dan van Wouter Bos. De laatste meende hij te herkennen van televisie. Van Den Uyl wist hij te vertellen hoe gewoon die man was gebleven. Een prachtvent, vond heer Bellis hem. Vooral omdat Den Uyl met vakantie ging kamperen.

Bronnen:
Noordhollands Dagblad en Schagen FM.

Flamboyante ministers

Flamboyante ministers Ministers moeten zich meestal verdedigen als hun beleid onder vuur ligt. Normale gang van zaken. Maar zo nu en dan heb je er bij, die zich zo opvallend gedragen, dat vooral over hun persoonlijkheid vragen rijzen.

Zo is daar de Belgische minister Michel Daerden, die de senaat
dronken te woord gestaan zou hebben. Het excuus? De van huis uit Franstalige minister, praat wat lijzig als hij Vlaams moet klappen. Drank en ministers. Dat hoort bij de Belgische cultuur?

Het heeft er de schijn van. Eerder kwam minister van Defensie, Pieter de Crem, in het nieuws wegens een borreltje teveel in een
New Yorkse bar. Het bericht kwam de wereld in, dankzij blogster Nathalie Lubbe Bakker, die prompt haar baantje als barvrouw kwijtraakte.

Wat zijn Nederlandse ministers dan toch brave Hendriken. Of nee, een Hendrik schreef ook naam als minister van Defensie. Een blik in de geschiedenis, toont opvallende overeenkomsten tussen
Henk Vredeling en Pieter de Crem.
Beiden 45-plussers toen ze minister werden. Allebei moesten ze flink bezuinigen op defensie. En beiden staan bekend om een opvliegend karakter.

De bezuinigingoperaties brengt ze natuurlijk in conflict met de legerleiding. Vredeling bediende generaals die dreigden met ontslag, op hun wenken. Het ontslag werd met liefde verleend.
Zover is het bij De Crem (nog) niet. De legertop moet met 20 procent worden afgeslankt. Natuurlijk een reden waarom er wel een generaal dwars gaat liggen en De Crem’s besluiten dreigt te boycotten.

Als de heren iets niet naar de zin is, kunnen ze hoog van de toren blazen. De Crem kwam recentelijk in het nieuws, toen hij
tekeer ging tegen cabinepersoneel van het vliegtuig waarmee hij naar huis vloog.
Vredeling liet zich in interviews onverbloemd uit over collega’s. Zo zei hij over zijn voorganger Luns, toen secretaris-generaal van de Navo: “Hij praat naar hij verstand heeft en dat is niet veel”. En zijn chef, Joop den Uyl, noemde hij “de grootste nationalist die er bestaat. Dat heb ik hem recht in zijn smoel gezegd, in een ministerraadsvergadering”. (Uit NRC-artikel bij overlijden van Vredeling).

Eén verschil is er wel tussen Vredeling en De Crem. De eerste was een sociaaldemocraat. De Crem hoort bij het Belgische christendemocratische kamp. Dranklust en een grote bek zijn dus niet gebonden aan een politieke kleur.
Ik denk niet dat Vredeling als rolmodel en inspiratiebron voor De Crem dient. In België is het veel vaker een gewoonte dat kabinetten vechtend over straat rollen, zoals dat in Nederland alleen van het kabinet Den Uyl wordt gezegd. Misschien hebben Belgische ministers gemiddeld meer eigenaardig karakter, dan hun Nederlandse collega’s. En dus meer conflicten en opvallend gedrag?

Balkenende wordt wel eens grijze saaiheid verweten. Dat moet strategie van de man zijn. Hij weet zich omringd door ministers, die niet bijzonder opvallen in kroegen, vliegtuigen en interviews. Daar kan zijn collega Leterme nog wat van leren?

Welke MP is de beste crisismanager?

Welke MP is de beste crisismanager? Het Historisch Nieuwsblad heeft Gerrit Zalm uitgeroepen tot de tot beste minister van Financiën sinds 1900. Het lijkt wel of de 150 deskundigen vooral de ministers van Financiën loven, die af en toe een greep in de staatskas deden om de burgers een fooi te geven. Zalm mocht in de Paarse periode nog wel eens een meevallertje weggeven. Vlak na de Tweede Wereldoorlog deelde minister Lieftinck een tientje uit aan elke burger. Lieftinck scoorde de tweede plaats.
Zalm is blij met de eretitel en gaat nu voor “beste bankier sinds 1900”, zo zegt hij in het Historisch Nieuwsblad.

Nou had Zalm het tij redelijk mee. Wouter Bos, die in de verkiezing als zevende eindigde, heeft het wel wat zwaarder. De crisis is nog niet voorbij en of hij nog wat uit mag delen aan het volk, moeten we afwachten.
Dat brengt me op een heel andere vraag.

Regeren in tijden van rampspoed en tegenslagen is natuurlijk een veel grotere opgave, dan het land besturen met de wind mee. Dat vraagt veel van een kabinet en vooral van een minister-president. Die moet zijn kabinet op de rails houden en het volk op vertrouwenwekkende wijze door de crisis heen loodsen.

Was dat Ruijs de Berenbroek, die in 1918 met Troelstra’s revolutie te maken kreeg en in 1929 tijdens de wereldwijde economische crisis dit land moest leiden?
En hoe deed Gerbrandy het tijdens de Tweede Wereldoorlog? Dat is toch een crisis van heel andere orde, dan een paar vallende banken.
Willem Drees kreeg niet alleen de taak de democratie weer op te starten in 1945, maar was crisismanager tijdens de politionele acties in Indonesië (1948) en zat in zwaar weer met het Nieuw-Guinea beleid (1951).
Premier De Quay mocht in de 60’er jaren de woningnood tackelen.

Den Uyl kreeg in de 70’er jaren met de oliecrisis te maken met een kabinet dat soms rollenbollend over straat lag.
In de 80’er jaren had Van Agt het moeilijk met de werkloosheid en de onrust onder de burgers wegens de kruisraketten.
Lubbers nam die fakkel over en kwam in economisch slechtere tijden terecht.
Onder Wim Kok ging het dan allemaal wat florissanter, hoewel hij op de valreep nog aan de Sebrenicacrisis onderuit ging.
En nu mag Balkenende zich kredietcrisismanager noemen.

Welke premier is de beste crisismanager sinds 1900? Wie slaagde (slaagt) er het beste in het land door woelige tijden te loodsen? Jouw reactie graag, met natuurlijk een motivatie waarom je een van de negen de beste crisispremier vindt.
Noem 1, maximaal 3 MP's (gerangschikt naar beste, ook wel goed en op je 3e plaats nog een redelijke kandidaat) en volgende week kom ik er op terug om dan de top-drie te presenteren.
In dit document (excel-sheet!) vind je de MP'snog eens op een rij met extra informatie.