Tagarchief: Defensie

Dresscode voor militairen?

uniformCadetten voelen zich zo bijzonder niet meer.  Dat zal Jos van Schilt, docent geschiedenis en promovendus op de Universiteit Tilburg, woensdag verdedigen bij zijn promotie. Zijn proefschrift, 'Herfsttij van het militaire elitegevoel', is het resultaat van een onderzoek naar het elitair zelfbeeld van aspirant-officieren op de Koninklijke Militaire Academie in de periode 1948 tot 2008.

Het democratiseringsproces, individualisering en informalisering, hebben bijgedragen aan een afnemend elitegevoel onder de aspirant-officieren van de Nederlandse Defensie Academie.Volgens de onderzoeker vindt men op de Academie een elitair zelfbeeld “niet wenselijk”. Individuele en collectieve deugden vindt men belangrijker. De cadetten worden dus getraind in loyaliteit, discipline, eer, integriteit en eerlijkheid.
Aan het zelfbeeld van de cadetten als groep wordt gewerkt door de ontgroening en onderlinge sociale controle. Daarnaast heeft de Nederlandse Defensie Academie het belang aan etiquette en het ervaren van trots op de cadettenidentiteit hoog in het vaandel staan.
Van Schilt stelt dat “beleidsmakers en politiek maar uit moeten maken welke balans in de meerduidige effecten van dit socialisatieproces acceptabel en gewenst zijn”.

Nou, dat werd vandaag duidelijk in een debat tussen minister van Defensie, Hillen, en de Tweede Kamer. De PVV vindt de militairen geweldig, maar ze gedragen zich als mietjes. Ze zouden juist trots op hun vak moeten zijn en die trots uitdragen door in uniform van huis naar werk te gaan. Het dragen van het uniform zou weer verplicht gesteld moeten worden, vindt de PVV.
De minister vindt ook dat een uniform een prachtige vertoning van trots kan zijn, maar een verplichting gaat hem iets te ver. Dat is raar. Dit kabinet deinst er niet voor terug hele groepen die van onze belastingcenten gebruik maken, middels bezuinigingen allerlei verplichtingen af te dwingen. Ik dacht dat het leger ook op onze kosten in stand werd gehouden, dus een ceremoniële verplichting is wel het minste dat je van soldaten mag vragen.

Het lijkt er toch erg sterk op dat dit kabinet en de gedoogpartner er veel voor voelen de normen en waarden-ideologie van Balkenende nu via verplichtingen in te voeren. In ‘Helpers weg, volgende ronde’, beschreef ik al de mogelijkheid dat Rutte de ‘gouden tijden’ van de werkverschaffing en ouderwetse burenhulp nastreeft.
De PVV is, die net als de VVD het woordje vrijheid in de initialen draagt, is ook niet te beroerd dwangmaatregelen te eisen. Het verplichte uniform, een maatregel uit vroeger tijden, is er weer een voorbeeld van. Typisch dat die twee de CDA-minister niet kunnen dwingen de militaire dresscode te verplichten. Zou Hillen op zijn strepen zijn gaan staan?

Ik vermoed dat de meeste militairen het op dit punt eens zijn met Hillen en zelf de vrijheid willen behouden om te bepalen of ze al dan niet in werkplunje naar het werk en weer naar huis gaan. Verder zal hun trots behoorlijk zijn geknakt door Rutte, Hillen en de PVV, die ze een oor hebben aangenaaid door het ontslag van zeker 2000 van hun collega’s geregeld te hebben.
De cadetten waar de Tilburgse onderzoeker over schrijft, zullen ook wel piekeren of ze werk zullen hebben, na het behalen van de diploma van eer.

Meer naar zorg, minder naar hulp

Meer naar zorg, minder naar hulpDe koek mag wel wat anders worden verdeeld, vinden heel wat Nederlanders. Dat stelt het SCP in het Continu Onderzoek Burgerperspectieven. In diverse gespreksgroepen kreeg men de vraag voorgelegd aan welke beleidsterreinen meer of minder geld zou worden uitgegeven, als men het zelf voor het zeggen had (zie persbericht, pdf!).

Volgens het SCP vind 80 procent van de Nederlanders dat er bezuinigd dient te worden op ontwikkelingshulp, internationale samenwerking en vredesmissies. Ook defensie mag het met minder doen, naar de mening van 75 procent en 50 procent wil snoeien op kunst, cultuur en wetenschappen.
Meer geld mag naar de gezondheidszorg, zegt 82 procent en 59 procent wil meer uitgeven aan orde en veiligheid.

Je mag wel concluderen dat veel Nederlanders dus liever eerst wat geld willen spenderen aan de eigen zorgen en dat het economisch leed en de veiligheid in andere delen van de wereld maar op een andere manier moet worden opgelost.
Het stijgende vertrouwen in de economie, dat in hetzelfde rapport bij de Nederlanders is geconstateerd, maakt ons dus blijkbaar niet guller voor mensen die het toch heel wat slechter hebben.

Stel dat elke procentuele Nederlander goed is voor 1 euro, dan zou de rangorde in de rijksuitgaven voor 2009 er aardig anders uitzien, dan op de laatste Prinsjesdag bekend werd.

OCW (Onderwijs, cultuur en wetenschappen) zou niet langer op de 1e plaats staan, maar op de 4e en Volksgezondheid zou stijgen van de 4e naar de 1e plaats.
Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingshulp (7e plaats) en Defensie (9e) zakken naar de 15e en 16e plaats. Justitie (12e) en Binnenlandse Zaken (10e) stijgen naar de 8e en 7e plaats.

Ongeveer dan, want de totale uitgaven mochten niet worden gewijzigd en volgens deze methode zouden de totale uitgaven zo'n 13 miljard euro lager uitvallen (7 procent van het totaal). Maar het geeft bij benadering weer hoe de prioriteiten verschuiven.

Waar ligt dat aan? Weten de ministers van de gesnoeide departementen hun zaken niet zo goed te verkopen aan het publiek? En geldt dat ook voor bijvoorbeeld minister Klink, die er maar op hamert dat de zorgkosten omlaag moeten?
Krijgen Hirsch Ballin (Justitie) en Ter Horst (Binnenlandse Zaken en Veiligheid) een steuntje in de rug?

Of is voor de burger het hemd nader dan de rok? Eerst geld naar eigen zorg, dan pas naar hulp aan minderbedeelden elders in de wereld. Eerst orde en veiligheid in eigen huis, dan pas vrede stichten in externe brandhaarden.

Zou jij het geld ook verdelen volgens de opinie die het SCP weergeeft? Of tot een geheel andere prioriteitenstelling komen?

Inburgeren bij het leger

Inburgeren bij het leger

Het Amerikaanse leger gaat wellicht een dubbele rol spelen bij problemen rond immigratie.

In 2006 werd de grens met Mexico versterkt met een gigantisch hek en werd de grenspolitie bijgestaan door de Nationale Garde om illegale immigranten tegen te houden.
Daar was niet iedereen het mee eens omdat de troepen al zo zwaar belast waren met de oorlog in Irak. George Bush wilde tegelijkertijd de illegale immigranten die het wel gelukt was binnen te komen, een kans bieden het Amerikaanse staatsburgerschap te verwerven.

Die kans lijkt nu groter te worden. Hoeveel van die immigranten sindsdien een “green card” (tijdelijke verblijfsvergunning) hebben gekregen, weet ik niet, maar voor hen doemt een nieuwe mogelijkheid op, definitief in te burgeren in het land van onbeperkte kansen.

Het leger wil meer immigranten werven, aldus de New York Times. Tijdelijke immigranten die opgenomen worden in Uncle Sam's troepen, kunnen zo binnen een half jaar het Amerikaanse staatsburgerschap verwerven. Het leger hoopt zo op een snelle manier het personeelstekort weg te werken, dat door de activiteiten in Irak en Afghanistan is ontstaan.

De afdeling rekrutering is daar heel positief over, want ze verwachten dat deze doelgroep meer onderwijs, beheersing van vreemde talen en specifieke expertise op gebied van medische zorg, vertaalwerk en terreinverkenning heeft, dan menig geboren en getogen Amerikaan.

Grenswacht en werkgever. En het leger als instrument om de inburgering op gang te helpen? Je ziet Eberhard van der Laan al aanschuiven bij Eimert van Middelkoop. “Zeg Eimert, leuke wervingsspotjes met dat geschikt-ongeschikt. Nu zat ik zo eens te denken….”

Eén probleempje moet dan nog wel worden weggewerkt. In Amerika gaat het niet altijd even goed met de mannen en vrouwen die in den vreemde dienst hebben gedaan en terugkeren in de burgermaatschappij. Geschikt als soldaat, ongeschikt als burger. Niet alleen door trauma's die in diensttijd zijn opgelopen, ook omdat er niet voor iedereen meteen een baan is of men moeite heeft zich los te weken van de legercultuur en zich aan te passen aan die van het leven van alle dag.
Tegenover “inburgeren in het leger”, mag dan wel een “uitsoldaten in de samenleving” staan.

Uitbraken

uitgangVroeger, toen er nog geen WOB was (Wet Openbaarheid bestuur), waren er drie manieren om belangrijke, door de overheid geheim gehouden informatie, boven tafel te krijgen. Een legale manier en twee volstrekt illegale methoden: inbraken en uitbraken.

De legale weg was: via kamervragen en amendementjes een minister dwingen de informatie pubiek te maken. Gewoon de man of vrouw het vuur aan de schenen leggen tijdens kamerdebatten.
Zelden meegemaakt dat die methode tot volledig bevredigende resultaten heeft geleid. Altijd bleef er minstens één partij met het gevoel zitten, niet de hele waarheid boven tafel gekregen te hebben.
Meest
recente voorbeeld: de notulen van een gesprek tussen parlementariër W. en de AIVD. Publiekelijk gemaakt door minister Hirsch Ballin, waarna nog steeds niet helemaal duidelijk was hoe de betekenis van die notulen nou geduid moest worden.

De illegale methoden staan dankzij GroenLinks-kamerlid Duyvendak, weer volop in de belangstellling. Hij bekende een inbraak en nu staat zijn politieke carrière op het spel.
Da's logisch. De dader is bekend, een inbraak is nog steeds een misdrijf en nu de politicus dus zelf zegt een misdadiger te zijn, hoort het tot de hier geldende politieke etiquettes dat heer Duyvendak opstapt.

Het gekke is: dat gebeurt niet onmiddelijk. Hoe kan dat?
Misschien omdat politiek Den Haag in 1985 wel op basis van de gestolen stukken met de regering debateerde en het kabinet zelfs bijna viel?
In een rechtszaak doet illegaal verkregen bewijsmateriaal er niet toe. In de politiek blijkbaar wel. Waarmee het hele Binnenhofcircus zich dus medeplichtig heeft gemaakt aan de activiteiten van Duyvendak.
Tja, dan kan je nu hooguit roepen dat heer Duyvendak zelf de consequenties van zijn stommiteiten moet beoordelen.

Het kan ook zijn dat men in politiek Den Haag wel gewend is aan illegale methoden om informatie naar buiten te krijgen. De inbraak komt niet zo vaak voor. Oneindig veel vaker heeft men te maken met de uitbraak: het lekken van informatie naar pers en of kamerleden.

Bij een enkel departement is dat zelfs een ware plaag. Vanuit het ministerie van Defensie lekken vertrouwelijke adviezen en informatie op usb-sticks in gestage stroom naar buiten.
Het meest populaire lek, dat dankzij RTL4-redacteur en voormalig CDA-woordvoerder Frits Wester bijna jaarlijks tot vermaak leidt, is de miljoenennota. Nog voor de regering die zelf op Prinsjesdag kan presenteren, is er al het een en ander in de openbaarheid te lezen.

Van al die uitbraken zijn maar weinig daders bekend. In een enkel geval wordt een ambtenaar betrapt en die kan dan ook naar huis of wordt overgeplaatst.
In zo'n klimaat is het niet verwonderlijk dat er wel wat ethische discussies worden gevoerd over de handelswijze van Duyvendak, en dat de dader, vooralsnog, op vrije voeten zijn positie mag verdedigen.

Het is wel jammer dat Duyvendak zo lang heeft gewacht met zijn bekentenis. De inbraak is verjaard en hij hoeft dus niet voor de rechter te verschijnen.
Daarmee is de democratie een kans ontnomen om uit te zoeken hoe ver een regering mag gaan in het achterhouden van belangrijke informatie waar de samenleving, vertegenwoordigt door de 2e Kamer, een oordeel over dient te vellen.
Duyvendak had wellicht kunnen aanvoeren dat er niets anders opzat dan een inbraak. De rechter had hem zeker veroordeeld, maar in de publieke opinie zou hij wellicht als een soort Robin Hood ermee weg gekomen zijn.

Nu, helaas, zullen alweer wat mensen een vervelende smaak krijgen over de integriteit van “de politiek”. Dat valt Duyvendak zeker te verwijten en is genoeg om het toneel te verlaten.

Geen gesprek is ook duur.

KabinetWat mag een gesprek dat nooit heeft plaatsgevonden kosten?
Terwijl het kabinet door een deel van de oppositie
getackeld wordt over 3,2 miljoen euro gesprekskosten, ligt niemand wakker van de gesprekken die er helemaal niet zijn geweest en waarvan we de rekening nog gepresenteerd zullen krijgen. Uit de verantwoording (zie dit pdf-document, bldz. 7 t/m 15) die Balkenende zo keurig presenteerde, blijkt dat 5 ministeries niet hebben meegedaan aan de 100-dagen-praten-de-samenleving.
Nou had het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit vorig jaar een geheel eigen '
Tour de la campagne', waar betrokken burgers hun gedachten mochten uiten over een 'vitaal platteland', dat volgens de toenmalige minister Veerman nodig op de schop moest. Dus over de herverdeling van landbouwgrond, recreatiegebieden en natuurreservaatjes had dat ministerie al een aardige babbel met de samenleving gehad. Verder is het huidige kabinet er blijkbaar van overtuigd dat het zo droevig gesteld staat met de eetgewoontes van een gemiddelde democratische burger, dat het geen zin heeft met de samenleving te praten over zo iets als voedselkwaliteit. Het ministerie van LNV heeft dus volgens Balkenende's verantwoording geen kosten gemaakt in die 100 dagen. Niemand die daar wakker van ligt.
Maar kennelijk slapen we zo diep dat we er ook geen ophef over maken dat de ministeries van Justitie, Defensie, Financiën en Binnenlandse Zaken en Koninkrijk Relaties het niet nodig vonden om die 100 dagen nou eens goed te benutten.
Van Financiën was dat te verwachten. Minister Bos is daar van begin af aan duidelijk over geweest. Bij de presentatie van het regeerakkoord heeft hij al gezegd het luisteren naar de samenleving zo zijn beperkingen zou kennen. En natuurlijk zit niemand te wachten op het obligate geouwehoer over de belastingen, dat op een verjaarspartijtje nog wel eens de kop op steekt. Maar helemaal geen gesprek? Niet eens even peilen hoe de samenleving denkt over welke marges de Zalm-norm onder Bos mag hebben? En is een opvatting over de besteding van de aardgasbaten alleen het pregoratief van ministers van Financiën? Reken maar dat het gesprek dat Financiën niet met de samenleving heeft gevoerd, ons nog duur komt te staan. Wellicht is het tijdelijk bevriezen van de accijns op bezine het eerst en tevens laatste meevallertje dat het ministerie van Financiën ons gunt. Op andere ideeën is men niet gekomen omdat er de eerste 100 dagen niet is geluisterd naar de samenleving.
En zo wil ook Justitie kennelijk niet van de burger horen of er nog wensen zijn op gebied van juryrechtsspraak, wil Defensie echt niet horen dat een groeiend aantal burgers liever 'onze jongens' zo snel mogelijk thuis ziet komen en heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken geheel eigen ideeën over veiligheid en persoonsgegevens.
Zo erg is het natuurlijk niet. De vijf genoemde ministeries komen niet in Balkenende's verantwoording voor omdat zij, tijdens die 100 dagen, geen beroep hebben gedaan op derden, maar op kosten van hun eigen begroting wat overleg met de samenleving hebben gehad. Een werkbezoekje hier en een regulier overlegje daar waren voor die ministeries kennelijk genoeg. Werken die vijf ministeries zo efficiënt dat de oppositie wellicht gelijk heeft en dat 3,2 miljoen euro schromelijk overdreven is? Of zou er niet minstens 1 Kamerlid de vraag moeten stellen waarom die vijf ministeries het niet nodig hebben geacht hulp van buitenaf in te roepen om het contact met de samenleving te verdiepen?
Het zijn niet de minste ministeries dus enige tekst en uitleg lijkt me wel op zijn plaats. Want het zou toch ook nog zo kunnen zijn, dat alle andere ministeries voor 3,2 miljoen euro zodanig zijn ingelicht door de samenleving, dat diezelfde samenleving nu ook waar voor dat geld gaat krijgen? En dat goedkoop straks duurkoop blijkt te zijn op het gebied van landbouw, strafrecht, belastingen, vredesmissies en binnenlandse democratie?