Tagarchief: overheidsuitgaven

Van viertaks naar ééntaks

Twintig eurocentVoor een dubbeltje op de eerste rang zitten, wie wil dat nou niet? Rita Verdonk gunt het iedereen. En om dat mogelijk te maken moet de vlaktaks worden ingevoerd.
Een voorstel dat eind mei overigens ook door
de SER werd gepropageerd.

Allerlei argumenten zouden pleiten voor de vlaktaks: mensen zouden meer en langer willen werken als ze minder belasting moeten betalen, het voorkomt kapitaalvlucht naar het buitenland en het zou veel eerlijker zijn. Mensen die veel en hard werken en daardoor veel verdienen, hoeven niet zuur naar hun belastingaanslag te kijken.

Het huidige belastingstelsel kent vier tarieven. Verdien je tot ruim 17.000 euro, dan betaal je 33,65% belasting.
Dan maakt de belastingdienst een sprong van 7,75%. Tussen 17.320 en 31.122 euro moet men 41,40% afstaan aan het rijk.
De volgende stap is minimaal. Tussen 31.123 en 53.064 euro wordt 42% belasting geheven.
De volgende groep heeft het erg zwaar. Boven de 53.065 euro per jaar gaat 52% naar de schatkist. Da's een behoorlijke sprong en dat voelt niet lekker. Logisch dat aan een vlaktaks wordt gedacht.

Nu zou je iedereen op een vlakinkomen kunnen zetten. Allemaal hetzelfde basissalaris om modaal van te kunnen leven, met een belasting die genoeg oplevert om de staat draaiende te houden. Wie meer verdient, mag het houden.
Het CBS stelde in 2007 de beroepsbevolking op 7 miljoen mensen. Als die allemaal 65.000 euro bruto per jaar verdienen en daarvan 31 procent aan de belasting schenken, casht de overheid ruim 141 miljard euro en houdt iedereen toch nog netto 3738 euro per maand over om van te leven.
Ter herinnering: in 2006 waren de staatsuitgaven…. 141 miljard euro.
Maar goed, een vlakinkomen is hier onbespreekbaar.

De vlaktaks zou dus een oplossing kunnen zijn. Maar zonder belastingen kunnen we niet. Dat wil zeggen: wijzelf wel, maar wegen aanleggen, de zorg betalen en het onderwijs nog een beetje op kwaliteit houden, wordt een bijna onmogelijke zaak. Dat zou tot een vervlakking van de kwaliteit van ons bestaan leiden.

Maar als we zo gehecht zijn aan zoveel miljoen mensen met zoveel miljoen inkomensverschillen, omdat al die verschillen het land zo leuk maken, waarom dan 1 belastingtarief? Wie zo tegen vervlakking is, zou ook niet voor een vlaktaks moeten zijn.
Wat mij betreft mag het huidige viertaksstelsel best op de schop. Niet naar een ééntaksstelsel, maar een 30-taksstelsel: van 25 tot 50 procent.
Tot een brutosalaris van 30.000 euro is iedereen belastingvrij. Vanaf 30.000 euro gaat men 25% belasting betalen en voor elke 5000 euro meer komt er telkens 1% bij.
Vanaf 100.000 euro wordt er telkens 1% meer belasting geheven voor elke 50.000 euro meer.

Daar moeten we toch een heel eind mee komen. De grote sprongen in het huidige viertaksstelssel zijn weggewerkt. De verschillen waar mensen mee geconfronteerd worden als ze ineens wat meer verdienen en in een ander tarief komen, zijn afgevlakt. En het solidariteisprincipe blijft overeind.
Nu nog een deskundige zoeken die kan uitrekenen of de overheidsuitgaven hiermee voldoende zijn gedekt.