Tagarchief: vermaak

Extra leesvoer

Extra leesvoer Vandaag geen eigen stukkie. Wel wat extra leesvoer.

De reden voor het ontbreken van eigen werk is simpel. Het was, na een week vakantie, de eerste werkdag en het was weer goed druk. Dus wil ik nog even wat uitrusten en dat ga ik straks doen bij de uitreiking van de Dutch Bloggies. Dat zal veel minder enerverend zijn dan werken of bloggen. Het is meer ontspannen vermaak.

Voor ik erheen ga, heb ik gewoontegetrouw rondgeneusd op de weblogs die hier in de rechterkolom staan vermeld. Daarbij stuitte ik op een gastlog bij GeenCommentaar, die uitstekend past bij de centrale thematiek van dit weblog.

Het stuk is van de journalist Dimitri Tokmetzis, die een fraai betoog over maakbaarheid houdt. Dus: extra, extra! Lees alles over “
Maakbaarheid is dood, leve maakbaarheid”.
Ben benieuwd wat je ervan vindt.

De jeugd van tegenwoordig

Dik Trom 2De Dik Troms, Pietje Bells en Kruimeltjes zijn het afgelopen weekend weer prima bezig geweest. In Purmerend waren ze met graffiti in de weer. En in Ede hebben ze ook een Museumplein, waar jongeren zich uitleven. In Hoogvliet mishandelden 10 belhamels een 34-jarige man, een inwoner van Ten Boer onderging een soortgelijke behandeling, in Tilburg had de jeugd een fikkie gestookt in een speeltuintje en in Amsterdam rekende de politie drie jongeren in die hun jeugdig vuur op onschuldige auto's hadden losgelaten. En dan hebben al die Dikke KruimelBellhamels alleen maar ladderzat over straat zwierven de pers niet eens gehaald.
Dat laatste is binnenkort afgelopen als het aan
het VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) ligt. Jongeren onder de 16 jaar, met een biertje op, moeten thuis blijven. Het kabinet wil dat die jongeren niet drinken, maar dat doen ze lekker toch. De VNG pleit voor strengere controle op straat en zelfs 1 biertje moet genoeg zijn om de kids strafbaar te stellen. Ja, als de drasnk is in de Pietje Bell, wordt het uitgaansleven een hel. Een Kruimeltje met een glaasje op, zet altijd de boel weer op zijn kop. Maar een nuchtere Dik Trom, ja, kom daar vandaag nog maar eens om. Maandagmorgen is de enige rustige dag op school, waar de schoolmeester er een satanisch genoegen in schept de deur van het klaslokaal met een dreun dicht te smijten, waarop de hele klas naar het pijnlijke, katerige hoofd grijpt en smeekt: alsjeblieft meester, niet doen!
De jeugd van tegenwoordig schijnt zich alleen op heftige wijze te kunnen vermaken. In het Gelderse Beuningen beperkte de jeugd zich dan ook tot de gokkasten en botsauto's op de wat
flauwe kermis, waar spannender attracties ontbraken. Ook een roefeldag is in het Brabantse Sprundel zo weinig spectaculair dat er maar 75 jongeren op af komen. En een Dialectdag zegt in het Zeeuwse Kapelle de jeugd al helemaal niks meer. Dus zoeken ze hun eigen vertier op straat, want de lol aan thuis blijven is er wel van af nu ouders veel meer controleren wat je op internet zit uit te spoken.
Nou had je in mijn jonge jaren in het weekend helemaal geen vermaak, maar werd je wel naar buiten gestuurd omdat je ouders ook wel eens een rustig weekendje wilde hebben. Creatief als we waren gingen we belletje trekken, of een krant waar een hondendrol in was verpakt bij iemand voor deur in de fiks steken, of een lege portomonnee aan een draadje wegtrekken als iemand die wilde oppakken. Jongens, dat was heftig! En als een volwassen voorbijganger daar iets van zei, dan sloegen we er niet op los, maar gingen we in het bushokje hangen en vieze moppen tappen. Wat een watjes waren wij.
Het vermaak van de jeugd van tegenwoordig is van een heel ander kaliber. De vraag is nu: welke voorbijganger moet de jeugd aanspreken op irritant gedrag? Is dat de minister van Jeugd of laten we het aan oom agent over? Moet de schoolmeester dat opknappen of blijft het de verantwoordelijkheid van de ouders? Of is er niks mis met dat hedendaagse jeugdvertier en komt het allemaal wel goed als ze wat ouder worden, zoals dat vroeger ook vaak het geval was?
Ik zou zeggen: blijf praten met de jonkies. Laat ze niet zwemmen in hun eigen subcultuurtjes. Scheidt de jonge schaapjes niet van de oude bokken. En dan niet gaan vertellen hoe jij vindt dat het hoort, maar ga vragen stellen. Natuurlijk vraag je dan wat ze zelf graag willen. En zit er dan een antwoord bij waar je wenkbrauwen van omhoog schieten, vraag dan eens recht op de jeugd af: vind jij dat normaal?
Die vraag kregen wij vroeger ook wel eens om de oren. Vervelende vraag, dat wel. Maar er gebeurde toch iets anders dan als je door een voorbijganger gesommeerd werd op te sodemieteren. In beide gevallen konden die twee volwassenen wat ons betreft de boom in, maar die ene vraag kwam nog wel eens terug in menig jeugdig hoofdje. En ik heb dan de misschien ijdele hoop, dat als je jezelf die vraag kunt stellen, het wel weer goed komt.