Tagarchief: Hoge Raad

Verplicht wordt gratis

IDkaartVerplichte keuzes zouden kosteloos moeten zijn, schreef ik in 2008 al. Het duurt lang voor zo’n margeblogje als dit, serieus wordt genomen, maar vandaag is het dan zo ver. De verplichte identiteitskaart moet gratis worden verstrekt. Op grond van die uitspraak van de Hoge Raad zijn de identiteitskaarten met onmiddellijke ingang gratis.

In 2004 maakte een inwoner van de gemeente Leudal  bezwaar tegen de kosten voor een rijbewijs en een identiteitskaart. Het bezwaar werd afgewezen. De burger ging in beroep bij de rechter. De rechtbank in Roermond stelde dat de aanvraag voor een rijbewijs en een identiteitskaart een individueel belang diende en verklaarde het bezwaar van de burger ongegrond.
Daar liet de burger het niet bij zitten en ging in hoger beroep. Het gerechtshof in Den Bosch gaf de man gelijk, wat de identiteitskaart betreft. Omdat in 2004 de identificatieplicht is ingesteld, is het publieke belang zwaarder gaan wegen en zou de gemeente de kaart kosteloos moeten verstrekken.

Dat liet de overheid natuurlijk niet op zich zitten en ging in beroep bij de Hoge Raad. Ook deze oordeelde dat, op grond van de identificatieplicht,  bij de identiteitskaart het overheidsbelang groter is dan het privébelang en er daarom geen kosten voor mogen worden gerekend.
Voor een rijbewijs en een paspoort ligt dat anders, vindt de Hoge Raad en stelt: “Een rijbewijs is vereist om een motorrijtuig te mogen besturen; en een paspoort is een mondiaal erkend reisdocument. Voor deze beide identificatiebewijzen geldt daarom dat zij vooral ook een individualiseerbaar belang dienen. Aanvragers kiezer er zelf voor om een motorrijtuig te besturen of te reizen. Daarvoor mag een gemeente dus leges heffen”.

Ten aanzien van het rijbewijs heb ik toch wat twijfels, zoals ik in 2010 schreef. Het klopt dat autorijden niet verplicht is. Maar het mag alleen met een rijbewijs. Het briefje waarop het CBR verklaart dat je je rijexamen hebt gehaald, zou dan genoeg moeten zijn. Dat is niet zo, want met dat briefje moet je nog je rijbewijs aanvragen. Dat alleen al zorgt voor extra kosten die de burger moet maken om boetes te voorkomen.  En omdat de overheid dat document ook tot identiteitsbewijs heeft verheven, zou het naar mijn idee ook gratis moeten zijn.

Eigenlijk zouden alle zaken waar sprake is van een gedwongen keuze, gratis moeten zijn of niet tot hogere kosten voor de afnemer moeten leiden. Wie met het openbaar vervoer wil, verplicht zich een OV-chipkaart aan te schaffen. Een product waarvan de veiligheid niet is gegarandeerd en de Zuid-Hollandse consumenten 2,4 miljoen euro meer gaat kosten. Er was beloofd dat deze verandering kostenneutraal zou zijn. De enige keuze die de consument heeft, is niet van het openbaar vervoer gebruik te maken, was mijn stelling eerder dit jaar.
Zo kan ook de vraag gesteld worden of de zorgverzekering wel zo duur moet zijn, sinds deze verplicht is gesteld. Iemand die zorg nodig heeft en zich niet heeft verzekerd, kan toch de volle mep betalen?

De uitspraak van de Hoge Raad is een stap voorwaarts. Minister Donner gaat nu met de gemeenten overleggen wat de financiële gevolgen zijn. Er valt immers een bron van inkomsten weg. Wie weet heeft de uitspraak van de Hoge Raad een neveneffect: iets minder verplichte bezuinigingen voor de gemeenten. Dan wordt het een dubbel mooie uitspraak. Gaat hier een precedentwerking van uit zijn straks alle verplichte keuzes gratis?

Niet antwoorden een misdaad?

Niet antwoorden een misdaad?

Laten we het er nu niet over hebben dat het wat vreemd is dat een partij die stelselmatig vragen en debatten uit de weg gaat, een aanklacht indient tegen een minister die hetzelfde gedaan zou hebben. Laten we ook even vergeten dat dit kabinet ontelbare keren van ambtsmisdrijven beschuldigd had kunnen worden, omdat de PVV niet de eerste en enige is, die ontevreden is met bepaalde antwoorden.

Laten we eens kijken of die aanklacht nog ergens toe zal leiden.
Volgens staatsrechtgeleerde Tijn Kortmann,
in het NRC, is de aanklacht misplaatst. Ontevreden met een antwoord? Aan het werk en doorvragen. Is dat niet genoeg dan over tot de motie van wantrouwen. De heer Kortmann wijst op artikel 68 van de Grondwet, waarin staat dat het geven van informatie aan de Kamer verplicht is, mits niet in strijd met het belang van de staat.
Ik kan me voorstellen dat Van der Laan dat belang van de staat meegenomen heeft in zijn antwoord aan de PVV. Ook kan ik me voorstellen dat Kamerleden dat belang van de staat wat al te rekkelijk geïnterpreteerd vinden.
In een heel andere kwestie, de zaak Mink K., heeft de Hoge Raad in 2003 al wel eens beslist dat het recht van het parlement op inlichtingen zo fundamenteel is, dat “de minister slechts bij hoge uitzondering, en alleen met toereikende motivering, kan weigeren de Kamer in te lichten wegens strijdigheid met het belang van de Staat” (aldus
de Wikipedia).

De PVV haalt echter artikel 355 van het Wetboek van Strafrecht van stal, met name lid 4: Met gevangenisstraf van ten hoogste 3 jaren of geldboete van de vierde categorie, worden gestraft de hoofden van ministeriële departementen:
(…) die opzettelijk nalaten uitvoering te geven aan de bepalingen van de Grondwet of andere wetten of algemene maatregelen van inwendig bestuur van de staat, voor zover die uitvoering wegens de aard van het onderwerp tot hun ministeriële departementen behoort of uitdrukkelijk hun is opgedragen.

Het is geen unicum dat sommige mensen vinden dat bewindslieden een ambtsmisdrijf plegen en de bestuurder(s) graag voor de rechter hadden gezien. Een paar voorbeelden.
In 1977 vond Tom Schalken, hoogleraar straf- en procesrecht, dat Neelie Kroes zeer dubieus heeft gehandeld in de Rotterdamse Tank Cleaning-affaire. De 2e Kamercommissie Biesheuvel had verwijtbaar en bestuurlijk nalatig gedrag geconstateerd en dus zou Neelie Kroes, destijds verantwoordelijk als minister van Verkeer en Waterstaat, wel veroordeeld kunnen worden wegens ambtsmisdrijven. Een aanklacht is er nooit gekomen.

In 2000 meende R.M. Vennix, docent strafrecht, dat de ministers Peper en Korthals zich mogelijk schuldig gemaakt aan een ambtsmisdrijf, door toestemming te geven voor de grootscheepse fouilleringsactie eind november in de Rotterdamse Millinxbuurt. Ook hier is nooit een aanklacht ingediend.
In 2003 kwam er
wel een aanklacht. Prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn beschuldigden oud-premier Wim Kok en zijn toenmalige ministers Klaas de Vries en Gerrit Zalm van valsheid in geschrifte, schending van het ambtsgeheim, oplichting en ambtsdwang Het OM en minister Donner van Justitie besloten hier geen strafrechtelijk onderzoek naar te doen.

In 2005 wees advocaat M. Wijngaarden, gespecialiseerd in het vreemdelingenrecht, op een mogelijk ambtsmisdrijf, gepleegd door minister van Justitie Korthals, bij de naturalisatie van prinses Maxima. Alweer geen heuse aanklacht ingediend en geen onderzoek ingesteld.
In 2006 deed
rechtsfilosoof Afshin Ellian een oproep aan Piet Hein Donner, toen minister van Justitie, om een onderzoek in te stellen naar ambtsmisdrijven gepleegd door Rita Verdonk en Hilbrand Nawijn, in de kwestie Ayaan Hirsi Ali. Zij zouden bepalingen uit de grondwet met opzet hebben genegeerd, waardoor het mogelijk werd dat Hirsi Ali Kamerlid kon worden.

En dan hebben in 2007 nog de uitspraken van de Hoge Raad, in de zaken rond de Schipholbrand en de moord op Fortuyn. In beide gevallen werden bewindslieden van ambtsmisdrijven beschuldigd. Het Openbaar Ministerie wilde niet tot vervolging overgaan, waarna de klagers in beroep gingen bij de Hoge Raad. Die stelde echter dat “vervolging van zodanige ambtsmisdrijven uitsluitend kan worden gegeven bij Koninklijk besluit of bij een besluit van de Tweede Kamer der Staten-Generaal”. (In de zaal rond Fortuyn had de Hoge Raad in 2004 al eerder zo iets beslist).

Op grond van die uitspraken is het dus aan de koningin of de Tweede Kamer te besluiten of de aanklacht van de PVV in behandeling moet worden genomen. Ik zou zeggen: laten ze, tegen de traditie in, hier nou eens wel een zaak van maken. Op zich ben ik het eens met een ieder die vind dat de PVV haar werk gewoon beter moet doen. Niet alleen allerlei vragen stellen, maar met de luie reet uit het pluche en zelf informatie verzamelen en de minister er mee om de oren slaan. Het debat aangaan. Daarvoor worden ze tenslotte betaald.

Maar goed, geef de PVV nu eens de zin. Gewoon om eens te kijken wat er nou van die aanklacht overblijft. Ik durf mijn hand ervoor in het vuur te steken, dat er niet veel van overblijft en de klager dus veroordeeld zal moeten worden in de proceskosten, wegens belemmering van de rechtsgang.

Foutloos boeven vangen

Rechtspraak

Schuldig de bak indraaien is geen lolletje, onschuldig brommen is een nachtmerrie. Zulke dromen moet je dus de wereld uit helpen.
In Nederland kennen we wel mogelijkheden om rechterlijke dwalingen te herstellen. Maar die mogelijkheden zijn niet goed genoeg. Althans, dat vindt een groepje mensen die vandaag in advertenties in de dagbladen pleiten voor
een revisieraad.

Je kan tot aan de Hoge Raad je onschuld bepleiten, maar alleen als je nieuwe bewijzen kan aanvoeren, die niet eerder door het OM (Openbaar Ministerie) of je advocaat zijn ingebracht. De regels voor herziening van een zaak zijn te star, menen de adverteerders. Bovendien beoordelen rechters de uitspraken van hun collega's en daarom zou een meer onafhankelijke club een zaak tegen het licht moeten houden.

Laat “slimme mensen goede onderzoekers aansturen. Bijvoorbeeld wetenschappers op technisch, medisch en economisch gebied”. Ook wat advocaten, maar “stop die raad in hemelsnaam niet vol met juristen.”
Advocate Inez Weski vindt dat er eigenlijk een oplossing moet komen voor de fouten die het OM in onderzoeken maakt. Het zou niet tot foute veroordelingen moeten kunnen komen. Dan heb je achteraf zo'n revisieraad misschien niet nodig.

Maar kunnen we wel tot een foutloze rechtsspraak komen? Dat lijkt onmogelijk. Wetten worden via jurisprudentie aangescherpt. Wat aantoont dat een wet vooraf niet alles kan vastleggen om tot de enige en juiste uitspraak te komen.
En met bewijsmateriaal is het oppassen geblazen. Vingerafdrukken zijn te vervalsen, net zo als identiteitsbewijzen. Dat laatste kan weer leiden tot
mismatches met dna-materiaal.
Getuigenverklaringen kunnen onderhevig zijn aan misinterpretaties, net zo goed als de misdaadonderzoekers zichzelf soms op een dwaalspoor zetten. Zelfs als die onderzoekers de hulp inroepen van een leger deskundigen, kan er twijfel over de juistheid van de bewijzen blijven bestaan.

Een onafhankelijke revisieraad lijkt een heel aardige oplossing om fouten te herstellen. Volgens de initiatiefnemers van dit voorstel functioneert zo'n systeem in Engeland heel goed. Sinds de invoering van zo'n commissie zouden er de laatste tien jaar zo'n 250 langdurig gestraften weer zijn vrijgelaten, omdat ze onterecht zijn veroordeeld.
Aan dat aantal zitten we, ook met de twee broers uit Putten, hier nog niet. Dat moet er ook niet van komen. Voorkomen is nog altijd beter dan genezen. Maar hoe doe je dat?

Hoopvol wordt er naar het Nederlands Forensisch Instituut gekeken. Het NFI heeft tot taak aangeleverde sporen en materialen te onderzoeken en vast te stellen welke keiharde bewijzen zijn. Met betere technologie hoopt men ook steeds betere bewijslast te vergaren. Maar dan ben je er nog niet. De directeur van het NFI pleit voor meer empirisch onderzoek. Want, zo zegt hij in De Pers: “Een match met DNA of bijvoorbeeld een handschrift wil nog niet zeggen dat je de dader hebt. Er zal altijd een element van statistiek blijven. Dat moet wel geobjectiveerd worden en niet afhangen van individuele deskundigen.”

Wat ook kan is alle burgers gijzelen en hun telefoon- en internetdata bewaren, evenals een dna-databank aanleggen van heel de bevolking. Het uitpluizen van die data kost echter zoveel tijd, dat een voorarrest langer zou moeten duren. Het wachten is op een wetsvoorstel van Hirsch Ballin, waarin vastgelegd is dat ook verdachten twee jaar in voorarrest kunnen blijven, om de onderzoekers alle tijd en rust te geven met de juiste bewijzen te komen.

Dat komt er natuurlijk niet van, sterker nog, die bewijzen moeten sneller op tafel. Het NFI heeft zich tot doel gesteld nog sneller te gaan werken.
Ook al zijn verdachten en slachtoffers bij een snelle afwikkeling gebaat, laten ze boel alsjeblieft niet overhaasten. Haastige spoed is zelden goed en vergroot de kans op fouten.

Dan de misdaad maar de wereld uit helpen? De geschiedenis leert dat misdaad van alle tijden, alle culturen en alle rechtssystemen is. Blijft dus over een poging te doen de hele rechtsgang te verbeteren.
Een aardig element van de voorgestelde revisieraad is daarin mensen van buiten het justitiële apparaat in te zetten. Dat kan ook op andere momenten in de rechtsgang. Bijvoorbeeld een jury die de rechter op de vingers kijkt.
De tijd is daar nu niet rijp voor, want juryrechtspraak is hier alleen nog een
populistisch middeltje om onderbuikemoties te een plaats te geven.
In de praktijk zal het wel meevallen met dat soort emoties.
Een onderzoek wees uit dat burgers zonder kennis van de zaak geneigd waren zwaardere straffen op te leggen dan de rechters. Dat veranderde echter nadat men wel kennis van de zaak kreeg. Toen rolden er ineens straffen uit die lager lagen dan de rechterlijke uitspraak. Kortom: die juryrechtspraak zou een toegevoegde waarde kunnen hebben.

En tot slot: waarom ook niet wat “onafhankelijken” mee laten kijken aan het begin van de rechtsgang?Lastig punt, omdat het idee wel gangbaar is dat in het begin van een onderzoek niet teveel naar buiten moet komen om de dader geen kans te geven er voordeel mee te doen.
Maar een buitenstaander die ongehinderd kan vragen of bepaalde conclusies of ontwikkelingen in een onderzoek wel logisch zijn, kan de onderzoekers scherp houden.

Tenzij onderzoekteams altijd worden samengesteld uit dromers, critici en realisten (in NLP-kringen bekend als het Disney-model en bedoeld voor andere doeleinden dan criminaliteitsonderzoek). Geen types die makkelijk met elkaar samenwerken, maar neem je ze alle drie serieus dan worden de “feiten” in ieder geval door verschillende focussen bekeken. De kans wordt kleiner dat er iets over het hoofd wordt gezien. Wat dat “iets” ook moge zijn: een procedure, een vergeten spoortje, een mogelijk andere verdachte of een onbedoeld foutje.

De keuze is: laten we het huidige systeem in tact, ook al zit er soms een onschuldige achter tralies en loopt een schuldige wegens een procedurefoutje vrij?
Of laten we het zo, maar is een revisieraad een prima middel fouten te herstellen?
Of moet de rechtsgang van begin tot eind op de schop?