Tagarchief: managers

Arbeiderszelfbestuur.

ArbeiderArbeiders, je hebt er niets meer aan. Het ging fout toen ze zich werknemers mochten noemen. Werk nemen en er nog geld voor krijgen ook? Dat is de werkelijke kern van de crisis. In een vrije markteconomie neem je alleen iets, als je er voor betaalt. Dus wie ooit heeft toegegeven aan de eis dat als er werk in de aanbieding was, de werknemer er ook geld voor kreeg, mag verantwoordelijk geacht worden voor het instorten van het kapitalistisch complex.

Neveneffect van de emancipatie van de werkende klasse, is de grote smoel die hij heeft gekregen. Zo heette dat vroeger tenminste, nu heet dat mondigheid. En wat komt er dan uit die monden? De werknemers vinden zichzelf beter dan hun baas. Het moet niet gekker worden. Werknemers hebben zo weinig met hun leidinggevenden dat ze er een zootje van maken als de baas op vakantie is. Dat bleek uit een onderzoekje van vorig jaar. Er zijn zelfs werknemers die dan taken van de baas overnemen, in de hoop te kunnen laten zien dat ze die beter uitvoeren dan de baas zelf.

Zulke krankzinnige denkbeelden krijgen werknemers al gauw, als ze in een televisieserie als “Terug op de werkvloer” (RVU, najaar 2005),zien hoe de baas loopt te schutteren als hij zelf eens een toilet moet schoonmaken of een personeelskantine moet runnen. De baas krijgt ineens een veel groter respect voor zijn personeel en belooft aanpassingen in het werk. Soortgelijke programma’s bij RTL4 en Veronica, waar de baas stiekem de werkvloer op ging (Undercover Boss), hebben natuurlijk ook bijgedragen aan het waanidee dat werknemers beter zijn dan hun baas.

Nou is een baas een baas. Of manager, zoals de baas tegenwoordig heet. Ik me goed voorstellen dat een manager er niks van bakt, als hij zelf op de vuilniswagen moet rijden of de hele dag nietjes door het kopieerwerk moet jagen. Daar heeft de baas niet voor geleerd. Ieder zijn vak en dat van de baas is leidinggeven. Ik wil wel eens zien wat een werknemer klaar maakt in een televisieserie “Op naar de directiekamer” of “Undercover manager”. Zou een werknemer meer respect voor zijn baas krijgen?

(Ironie modus uit).
Van arbeiderszelfbestuur hoor je vandaag de dag nog weinig. De term doet natuurlijk denken aan alles wat zo slecht is aan die ‘linkse rooien’. Er is even een moderne variant in de mode geweest, met de uitdagende titel ‘zelfsturende teams’. Nooit echt iets geworden, want wat moet je met twintig man aan het roer. Dat werd ook niks omdat de baas zijn handen niet echt van het stuurwiel trok.
Toch zijn er managers die zoeken naar een ‘leiderschap nieuwe stijl’. Daar zijn allerlei redenen voor. De oude leiderschapsstijlen zijn onbevredigend. Voor zowel de werknemers als de managers. De crisis roept gedachten op dat bedrijfsmodellen. inclusief leiderschap, anders moeten.

Misschien is het een goed idee afscheid te nemen van de term ‘leiderschap’, in de zin van dat er formele leiders moeten zijn? Leiderschap als begrip om over te filosoferen is prima. In de praktijk moet iedereen gewoon doen, waar hij of zij goed in is. Vaak is dat ook wat hij leuk vindt om te doen. Het leiderschap moet zich manifesteren op facetten van het werk en niet op niveau van totale organisatie. Als iedereen doet waar hij goed in is en daar ook enigszins ‘leidinggevend’ in kan zijn, hebben we de hedendaagse vorm van arbeiderszelfbestuur.

Ethiek is een kunstje

KoorddanserOpvallend berichtje op Managersonline.nl: Steeds meer trainingen in ethisch gedrag. Het is blijkbaar erg lastig ethische gedragscodes tussen de oren van de medewerkers te krijgen. Dus is er behoefte aan trainingen, waar je leert te balanceren tussen goed en kwaad.

Het is er ook niet makkelijker op geworden. Waar een paar decennia geleden de tien bijbelse geboden voldoende waren om onderscheid tussen goed en slecht gedrag te maken, tegenwoordig zijn de duivelse verlokkingen op de werkvloer in duizendvoud aanzwezig.
Zo wist iedereen vroeger dat het 'gij zult niet stelen' betekende dat je niet zomaar een potlood van de baas mee naar huis kon nemen. Tegenwoordig moet je de werknemers leren welke documenten wel of niet naar de pc thuis gedownload mogen worden.
Vroeger werd het 'eert uw vader en uw moeder' op de werkvloer vertaald naar 'eert uw baas'. Nu moet niet alleen de portier zijn pet afnemen voor de baas, maar de baas ook zijn hoed voor de portier.

En dat veranderd normbesef moet ook nog eens gekoppeld worden aan een maatschappelijk verantwoorde, transparante, duurzame en klantvriendelijke bedrijfsvoering.
De manager balanceert niet alleen tussen zijn eigen opvattingen over goed en kwaad. De eisen die aan diversiteit worden gesteld, confronteert de manager met een bont gezelschap aan medewerkers, die een even bont scala aan ethiek meenemen.
Ethisch gedrag is dus een hele onderneming geworden.

Hoewel die trainingen vooral voor de managers zijn bedoeld, blijkt dat slechts 35 procent van de deelnemers manager te zijn. Het is vooral het middenkader en de werknemers op de vloer die hun ethisch denken laten oppimpen.
Dat komt niet omdat het werkschema van de manager te vol is, om ook nog tijd te maken voor een sessie op de hei. Teveel managers huldigen nog steeds het principe dat zij beleid keurig in protocollen en codes dienen te verwoorden en dat de mensen op de werkvloer 'het moeten doen'.
Het 'hoe-doe-je-dat-dan?' wordt uitbesteed aan trainingsburo's.

Het is natuurlijk wel vreemd dat ethisch gedrag inmiddels een kunstje lijkt te zijn, dat je op een training onder de knie moet zien te krijgen.
Zelf heb ik zo'n training moeten meemaken. Twee dagen waren uitgetrokken om de 'cliënt centraal'-code in te peperen bij onze werkeenheden. Een dikke nota van de centrale directie vormde de leidraad.
Iedereen zuchtte en kreunde bij het zien van die bulk papier. De trainer nam alle bezwaren in een handomdraai weg. “Dames en heren”, sprak hij, “zo moeilijk is het niet. Het komt eigenlijk neer op 1 stelregel: wat u niet wil dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet”.

Verrek, da's waar ook, beaamden wij.
Dat waren dus twee mooie dagen, tegen een tarief van een bescheiden € 5000,- per dag, voor een ethische gedragscode van slechts 1 regel.

Een serieuze baas.

Op de website Mangement Team valt te lezen dat driekwart van de werknemers de baas serieus neemt. De baas? Wie is dat dan? Het begrip baas wordt toch hooguit nog gebruikt in de relatie met huisdieren? Werknemers hebben toch al lang te maken met managers, leidinggevenden, coördinatoren of slechts een hoofd? Zelfs de de schipper naast god, de roerganger van onze democratie wordt niet als baas weggezet. Meer neutraal wordt zijn functie als MP afgekort, meer amicaal wordt de man JP genoemd. Maar baas? Nee, da's toch wel een heel ouderwets woord dat in de tijd van de slavernij wel een correcte aanduiding was. Die driekwart werknemers voelen zich misschien nog slaaf? Ze komen uit een groep van 500 mensen met betaald werk, die voor een onderzoekje van Veronica Magazine zijn ondervraagd door buro Trendbox. Tweederde van die groep werkt liever erg hard om veel te verdienen dan dat ze meer vrije tijd met een laag inkomen moeten bekostigen. De meerderheid heeft ook liever een salarisverhoging dan een auto van de zaak. De gemiddeld 32 uur die men per week op het werk is wordt voor 12% benut om van een kater bij te komen. De helft van de ondervraagden zit voor privédoeleinden op internet te surfen en zo'n 40% besteedt de tijd aan roddelen. Maar driekwart neemt wel de baas serieus. Nou zou een beetje manager met bazige trekjes onmiddelijk op botte wijze een einde maken aan al die verspilde tijd. Waarschijnlijk wordt hij/zij dan meteen een stuk minder ernstig genomen. Het is en blijft wel de functionaris die over het geld gaat en dus over de eerder genoemde salarisverhogingen waar al die hardwerkende werknemers reikhalzend naar uitzien. De beste manier om het gewenste inkomen te bereiken is dan wel je baas serieus nemen. Ik denk niet dat er leidinggevenden zijn die van harte meer loon uitbetalen als ze in hun gezicht te worden uitgelachen. Hoeveel mensen onder de lezers hebben ook een echte baas? Of noemt u hem/haar gewoon bij de voornaam? En hoe serieus neemt u die baas dan wel?