Tagarchief: OR

Spreek recht wat krom is

Spreek recht wat krom is Wel eens werknemers de straat op zien gaan voor minder salaris? Arbeidsonrust komt toch al niet zoveel voor, hoewel het onder Balkenende's kabinetten wel is toegenomen (zie dit artikel hier). En dat beetje opstandigheid betrof vooral de cao-onderhandelingen, ofwel eisen voor meer loon. Maar grote werknemersacties met eisen betreffende de topsalarissen, het ontslagrecht en de pensioenen (vergrijzing) hebben we nog niet op straat gezien (zie ook dit artikel).

Om te voorkomen dat we met een historische noviteit te maken krijgen en arbeiders de straat opgaan om minder (top)salarissen te eisen, maakt het kabinet werk van een grotere invloed van de ondernemingsraden bij beursgenoteerde bedrijven.

Op grond van een SER-advies krijgen die raden spreekrecht tijdens aandeelhoudersvergaderingen. De arbeiders mogen kenbaar maken wat ze vinden van benoemingen, ontslagen en beloningen van commissarissen en bestuurders. De aandeelhoudersvergadering is niet verplicht de standpunten van de OR over te nemen.

De vakbonden FNV en CNV zullen dus naar andere middelen moeten zoeken om hun grieven over de laatste voorstellen van de commissie Frijns opgenomen te zien in de Corporate Governance Code (Code Tabaksblat). De OR-leden, meestal vakbondsleden, krijgen spreekrecht dat nergens toe hoeft te leiden.Het

CNV meent dat Frijns ” volstrekt onvoldoende aandacht besteedt aan de positie van werknemers. Deze moet worden versterkt onder andere door meer invloed op de Raad van Commissarissen. Met de Wet op de Ondernemingsraden alleen zijn we er niet”.

Sinds 1 september 2006 zijn bedrijven wel verplicht het beloningsbeleid met de OR te bespreken (Wet Harrewijn), maar een onderzoekje van Schouten & Nelissen bracht aan het licht dat het bij driekwart van de ondernemingsraden maar niet aan de orde komt. Al

in februari dit jaar, werd duidelijk dat de SER een grondige versterking van medezeggenschapregelingen bij beursgenoteerde bedrijven absoluut niet nodig vond. Het enquêterecht van aandeelhouders is meer dan voldoende en bij multinationale bedrijven zou meer werknemersinmenging er toe kunnen leiden dat ze geen zin meer hebben hun bedrijven hier te vestigen. Dat moeten we niet willen, zegt de SER. Het kabinet denkt er blijkbaar net zo over, want het heeft inmiddels het SER-advies doorgestuurd naar de Raad van State.

Spreekrecht is toch wat anders dan een vinger in de pap. Tenzij de OR spreekt van mogelijke maatregelen op de werkvloer als de geachte aandeelhouders ideeën van de werknemers weigeren over te nemen. Maar dat is dreigen met arbeidsonrust en voor je het weet willen de aandeelhouders de zaak van de hand doen.

Waarom de OR, als wettelijke vertegenwoordiger van de werkvloer, niet als even gelijkwaardige partner in het bedrijfsbestuur opgenomen? Spreekrecht, medezeggenschap, het zijn de instrumenten der repressieve tolerantie die uit de kast werden gehaald als reactie op allerlei onrust in de 60'er en 70'er jaren. Tot op vandaag de dag worden die instrumenten verkocht als versterking van democratische processen. Aan daadwerkelijk meebeslissen is de democratie nog niet toe. De vraag is dan over wiens democratie je het hebt.

Zolang beslissingsrecht niet aan de orde is, zullen we alleen met spreken zaken recht zien te kletsen die krom zijn. Lukt dat niet, dan blijf je maatschappelijke onrust houden.

Leidinggevenden

Leidinggevenden Behalve zo'n 110.000 loodgieters zijn er ruim een miljoen andere leidinggevenden. Loodgieters geven u een leiding voor uw sanitair, centrale verwarming of riolering. Die andere ambachtslieden geven leiding aan mensen. Ik weet niet wat makkelijker is.

Een beginnend loodgieter verdient wel iets meer dan een beginnend academicus. Dat verschil wordt gauw ingelopen als de hoge opgeleide een leidinggevende functie weet te krijgen. De loodgieter kan na jaren last van zijn rug krijgen, de leidinggevende kan al gauw de rug op van zijn werknemers en dan ligt een burn-out op de loer. Een loodgieter verbrand hooguit zijn handen aan de gasbrander als-ie een leidinkje moet fitten.
Onderschat de werkdruk van loodgieters overigens niet. Er zijn er veel te weinig van, dus ze werken zich een slag in de rondte om het werk gedaan te krijgen.

Het lijkt een erg scheve verhouding: slechts ruim 100.000 loodgieters tegenover ruim 1 miljoen andere leidinggevenden. Zou de behoefte aan sturing zoveel groter zijn dan aan sanitair en cv's ? Of is het nu eenmaal zo dat je altijd baas boven baas hebt?

Dat laatste is zeker het geval. De ploegbaas geeft leiding aan wat uitvoerenden, de manager geeft leiding aan de ploegbazen en de directie geeft leiding aan de managers. En dan zijn er nog bedrijven waar een raad van bestuur leiding geeft aan de directie.

Nu is “leiding geven” ondertussen bijna net zo'n taboewoordje als “baas” en heet het tegenwoordig managen of aansturen. Ondergeschikten heb je ook niet meer. Dat zijn medewerkers of soms heel sjiek employees geworden.
De hiërarchie is er niet minder door geworden. Uiteindelijk hakken de leidinggevenden de knopen door en beslissen zij wie wat doet, hoe dat gedaan moet worden en wie wordt aangenomen of ontslagen. Natuurlijk, niet zonder te luisteren naar de werkvloer en in overleg met de ondernemingsraad. Dat hoort bij het moderne leidinggeven. Maar gelijkwaardige collega's zijn een leidinggevende en een werknemer niet.

Dat 14 procent leiding geeft aan de overige 86 procent is misschien nog aan de lage kant. Mag ik dat met een voorbeeldje illustreren?
Toen ik vorig jaar een min of meer leidinggevende functie kreeg was het bij de collega's ineens over met de zelfsturing en eigen verantwoordelijkheid. Bijna elk probleempje werd op mijn bord gegooid, terwijl ze de jaren daarvoor zelf oplossingen moesten bedenken. Dat ging vergezeld met de opmerking dat men blij was dat er weer eens leiding op de werkvloer aanwezig was.

Dat vind ik vreemd. Het tekende wel het ongemak dat sommige mensen voelen bij de begrippen “zelfsturing” en “eigen verantwoordelijkheid”.
Voor een deel ligt dat aan slecht leiding geven. Een team dat inderdaad knopen doorhakt, maar nooit een complimentje krijgt of te stelselmatig te maken krijgt met het terugdraaien van besluiten door de managers, zo'n team houdt wel een keer voor gezien. Dat geldt ook voor teams die in hun bewegingsvrijheid ernstig worden beperkt. Zeker als niet goed wordt uitgelegd waarom die beperkingen er zijn. Zo zal het niet in elk bedrijf gaan, hoop ik.

Voor een ander deel willen sommige mensen verantwoordelijkheden helemaal niet. Gewoon het ding doen waar ze goed in zijn en verder geen gedoe. Moeten die mensen een manager over zich heen krijgen die net op een training heeft geleerd hoe hij het beste uit zijn mensen kan halen om ze vervolgens met beperkte verantwoordelijkheden op te zadelen?

Dat er een miljoen leidinggevenden zijn zegt, behalve over een traditionele hiërarchie-cultuur, ook iets over het grote aantal mensen dat graag de leiding uit handen geeft. Pas als men die opeist hebben we waarschijnlijk nog maar twee procent leidinggevenden nodig.

Exit ondernemingsraad

SER

Ruzie in de SER (Sociaal Economische Raad). Na eerdere bonje over het ontslagrecht, liggen werkgevers en werknemers in de sjieke raad nu te rollebollen over de invloed van de werknemers.
De SER moet de regering van advies dienen over een opgepimpte ondernemingsraad. Het gaat al jaren niet zo goed met de OR. Het kost steeds meer moeite werknemers te boeien met dit product van repressieve tolerantie. Want veel meer is het eigenlijk niet en daarmee is meteen verklaard waarom maar weinig werknemers uren avondstudie en oeverloze vergadertijd over hebben voor de hen zo ruimhartig toebedeelde inspraak. Werknemers hebben wel degelijk enig economisch besef en als de inspraak niet rendeert, dan daalt de inzet zo beneden nulpunt.

Een poging van het vorige kabinet de OR nieuw leven in te blazen, strandde op zoveel verzet dat de toen verantwoordelijke minister het ontwerp voor een Wet Medezeggenschap Werknemers (de beoogde opvolger van de Wet op de OndernemingsRaden) snel weer moest intrekken.

De SER is nu aan het stoeien over een ontwerp voor evenwichtig ondernemingsbestuur. Aanstaande vrijdag zou een definitief advies op tafel moeten liggen. Dat wordt wel tijd, want er is veel veranderd. Moesten in duistere tijden directeuren het eens zien te worden met hun ondergeschikten, nu is ook de directie werknemer en maken aandeelhouders en commissarissen de dienst uit. De SER is op zoek naar meer balans tussen de belanghebbenden, maar omdat de SER alle belanghebbenden in hun pluche hebben zitten, komen ze er niet echt uit.

Raar eigenlijk, want nu het politieke tij meezit en zo vreselijk druk wordt gehamerd op ieders eigen verantwoordelijkheid, ook die van jan-met-de-pet, zou je een gloedvol betoog verwachten over herinvoering van de coöperatieve onderneming en arbeiderszelfbestuur. Maar goed, dat zijn historische artefacten, die teveel rieken naar reeds lang uitgestorven begrippen als socialisme en communisme. We gaan natuurlijk geen oude lijken opgraven.

Ik verwacht dat de huidige onenigheid binnen de SER uiteindelijk een nieuw monster van maakbaarheid zal opleveren. De schijn van democratisch bestuur gevat in een gedragscode die de huidige wet moet vervangen. Reken maar dat dan de werknemers over hun toeren van enthousiasme de bestuurskamers in zullen stromen met hun eigen verantwoordelijkheid. Voor het zover is wil ik toch de onbeschaamdheid opbrengen de raad van advies te dienen.

Ga eens een kijkje nemen bij het Braziliaanse bedrijf Semco. In de tachtiger jaren nam Ricardo Semler het bedrijf van zijn vader over en zette het hiërarchische bestuur om in een volledig democratisch model. De aandeelhouder heeft nog slechts één stem in de besluitvorming en de zeggenschap is gelijk verdeeld over alle werknemers.

Naar verwachting zou dat de onderneming te gronde richten, maar dat is er niet van gekomen. In tegendeel zelfs. Door ook flink aandacht te besteden aan het welzijn van de werknemers, de ervaring en inzichten van oudere en ex-werknemers, het herindelen van het bedrijf in kleinere, voor zichzelf verantwoordelijke eenheden, is de inzet van de werknemers zo gegroeid dat ook de omzet steeg.

Het bedrijf is geen oubollige coöperatie geworden, geen stalinistisch fort van arbeiderszelfbestuur, maar is een gemeenschap van gedeelde verantwoordelijkheid, vakkundigheid en ervaring geworden.

Mijn advies aan de SER: doe verder niet moeilijk, neem het ondernemingsplan van Semco over en draag het kabinet op de moed te hebben van dat model de nieuwe wet medezeggenschap werknemers te maken.