Tagarchief: Welten

Opstandige ordehandhavers.

Politie De dienders zijn onrustig. Na de Amsterdamse korpschef is er nu de Zuid-Hollandse sherrif, die het zijn baas, minister Opstelten, lastig maakt. Met wel een aardig verschil van opvattingen.

Hoofdcommissaris Welten kondigde aan de orde niet te zullen handhaven. Hij is niet van plan werk te maken van een eventueel boerkaverbod. Een uitspraak die ondersteund werd door zijn
Twentse collega.
Korpsbeheerder Brok wil de orde juist wel handhaven en wel door die orde te laten voor wat hij nu is. Hij is tegen de afschaffing van de bonnenquota.
Commissaris Welten kreeg meteen de rechtse partijen over zich heen. Brok krijgt kritiek van de SP. Heeft minister Opstelten zijn dienders wel in de hand, vraagt de SP zich af. Een vraag die de SP) wel vaker stelt. In 2009 vond de SP dat Welten moest opstappen, na kritiek op burgemeester Cohen.

Protesterende politieambtenaren zijn een zeldzaamheid. Hoofdcommissarissen die zich in het publieke debat mengen komen vaker voor. In 1993 kregen de hoofdcommissarissen van de vier grote steden, Nordholt, Wiarda, Hessing en Brand, nog
de Machiavelli-prijs voor overheidscommunicatie. Daarna werden de politiechefs vaker tot de orde groepen als ze hun monden roerden in het openbaar.Welten is inmiddels op het matje geroepen en korpsbeheerder Brok zal ongetwijfeld volgen.

Hoewel er een verschil is tussen de uitspraken van beiden, staat de vraag centraal hoe zij de orde denken te handhaven. Welten stelt dat het op de bon slingeren van boerkadragers onnodig de werkdruk afleidt van het bestrijden van echte criminaliteit. Brok meent dat bonnenschrijven een uitstekend middel is om orde en veiligheid te handhaven.

Ook leidinggevenden van de politie hebben natuurlijk een eigen visie op de maakbaarheid van orde en veiligheid. Het politieke bestuur vindt het er niet veiliger op worden, als korpschefs zich daar in het openbaar over uitlaten. De eigenzinnigheid van korpschefs, die hun persoonlijk stempel op hun organisatie willen drukken en de conflicten die dat soms met het bestuur oplevert, is al jaren een
heikel discussiepunt.

De samenleving verandert. Iedereen levert, op uiteenlopende wijze, bijdragen aan het maatschappelijk debat. Moeten leidinggevende politiefunctionarissen daarvan uitgesloten worden?

Ongehoorzaam je plicht verzuimen?

Ongehoorzaam Gek eigenlijk, dat mensen die fel gekant zijn tegen de slaafse volgzaamheid van moslimvrouwen, tekeer gaan tegen het ontbreken van volgzaamheid van een politiecommissaris.
Okee, dat is een ambtenaar in functie, belast met het controleren van de wet. Dus als de commissaris overweegt geen consequenties aan een wet te verbinden, dan kondigt hij dus plichtsverzuim aan. Maakt de Amsterdamse hoofdcommissaris Welten een praktische of een principiële keuze?

Dat is niet helemaal duidelijk. Ik kan me voorstellen dat het een praktische keuze is. De politie gaat het wat drukker krijgen, want de beloofde uitbreiding met 3000 extra politiemensen, is een wassen neus. Er wordt tegelijkertijd bezuinigd op ondersteunend personeel, dus de 3000 extra mensen zul je niet zoveel op straat zien, omdat ze zelf hun administratieve werk moeten doen.
Commissaris Welten denkt misschien: wat zal ik mijn mensen belasten met het oppakken van die paar boerkadragers? Ik kan me voorstellen dat de man wel dringender zaken wenst aan te pakken, dan het uitvoeren van symboolpolitiek. Zo overweldigend veel boerka’s zie je niet op straat, laat staan dat ze allemaal ook nog eens een gevaar voor de veiligheid zijn.

Het lijkt ook een principiële keuze. De commissaris zegt namelijk ook dat zijn korps wel belangrijker zaken heeft aan te pakken om vrijheid, gelijkheid en rechtvaardigheid te waarborgen. Ik kan me voorstellen dat hij dat, als politiefunctionaris, niet als plichtsverzuim ziet. Hij wil zijn ambt blijven uitoefenen en voor de praktische uitvoerbaarheid daarvan, ziet hij zich gedwongen principiële keuzes te maken.

Geeft de commissaris met zijn ambtelijke ongehoorzaamheid een voorzet tot burgerlijke ongehoorzaamheid?
Burgerlijke ongehoorzaamheid is een lastig onderwerp. We hebben immers wetten, die door een democratisch gekozen bestuur worden gemaakt. Bij de ‘wil van het volk’ past geen ongehoorzaamheid, omdat de burgers dan toch ongehoorzaam aan zichzelf zouden zijn?
Het is, buiten politieke obstructie, al een hele klus ongehoorzame burgers te controleren, op te pakken of te beboeten. Snelheidsovertreders, voetgangers die bij rood licht oversteken, wildplassers, illegale vuilstorters en lieden die een tuinhek zonder vergunning ophogen, er zijn heel wat ongehoorzame burgers.

Nu zijn we aan dat soort gedrag wel gewend en het wordt niet als burgerlijke ongehoorzaamheid gezien, omdat de overtreders niet bewust er op uit zijn de zittende overheid te dwarsbomen.
De huidige regering heeft een uiterst krappe en onzekere meerderheid. Met 49,55 procent van de stemmen, heeft het kabinet de steun van 76 zetels in de Tweede Kamer. Daarvan zijn 24 zetels slechts gedoogsteun. Maar goed, 76 zetels is een meerderheid, ook al heeft 50,45 procent van de kiezers niet op deze gedoogcoalitie gestemd.

Die krappe meerderheid betekent wel dat het kabinet voorzichtig moet zijn met haar plannen. Tot nu toe waren er wat kleine demonstraties, handtekeningacties en petities tegen de voorgenomen bezuinigingen. Nu is er een opstandige politiecommissaris, die een voorgenomen wet op de hak neemt. Wordt 2011 het jaar van de burgerlijke ongehoorzaamheid?

Kriebelt bij jou de burgerlijke ongehoorzaamheid al? Wanneer zou jij ongehoorzaam je burgerplicht verzuimen?